Een lange geschiedenis van list en bedrog

Het akkoord met Noord-Korea over zijn nucleaire programma is misschien een doorbraak. Maar er zijn eerder overeenkomsten gesloten die uiteindelijk tot niets hebben geleid.

Het gisteren in Peking gesloten nucleaire akkoord rond Noord-Korea is vooral van belang voor de status van het NPV, het verdrag tegen verspreiding van kernwapens. Het onderstreept dat een land zich niet zomaar uit dat verdrag kan terugtrekken. En het erkent het Internationale Agentschap voor Atoomenergie (IAEA) als hét instituut dat naleving van het NPV controleert. Ook in het slepende conflict rond Iran kan dit een rol spelen.

Daarnaast is het akkoord een succes voor China dat er nieuw politiek gezag mee verwerft. Tot enkele jaren geleden werden de Noord-Koreaanse atoom-crises vooral in bilateraal overleg tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten bezworen. Dat nu landen als China en Rusland (via het zogeheten zespartijenoverleg onder leiding van China) zijn betrokken bij de overeenkomst, kan van invloed zijn op de besluitvaardigheid van de Veiligheidsraad, als die met de kwestie te maken krijgt.

Die kans is groot, want de Noord-Koreanen hebben een lange geschiedenis van geschonden overeenkomsten en bedrieglijke verklaringen. De nieuwe overeenkomst is zó vaag dat een verschil in interpretatie van de inhoud niet kan uitblijven.

De notitie dat Noord-Korea `alle bestaande nucleaire programma's' zal opgeven staat haaks op de ook in de tekst opgenomen Noord-Koreaanse constatering dat het land recht heeft op vreedzaam gebruik van kernenergie. Ook ontbreken heldere tijdslimieten.

Het conflict rond Noord-Korea heeft steeds gedraaid om de `tweede reactor' waarvan het bestaan pas halverwege de jaren tachtig werd ontdekt. Dat was rond het moment (1985) waarop Noord-Korea zich onder Sovjet-druk aansloot bij het NPV. Die stap moest de weg banen voor levering van vier Russische reactoren (die nooit zijn gearriveerd.) Tot dan was alleen een kleine Russische onderzoeksreactor geleverd, de `eerste' reactor dus. Die stond onder IAEA-toezicht.

De `tweede' reactor, in het geheim in 1979 in aanbouw genomen, was van Noord-Koreaans ontwerp. Het bestaan ervan werd in 1989 in de Amerikaanse pers onthuld, inclusief de toevoeging dat er ook een fabriek voor plutonium-terugwinning in aanbouw leek. Prompt werd de reactor een plutonium-reactor genoemd. Satellietfoto's toonden aan dat de reactor maandenlang stil had gelegen (dan komt er geen stoom uit de koeltoren). Daaruit is afgeleid dat er splijtstof was verwisseld met genoeg plutonium voor ongeveer twee kernbommen.

Toen Noord-Korea in 1992 volgens NPV-verplichting de inventaris toonde van de nucleaire bezigheden, prijkten tweede reactor èn opwerkingsfabriek inderdaad op de lijst. De IAEA-inspecteurs die in Noord-Korea aan het werk gingen meldden dat ze geloofden dat er al splijtstof was opgewerkt, al wisten ze niet hoeveel. Noord-Korea had een heel andere verklaring gegeven. Dit was het begin van het conflict.

De IAEA, wijs geworden in Irak, stelde zich hard op en Noord-Korea dreigde op zijn beurt het NPV weer te verlaten. De IAEA-inspecteurs werden gehinderd of tegengehouden. In bilateraal overleg met de VS (in Genève) wordt de crisis weer enigszins gedempt. Toch dreigt president Clinton met zware vergelding als Zuid-Korea met een kernwapen wordt aangevallen. De IAEA-inspecteurs mogen weer terug, het is dan begin 1994.

In 1994 ontstaat een gevaarlijke crisis als Noord-Korea de plutonium-reactor plotseling weer stil legt en alle splijtstof verwijdert zònder IAEA-toezicht. Het betekent dat opnieuw plutonium voor ongeveer vier bommen beschikbaar komt. De VS maken zich op voor militair ingrijpen, maar de crisis wordt bezworen door oud-president Carter. In het befaamde `Agreed Framework' belooft Noord-Korea bevriezing van alle nucleaire activiteiten. In ruil daarvoor krijgt het aardolie en twee splinternieuwe kernreactoren van een soort waaruit niet makkelijk bruikbaar plutonium is te halen.

Tot aan 2001 blijft het ploeteren met de uitvoering van het akkoord. Er wordt een nieuw, niet opgegeven nucleair complex ontdekt en de IAEA tobt geweldig met de verificatie van de Noord-Koreaanse opgaven. In augustus 1998 schiet Noord-Korea een raket over Japan heen en later volgen nog meer raketproeven. Minister van buitenlandse zaken Madeleine Albright laat zich in oktober 2000 nog paaien met mooie beloftes, ze bezoekt Pyongyang, maar voor de in januari 2001 ingehuldigde president Bush is de maat vol. Hij kiest voor de harde lijn en deelt Noord-Korea in 2002 in bij `de as van het kwaad'.

Feitelijk betekent dat het einde van het toch al gammele Agreed Framework. In hoog tempo arriveert nu slecht nieuws. Noord-Korea blijkt, in samenwerking met Pakistan (dankzij de inzet van Abdul Khan), ook te werken aan uranium-verrijking (2002), verlaat alsnog het NPV (2003) en meldt het bezit van kernwapens (2005). Ook is de tweede reactor weer in bedrijf. Mochten IAEA-inspecteurs inderdaad weer worden toegelaten dan zullen die zeker jaren werk hebben om de illegale Noord-Koreaanse activiteiten in kaart te brengen.

    • Karel Knip