Ondanks optimisme stijgen dodencijfers Irak

Irak heeft bloedige dagen achter de rug. De autoriteiten zien hierin de ,,wanhoop'' van rebellen die door offensieven in het nauw zijn gedreven. De cijfers maken dit niet waar.

De afgelopen drie dagen waren zelfs voor Iraakse begrippen bijzonder moorddadig. Bij in totaal ongeveer 20 zelfmoord- en andere aanslagen werden in Bagdad en elders meer dan 200 mensen gedood en 600 gewond. De 17 lijken die in Taji, ten noorden van Bagdad, werden gevonden, telden nog niet eens mee. Zij waren door gewapende mannen uit hun huizen gehaald en geëxecuteerd, niet opgeblazen.

Woensdag was de bloedigste dag in Bagdad sinds in april 2003 het bewind van Saddam Hussein viel. De zwaarste van de 16 zelfmoordaanslagen van die dag kwam toen een terrorist een menigte dagloners naar zijn minibus lokte met de belofte van werk, en zich met 112 van hen opblies in een van de 16 zelfmoordaanslagen.

Donderdag werden bij nieuwe zelfmoordaanslagen in het zuiden van Bagdad 31 mensen gedood, vooral politiemannen. Gisteren, de islamitische rust- en gebedsdag, liet een zelfmoordterrorist zich in de noordelijke stad Tuz Khurmatu ontploffen bij een shi'itische moskee op het moment dat het vrijdaggebed uitging. Daarbij werden zeker 12 mensen gedood en 21 gewond. In Bagdad werden drie dagloners gedood toen gewapende mannen het vuur op hen openden. Tegelijk verkondigde Abu Musab al-Zarqawi, de Jordaanse leider van een van de verschillende sunnitische terreur- en rebellengroepen in Irak, dat hij de shi'itische meerderheid in Irak ,,de totale oorlog'' had verklaard.

De Iraakse regering en de Amerikaanse militaire autoriteiten doen dezer dagen hun uiterste best de geteisterde bevolking ervan te overtuigen dat de situatie niet afglijdt naar een burgeroorlog tussen sunnieten en shi'ieten – en hoe dan ook niet afglijdt. De daders, zeggen ze, zijn steeds vaker buitenlandse extremisten, steeds minder Irakezen, en het geweld is een teken van de ,,wanhoop'' van de rebellen in het licht van geslaagde tegenoffensieven en de gestage democratisering van Irak.

Neem bijvoorbeeld kolonel Robert Brown, commandant van de 1ste brigade van de 25ste infanteriedivisie in het noordwesten van Irak, deze week op een teleconferentie vanuit Mosul. Tachtig procent van het Al-Qaedanetwerk in het noorden is vernietigd, zei hij, de Iraakse politie doet het prima en de bevolking is ziek en doodmoe van de terroristen. De aanhangers van Saddam Hussein wilden niets meer met de buitenlandse terroristen van Zarqawi's Al-Qaeda in Mesopotamië te maken hebben. De buitenlandse extremisten op hun beurt, zei hij, waren in oktober nog goed getraind, maar die zijn uit de weg geruimd en wat hij nu tegenkwam was jong en slecht opgeleid. En de toestroom van over de grens uit Syrië was door een reeks offensieven ernstig verstoord.

Hoe was die golf zelfmoordaanslagen dan te verklaren, vroeg een journalist. Wel, aldus Brown, dat was een poging van Al-Qaeda om in het nieuws te komen. ,,Ze willen de aandacht afleiden van het succes dat we hebben. Ik denk dat we succes hebben in Tal Afar [waar een groot Amerikaans-Iraaks offensief tegen rebellen aan de gang is] en veel andere gebieden, en Mosul. En dus proberen ze de aandacht af te leiden. Ze zijn wanhopig.''

Hebben de autoriteiten gelijk? De Los Angeles Times schreef gisteren dat Zarqawi's groep – die voor veel zelfmoordaanslagen verantwoordelijk wordt geacht – juist meer en meer Irakezen aantrekt, met name ex-leden van Saddams inlichtingendiensten en leger. Die zouden worden aangelokt door de efficiëntie van de groep. De krant had dit vernomen van drie Amerikaanse functionarissen die toegang hebben tot geheime gegevens van inlichtingendiensten en die wegens de gevoeligheid van de informatie anoniem wilden blijven. Heel gevoelig: immers het volgende democratische hoogtepunt, het referendum over de grondwet, komt er op 15 oktober aan. Als de sunnieten, die hun marginalisering bevestigd zien in het ontwerp, er niet in slagen de grondwet af te stemmen, komt er een extra-bron bij van frustratie en verse strijders.

De kille cijfers geven de autoriteiten evenmin gelijk. Volgens een voortgangsrapport dat VN-chef Kofi Annan donderdag de VN-Veiligheidsraad aanbood is er in Irak wat betreft het geweld sprake van een ,,gestaag verslechterende trend''. De dodencijfers onder burgers van Iraq Coalition Casualties, een non-gouvernementele organisatie die cijfers bijhoudt, onderstrepen dat. Juni: 477 doden, juli: 518, augustus: 524 en tot en met 15 september: 304.

    • Carolien Roelants