Ethiopische joden vasten voor vertrek naar het beloofde land

Meer dan duizend Ethiopiërs met joodse wortels zijn gisteren in hongerstaking gegaan om snelle migratie naar Israël af te dwingen. Ze wonen al jaren in kampen vlakbij de Israëlische ambassade in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba en het Israëlisch consulaat in Gondar in de hoop op vertrek naar het beloofde land.

Eerder heeft de Israëlische regering beloofd dat de 17.000 tot 20.000 leden van de Falasha Mura-groep voor het eind van 2007 naar Israël zullen worden overgebracht. Maar de hongerstakers willen dat Israël meer haast maakt.

Ze wijzen op de erbarmelijke omstandigheden waaronder sommigen al acht jaar bivakkeren. ,,We dolen al meer dan 2.000 jaar. Israël is onze thuis'', zei een van hun leiders.

Er wonen al zo'n 80.000 Ethiopische joden in Israël. De meesten zijn naar Israël gebracht tijdens de grote reddingsoperaties Moses en Salomon. In 1984 werden 15.000 Ethiopische joden overgevlogen uit vluchtelingenkampen in Soedan waar ze dreigden te verhongeren. In 1991 werden aan het eind van de burgeroorlog in Ethiopië nog eens 20.000 Falasha's naar Israël gehaald.

De komst van de Falasha Mura naar Israël is in dat land omstreden, omdat ze niet als joden worden erkend. Ze zijn in de negentiende eeuw onder dwang tot het christendom bekeerd en een deel van hen heeft pas veel later de joodse godsdienst weer opgepakt. Critici zeggen dat ze hun joodse afkomst alleen gebruiken als voorwendsel om de armoe in Ethiopië te ontvluchten. Ze komen pas in aanmerking voor het Israëlisch staatburgerschap na een joods inburgeringsproces van twee jaar.

Volgens de mythe zijn de joden meer dan 2.000 jaar geleden in Ethiopië terechtgekomen nadat de koningin van Sheba de joodse koning Salomon had bezocht. Wetenschappers houden het erop dat Ethiopische stammen meer dan 1.600 jaar geleden tot het jodendom zijn overgegaan onder invloed van uit Egypte of Jemen afkomstige joden.

Onder Ethiopische joden die naar Israël zijn getrokken, zijn armoede en werkloosheid wijdverbreid.