Financiële alfabetisering

De hoopvolle geluiden vandaag vanuit de Ridderzaal doen niets af aan een hardnekkig probleem: de pensioenrecessie. Door de inzakkende beurzen zagen de pensioenfondsen hun beleggingen zo hard in waarde teruglopen dat ze alle zeilen moeten bijzetten om hun toezeggingen te kunnen nakomen. Daarvoor bleek meer nodig dan aanpassing van de beleggingsportefeuilles. De fondsen gingen hogere premies heffen en beperkten hun toezeggingen.

De pensioenpremies als percentage van de brutoloonsom zijn gestegen van 9 procent eind jaren '90 tot 16 procent nu. Zo ontstond de pensioenrecessie: de werknemers zagen hun besteedbaar inkomen dalen en de winkeliers de bestedingen. Volgens het CPB zal de consumptie in 2006 met 3,4 procent zijn gedaald en het bruto binnenlands product met 1,9 procent. De hogere premie zal er ook toe leiden dat de werkloosheid dan met 1,8 procent extra is toegenomen en het overheidstekort met 3,2 procent.

Met dergelijke cijfers is niemand blij. Daarom is het verleidelijk om te kiezen voor de andere oplossing: het beperken van de pensioentoezeggingen. De `kwaliteit' van het pensioen is achteruitgegaan. Het eindloonstelsel is geruisloos vervangen door het middelloonstelsel en de indexatie op basis van lonen of prijzen is nog zelden volledig. Diverse fondsen speculeren op de overgang van vastgestelde pensioenuitkeringen naar beschikbare premies, waarbij je slechts kunt rekenen op een som geld die je hebt ingelegd in het pensioenfonds en die intussen harder of langzamer is gegroeid.

Dit is allemaal gebeurd na overleg tussen de sociale partners. De vakbeweging is daarmee partij in dit `pensioencontract'. En de deelnemers in de pensioenfondsen zelf? Het is zeer de vraag of zij zouden hebben ingestemd met deze uitholling. Als individuele werknemer of gepensioneerde krijg je niet de kans te kiezen tussen premiestabiliteit of volledige indexatie. Het pensioencontract leidt tot premiestabiliteit en wie dat niet wil, heeft pech. Solidariteit verhoudt zich nu eenmaal slecht tot maatwerk.

De Nederlandsche Bank controleert of de pensioenfondsen er goed voorstaan. Daarbij wordt alleen gekeken in hoeverre de pensioenfondsen hun toezeggingen uit het pensioencontract kunnen nakomen. Het toezicht gaat niet over de soort toezeggingen, dus het heeft weinig zin De Nederlandsche Bank te verwijten dat de kwaliteit van het pensioen achteruitgaat.

Ook de eisen waaraan de pensioenfondsen vanaf januari 2007 moeten voldoende, zullen hier geen invloed op hebben. Sterker nog, hoewel dit zogeheten financiële toetsingskader door velen als behoorlijk streng wordt ervaren, is nu al duidelijk dat een volledige koopkrachtbescherming er niet mee gewaarborgd is. Deze moet uit gunstige toekomstige beleggingsresultaten komen. Bovendien staat de rente uitzonderlijk laag, waardoor de balans tussen toekomstige bezittingen en verplichtingen voor de pensioenfondsen verslechtert.

Gelukkig hebben de meeste aanstaande gepensioneerden nog even de tijd. Berekeningen van het ABP leren dat door de normale conjuncturele fluctuaties een aanzienlijk deel van de huidige problemen wordt opgevangen, zodat niet alle tekorten meteen tot hogere premies leiden. De tijd heelt daarmee een gedeelte van de wonden.

Ondertussen vertrouwt de burger het niet, zo blijkt uit peilingen van het CBS. Bij hun metingen van het consumentenvertrouwen gaat het om de eigen financiële situatie en de ontwikkeling van de economie als geheel. Na alle negatieve verhalen over de economische ontwikkeling zijn de consumenten voor de zekerheid maar wat meer gaan sparen.

Hoewel dit voor henzelf soms heel verstandig is, pakt het ongunstig uit voor de economische groei. Wanneer de burger daar een ongunstig beeld over heeft, is het des te belangrijker dat hij weet hoe zijn pensioen er voor staat. Meestal weet hij dat helemaal niet, want de jaaropgaven van het pensioenfonds zijn ingewikkeld en het pensioen is nog ver weg. Natuurlijk beseffen we allemaal dat we nu om ons pensioen moeten denken, maar we moeten ook vaker bewegen, onze tanden flossen en nog heel veel meer verstandige dingen doen. De Nederlandsche Bank zorgt goed voor onze bankbiljetten en de depositogarantie van onze rekeningen bij de banken, dus dan zal het met die pensioenfondsen ook wel in orde zijn, toch?

Ja, dat is waar, maar het is niet genoeg. De burger moet zelf maatregelen treffen om zijn pensioen op het gewenste peil te houden, want de conjunctuur kan niet alle verliezen goedmaken. Het moet duidelijk worden dat actie nu echt nodig is. In oktober komt de volgende campagne van pensioenkijker.nl er aan. De werknemer moet de urgentie voelen, zonder daarmee vertrouwen te verliezen. Dat kan door een grotere financiële zelfstandigheid. In diverse landen zijn goede ervaringen opgedaan met `financiële alfabetisering', waarbij particulieren leren hoe ze in financieel opzicht beter voor zichzelf kunnen zorgen.

De resultaten van financiële alfabetiseringsprojecten zijn wetenschappelijk onderzocht. De basiscursisten namen verstandiger beslissingen over bankieren, kredieten, spaarvormen en het pensioenstelsel. Cursussen voor gevorderden bleken minder invloed te hebben. Van belang bleek het basisniveau van de financiële kennis, want daardoor kregen cursisten meer zelfvertrouwen. Niet langer voelde men zich overgeleverd aan tussenpersonen en adviseurs van financiële instellingen, maar kon men eigen beredeneerde keuzes maken. De geïnformeerde financiële consument staat steviger in zijn of haar schoenen.

Financiële alfabetisering slaat meer vliegen in één klap. De consument neemt verstandiger beslissingen en zijn zelfvertrouwen neemt toe. Op grond van een beter inzicht in de eigen financiële positie ontstaat er meer durf om geld uit te geven en ook een positiever beeld over de economie als geheel. Uitgeven wat kan en sparen wat moet; dat maakt de financiën op individueel niveau en op macroniveau gezonder.

Financiële alfabetisering levert zoveel op dat het valt te overwegen het op te nemen in het lespakket op de middelbare school. We leren scholieren toch ook huishoudelijke vaardigheden? Dan mogen financiële vaardigheden zeker niet ontbreken. Pensioen moet je doen, want de tijd heelt niet alle wonden.

Fieke van der Lecq is hoofdredacteur van Economische Statische Berichten en verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam

    • Fieke van der Lecq