Groene Hart is van steen

Het begrip Groene Hart kan door beleidsmakers beter niet meer worden gebruikt. Om de cultuurhistorische kwaliteiten van het open gebied in de Randstad daadwerkelijk open te houden, moet het gebied niet langer als eenheid worden beschouwd.

Dat stelt het Ruimtelijk Plan Bureau in een studie die gisteren is aangeboden aan minister Veerman (LNV), de `programmaminister' voor het Groene Hart.

Volgens het Planbureau is het Groene Hart aan het ,,verstenen'', min of meer ,,parallel'' aan de rest van Nederland. Sinds 1958, toen voor het eerst werd gesproken over de dreigende aantasting van het gebied, is volgens het rapport een kwart van het areaal aan open ruimte bebouwd en buiten de grenzen van het Groene Hart geplaatst. Die ontwikkelingen zullen niet stoppen, vermoedt het Planbureau.

Het beleid zou meer moeten ,,aansluiten bij de in het gebied aanwezige dynamiek in plaats te proberen deze tegen te houden''. Beleidsmakers moeten rekening houden met de uitbreiding van de huidige functies, aldus het rapport. ,,Het Groene Hart is immers niet alleen een landschap met cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten, maar ook een gebied met een economische en woonfunctie.''

Om ongewenste ,,versnippering'' tegen te gaan en de karakteristieken van het Groene Hart te behouden, moeten bedrijventerreinen ,,geclusterd'' worden langs en tussen autowegen en spoorlijnen. Het Groene Hart heeft voor 80 procent een agrarische bestemming, maar boeren hebben het er steeds moeilijker.