Troonrede persoonlijker van toon

De toon van de troonrede die koningin Beatrix vanmiddag uitsprak, is anders dan in voorgaande jaren. De koningin begon de rede in de eerste persoon enkelvoud met een dankwoord van haarzelf en haar familie voor de viering van haar 25-jarige regeringsjubileum.

De koningin eindigde de troonrede eveneens met een persoonlijke opmerking, verwijzend naar woorden van haar moeder, prinses Juliana. Tijdens haar afscheidstoespraak in 1980 zei toenmalig koningin Juliana dat ze heeft willen ,,helpen streven naar die samenleving, waarin men respect heeft voor wat een ander beweegt''. Die woorden blijven volgens Beatrix ,,onverminderd van belang''. Voor het overige sprak de koningin als staatshoofd over het regeringsbeleid.

Premier Balkenende zei vanmorgen dat gekozen was voor deze twee perspectieven, omdat sprake is van een bijzonder jaar in verband met het jubileum van de koningin. Daarom was er volgens hem ruimte voor een ,,persoonlijk woord'' van de koningin. In 1999 gaf de koningin ook een persoonlijke tint aan de troonrede, door te verwijzen naar haar grootmoeder, koningin Wilhelmina.

Vorige maand pleitte oppositieleider Bos (PvdA) voor een persoonlijker opzet van de troonrede. Hij wil, zo zei hij, ,,de koningin de gelegenheid geven een eigen inhoudelijk en zinvol betoog te houden in plaats van haar een boodschappenlijstje te laten voorlezen dat iedereen al lang kent''. Volgens Bos is daarnaast een hervorming van prinsjesdag nodig. Zo moet elk kabinetsbesluit over de begroting direct openbaar gemaakt worden en moeten kabinetsleden niet wachten tot prinsjesdag zelf.

Premier Balkenende zei in reactie op de uitspraken van Bos dat een aanpassing van de troonrede niet aan de orde is. Overigens kwam de premier deze zomer al wel naar buiten met enkele maatregelen uit de miljoenennota. Dit kwam hem op kritiek te staan van ChristenUnie-leider Rouvoet, die een `uitholling' van prinsjesdag vreest.