Sjacheraar

Is sjacheraar een antisemitisch woord? En zo nee, kan het dat dan worden wanneer een jood een sjacheraar wordt genoemd? Doet het er vervolgens iets toe dat sjacheraar van oorsprong Hebreeuws is?

Over deze vragen heeft een Amsterdamse rechtbank zich onlangs uitgesproken en dat is bijzonder, want het is zeer ongebruikelijk dat rechters iets zeggen over de gevoelswaarde van een woord.

De hele kwestie begon op 2 maart 2004, toen televisierecensent Wim de Jong in de Volkskrant Hans Knoop een ,,oude journalistieke sjacheraar'' noemde. Knoop was zeer gegriefd. Hij voelde zich niet alleen beroepsmatig aangevallen, maar ook als jood. Volgens Knoop had sjacheraar een duidelijk antisemitische lading en daarom verdacht hij De Jong van een ,,antisemitische grondhouding''.

Knoop stuurde een ingezonden brief naar de Volkskrant, maar die werd niet geplaatst. Wel sprak de `ombudsman' van de Volkskrant zich over deze kwestie uit. De ombudsman pakte de Grote Van Dale erbij en stelde vast dat sjacheraar daarin onder meer wordt omschreven als ,,iemand die minderwaardige, ongeregelde of bedrieglijke handel drijft''. Sjacheraar was een ,,uitermate negatieve kwalificatie'', oordeelde de ombudsman, die niet had mogen worden gebruikt.

Voor Knoop zou de zaak zijn afgedaan als de Volkskrant onomwonden haar excuses had aangeboden, maar aangezien dit niet gebeurde, stapte hij naar de Raad voor de Journalistiek. Wim de Jong kwam daar uitleggen dat hij helemaal niet wist dat Knoop joods was en dat hij eigenlijk ,,het veel vriendelijkere, ecologische woord scharrelaar'' had willen gebruiken. Het was ook niet bekend dat sjacheraar uit het Hebreeuws afkomstig is.

De Raad deed een nogal slappe uitspraak. Het was de vraag, oordeelde de Raad, of met de aanduiding ,,oude journalistieke sjacheraar'' grenzen waren overschreden. Maar de ombudsman had ,,de voor Knoop essentieel te achten joodse connotatie'' van sjacheraar wel moeten vermelden en Knoops brief had moeten worden geplaatst. Om die redenen achtte de Raad de klacht gegrond.

De ruzie tussen de Volkskrant en Knoop was hiermee ten einde, maar op 5 augustus 2004 goot misdaadverslaggever Bart Middelburg olie op het vuur door in Het Parool te schrijven dat er wel degelijk gronden waren om Knoop ,,in meer opzichten'' een sjacheraar te noemen. Knoop eiste een rectificatie en een schadevergoeding van 25.000 euro, en toen hij die niet kreeg, stapte hij naar de rechter. Die rechter heeft Knoop nu onlangs in het ongelijk gesteld. ,,Van een antisemitische uitlating'', vonniste de rechter, ,,is zonder bijkomende omstandigheden, geen sprake. Het woord sjacheraar heeft geen antisemitische lading. [...] Het woord is niet uitsluitend van toepassing op joden. Het enkele feit dat het woord sjacheraar een Hebreeuwse etymologie heeft maakt evenmin dat er sprake is van een antisemitische lading.''

Is dit een juiste beslissing? Dat denk ik zeker. Natuurlijk, er bestaat een antisemitisch vooroordeel dat joden onbetrouwbare handelaren zijn. Maar dat is niet onlosmakelijk verbonden met het woord sjacheraar. Over negers bestaat het racistische vooroordeel dat zij lui zijn. Maar als ik een neger ,,een oude luibak'' zou noemen, zou dit luibak dan tot een racistisch woord maken? Nee, natuurlijk niet. En dat sjacheraar teruggaat op het Hebreeuws doet er niets toe. Het ongunstige kolerelijer, waar een Frans element in zit (namelijk colère), is daarom nog geen anti-Frans woord.

Volgens mij is het hele dispuut over het woord sjacheraar geen taalkundige maar een sociologische kwestie. Het laat zien dat er sinds de shoah in de joodse gemeenschap een grote gevoeligheid heerst voor alles wat zweemt naar antisemitisme. Dat is goed te begrijpen, maar het gaat soms wel erg ver.

Reacties naar sanders@nrc.nl

    • Ewoud Sanders