De `speciale handjes' van Riëtte

Riëtte Fledderus (27) is onder bondscoach Avital Selinger teruggekeerd als eerste spelverdeelster van het nationale vrouwenvolleybalteam. ,,Riëtte brengt rust in het veld. Ze schiet nooit in de stress.''

In het volleybal heb je geboren en gemaakte spelverdelers. Riëtte Fledderus, spelverdeelsters van het Nederlands vrouwenteam en nu actief bij het Europees kampioenschap in Kroatië, behoort tot de categorie met een natuurlijk gevoel voor de bal. Je zou haar een spelverdeelster met `speciale handjes' kunnen noemen. Zij beschikt over een mooie techniek en speelt intuïtief de juiste aanvalster op het juiste moment op de juiste manier aan.

Juist om die reden deed Ingrid Visser, aanvoerster van het Nederlands team, in 2003 zoveel moeite Fledderus te bewegen tot een terugkeer bij de nationale selectie, nadat ze boos de benen had genomen. Zonder resultaat, want de spelverdeelster was destijds niet te vermurwen. De kleine Drentse was gebotst met de toenmalige bondscoach Angelo Frigoni uit Italië en had voorgoed bedankt als international. Alles mooi en aardig, vond Fledderus, maar met een coach die zijn spelverdeelster respectloos behandelt, wilde ze niet langer samenwerken. Hij had haar het plezier in volleybal ontnomen.

Het conflict ontstond nadat Frigoni voor Kim Staelens koos, terwijl Fledderus zich een betere spelverdeelster vindt, een opvatting die volgens haar werd gedeeld door het gros van de speelsters. Ze wilde dat niet accepteren. Dat had ze naar eigen zeggen wel gekund als haar vervangster aantoonbaar beter zou zijn geweest. Maar haar moeder Jantina, die in Kroatë dagelijks de verrichtingen van haar dochter vanaf de tribune volgt, ziet dat iets anders. ,,Riëtte zegt zelf dat ze het kan opbrengen, maar ik heb eerlijk gezegd mijn twijfels.''

Door Fledderus' vertrek hadden de achtergebleven internationals vervolgens een probleem; die waren hun anker kwijt. De afstemming die zo belangrijk is bij volleybal, was verdwenen. En hoezeer Fledderus' vervangsters Kim Staelens, Jettie Fokkens of Suzanne Freriks ook hun best deden, zij slaagden er niet in de geest van Fledderus te verjagen. Het leek wel of er een beetje zand in de machine was gestrooid.

Maar één belletje van Avital Selinger, de opvolger van Frigoni als bondscoach, volstond vorig jaar om Fledderus tot een rentree te bewegen. Niet dat ze aan de telefoon al een toezegging deed, maar gevoelsmatig wist de spelverdeelster dat ze Selingers invitatie zou accepteren. De bedenktijd die Fledderus vroeg, was meer om zichzelf tot nadenken te dwingen.

,,Ik heb het vooral gedaan om mijn carrière als international goed te kunnen afsluiten'', zegt ze. ,,Ik had al van de speelsters enthousiaste verhalen over Selinger gehoord en uiteindelijk dacht ik: laat ik het een jaar proberen en kijken of ik het nog leuk vind. En dat bleek het geval, zodat ik dit jaar ben gebleven. Want ik bekijk het van jaar tot jaar. Ik verbind me niet tot deelname aan een volledig programma tot en met de Spelen van 2008. Ik wil ruimte houden om voor die tijd te stoppen.''

Om die reden is het best bijzonder dat Fledderus vanaf haar terugkeer de eerste en onomstreden spelverdeelster is. Selinger vindt de routinier dermate belangrijk voor het team dat hij haar voorbehoud voor de toekomst accepteert. ,,Zij voldoet aan alle eisen waaraan een spelverdeelster moet voldoen'', zegt Selinger, zelf een oud-spelverdeler. ,,Te klein? Geenszins. Ze is niet lang, dat is waar, maar haar kracht ligt uitgerekend in haar netspel. Bovendien is ze snel en kan ze goed verdedigen. Maar Riëtte past vooral goed bij ons speltype, dat gebaseerd is op hoogte en kracht. Een persoonlijkheid is ze ook, maar vooral in de zin dat ze zich laat horen op momenten dat het moet. En dan zegt ze ook altijd zinnige dingen.''

