In 2006 invoering van verplichte inburgering

2006 moet het oogstjaar worden voor minister Verdonk (Vreemdelingenzaken en Integratie, VVD). De verplichte inburgering voor zowel nieuwe migranten als voor degenen die hier al lang zijn maar nog steeds geen of gebrekkig Nederlands spreken, moet dan zijn ingevoerd. ,,De noodzaak daartoe heeft niets aan actualiteit ingeboet'', aldus Verdonk in de Jaarnota Integratiebeleid 2005. ,,We hebben te maken met een snel groeiende niet-westerse bevolking, die in toenemende mate geconcentreerd leeft in de grote en middelgrote gemeenten.''

Nieuwe wet Inburgering

De nieuwe wet Inburgering in Nederland gaat gelden voor alle migranten zonder Nederlands paspoort en voor genaturaliseerde Nederlanders die opvoeders zijn van jonge kinderen, uitkeringsgerechtigd zijn of geestelijk leider. Slagen zij binnen vijf jaar niet voor dat inburgeringsexamen, dan krijgen ze geen permanente verblijfsvergunning of ze krijgen, als ze hier al wonen, een boete van de gemeente. Voor de inburgeringstrajecten is in 2006 200 miljoen euro beschikbaar en in 2007 222 miljoen euro.

Verdonk heeft voor 2006 318 miljoen op de begroting voor integratie. Daarvan is 22,5 miljoen euro specifiek bedoeld voor allochtone vrouwen, ondere andere voor taallessen.

Accent op gedwongen terugkeer

In het vreemdelingenbeleid (831,3 miljoen euro in 2006) blijft het accent liggen op de gedwongen terugkeer naar het land van herkomst van met name de groep asielzoekers die al voor de nieuwe vreemdelingenwet (april 2001) naar Nederland kwamen en nu uitgeprocedeerd zijn. Ruim de helft van de 26.000 dossiers is inmiddels afgewerkt.