Via internet kan een arts niet werken

Er moet een achterliggende reden zijn voor de stelselmatige verkondiging van onwaarheden omtrent de huisarts. Zo beweert Kieke G.H. Okma uit de losse pols dat het gemiddelde inkomen van de Nederlandse huisarts het hoogst niveau in Europa bereikt. Het noemen en vergelijken van een gemiddeld inkomen zonder daarbij in beschouwing te nemen voor hoeveel mensen hoeveel werk wordt verricht, zegt niets. De huisarts in Nederland heeft de grootste praktijk in Europa en kent de hoogste consultconsumptie. Uit onderzoek in 30 Europese landen scoort de Nederlandse huisarts het hoogst in de categorieën: acute problemen, gezondheidsproblemen van kinderen, van vrouwen en bij psychosociale problemen. Samen met de collega's uit Ierland, Spanje, Groot-Brittannië en Frankrijk heeft de huisarts in ons land het breedste takenpakket. Zijn verwijspercentage is op één na (Ierland) het laagst en Nederland staat op de laagste plaats als het gaat om het aantal voorschriften antibiotica in vergelijking met de andere Europese landen. Economisch is de Nederlandse huisarts van eminente betekenis, zou je denken.

Okma's nogal makkelijke visie op modernisering van de huisartsenpraktijk brengt ons onder meer e-consulting, terwijl de kern van het werk van de huisarts juist ligt in het persoonlijke contact en de fysieke beoordeling. Hoe kan een huisarts serieus longen beluisteren, een knie onderzoeken, oren inspecteren, een depressie diagnosticeren of stervensbegeleiding bieden: via internet?

Het beeld dat de huisarts anno 2005 met de rug naar de patiënt toe met twee vingers gegevens intikt, is even schofferend voor de beroepsgroep als de ongefundeerde stelling dat praktijkverpleegkundigen beter in staat zijn diagnoses te stellen omdat zij beter zouden luisteren.

Haar pleidooi om zo snel mogelijk door te verwijzen bij psychosociale problemen, gaat gemakshalve voorbij aan de lange wachttijden bij GGZ-instanties. De patiënt zal zich in de tussentijd toch weer tot de huisarts wenden. Voeg dit bij het gebrek aan continuïteit dat de GGZ-hulpverleningsprocessen vaak kenmerkt en de drastische inperking van de vergoedingen voor de eerstelijnspsycholoog door de overheid (beperkt tot 8 sessies, vaak net genoeg om een vertrouwensrelatie op te bouwen) en het is duidelijk dat haar voorstel inhoudsloos is. De huisarts functioneert al ruim 100 jaar uitstekend en tot grote tevredenheid en met steun van zijn patiënten.

    • Rob Schonck
    • Alphen aan de Rijn
    • Hans Nobel