Fledderus mag de lijnen in het veld uitzetten, ze mist de dominantie om aanvoerster van het team te zijn. Dat is Ingrid Visser, die al vanaf alle nationale jeugdselecties met Fledderus samenspeelt en haar ,,mijn maatje'' noemt. Zij roemt vooral de stabiliteit van Fledderus. ,,Riëtte is technisch heel goed en brengt rust in het veld. Die uitstraling slaat over op de ploeg. Ze schiet nooit in de stress. Die speciale band in het veld heb ik tijdens haar afwezigheid erg gemist.''

Om die reden heeft Visser haar best gedaan Fledderus komend seizoen mee te krijgen naar haar club Tenerife. Maar dat is mislukt, omdat de spelverdeelster voor haar laatste jaar in een buitenlandse competitie heeft gekozen voor het geld. Fledderus: ,,Ik ga naar Terra Sarda Tortoli op Sardinië, omdat die club me de beste aanbieding deed. Ik heb vele jaren in het buitenland gespeeld en keer volgend jaar voorgoed terug naar Nederland, dat staat vast. Maar voor die tijd wil ik nog een financiële klapper maken.''

En zo nadert het einde van een carrière die twintig jaar geleden begon bij DOK in haar geboorteplaats Dwingeloo. Ze was lid geworden, omdat haar twee jaar oudere zus volleybalde. Haar talent werd snel ontdekt, met als gevolg dat Fledderus al op jonge leeftijd de richting van topsport werd opgeduwd. Deels tot teleurstelling van haar moeder Jantina, die het betreurt dat ze na de havo haar vwo-studie heeft afgebroken. ,,Ik vind het jammer dat Riëtte geen beroepsopleiding heeft afgerond. Nu moet ze op latere leeftijd nog een vak leren. Positief is dat ze goed heeft verdiend en vroeg zelfstandig is geworden; Riëtte kan heel goed haar eigen zaakjes regelen.''

Fledderus' hoogtepunt als speelster kwam toen ze als zeventienjarige tiener, samen met leeftijdgenote Elles Leferink, in de nationale ploeg debuteerde en in datzelfde jaar in eigen land Europees kampioen werd. Dat was in 1995, precies tien jaar geleden. Alsof ze al jaren in de nationale ploeg speelde, leidde ze routiniers als Cintha Boersma, Erna Brinkman en Henriëtte Weersing naar de Europese titel, een prestatie die nadien niet is geëvenaard.

Tegenover De Twentse Courant/Tubantia zei Fledderus over dat memorabele toernooi: ,,Ik realiseerde me niet hoe bijzonder dat eigenlijk was. Ik kwam zo vanuit de nationale jeugdploeg in het Nederlands team en werden meteen Europees kampioen. Ik dacht: zo zal het dus altijd wel gaan. Dus niet, want nadien hebben we nooit meer iets gewonnen. Ik weet nog wel dat ik bij het ontbijt voor onze eerste wedstrijd Boersma, Brinkman en Weersing hoorde zeggen: `Shit, die sterke speelster is er ook bij. En die, en die.' Ik dacht toen: Het zal best. Ik kende ze niet. Zo onbevangen was ik toen.''

Als Fledderus volgend jaar terugkeert naar Nederland, gaat de 289-voudige international spelen voor Martinus, het team waar bondscoach Selinger alle internationals wil onderbrengen. ,,Het is de manier om bij de wereldtop te komen'', zegt Fledderus. ,,Dat bewijzen de resultaten, want we zijn er de laatste twee keer niet in geslaagd ons te plaatsen voor de Olympische Spelen. En met een goede trainer als Selinger heb ik er vertrouwen in. Ik heb dit jaar nog niet voor Martinus gekozen vanwege het geld, maar ook omdat ik niet drie jaar zomer en winter tegen dezelfde gezichten wil aankijken. Ik vind twee jaar een overzichtelijke periode.''

De kritiek dat jonge speelsters dit seizoen al moeten kiezen voor een laag salaris bij Martinus en routiniers als Fledderus, Huurman en Visser later aanschuiven, omdat ze nog een jaar veel geld kunnen verdienen, deelt de spelverdeelster niet. In De Twentse Courant/Tubantia zegt ze daarover: ,,Die jonge meiden kunnen na 2008 nog genoeg verdienen. Als ik nu zeventien was geweest, had ik blind voor Martinus gekozen. Maar ik ben 27 jaar en heb geen idee hoe lang ik nog speel.''

    • Henk Stouwdam