Kabinet schrijft grondwet EU niet af

De regering behoudt zich het recht voor ,,terug te komen'' op het Europees Grondwettelijk Verdrag dat op 1 juni per referendum werd verworpen. Dit blijkt uit kabinetsstukken die morgen, op prinsjesdag, openbaar worden.

In de Tweede Kamer laten SP en VVD op voorhand weten bezwaren te hebben tegen deze benadering. ,,Dit is een onbegaanbare weg'', meent Kamerlid Van Bommel (SP). Coalitiepartij VVD meent, bij monde van Kamerlid Van Baalen, dat het kabinet zoekt naar ,,ruimte'' om toch nog iets te doen met de Europese Grondwet: ,,Dat is onverstandig. De regering moet ervan uitgaan dat het verdrag definitief gestrand is. Er moet ook geen Grondwet light komen.'' Premier Balkenende had eerder de Tweede Kamer verzekerd dat de Europese Grondwet wat hem betreft van de baan is.

In de Staat van de Unie, het kabinetsstuk over de EU, staan twee momenten genoemd waarop een eventuele Nederlandse ratificatie van de Grondwet nader moet worden bezien. De eerste is de Europese raad in juni 2006, die zich over de tot dusver in Nederland en Frankrijk afgewezen Grondwet zal buigen. ,,De vraag hoe om te gaan met een verdrag dat in een groot deel van de lidstaten wel en in andere lidstaten niet is geratificeerd, is (..) onvermijdelijk, ook in Nederland. De regering komt in een later stadium separaat op het grondwettelijk verdrag terug.''

Als tweede moment voor mogelijke heroverweging ziet het kabinet de afronding van de `brede maatschappelijke discussie' over Europa. Bij de begroting 2006 van Buitenland Zaken is een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau gevoegd, waaruit blijkt dat de kiezer op 1 juni niet tegen de EU of de Grondwet heeft gestemd, maar slechts onvrede over de Europese besluitvorming tot uitdrukking heeft gebracht. De regering meent dat de eveneens in juni 2006 af te sluiten discussie over Europa een remedie tegen dit euvel is.

    • Raymond van den Boogaard