`Fouten van justitie zijn wel structureel'

Achter de reeks fouten die justitie in de zaak-Nienke heeft gemaakt, gaan wel degelijk structurele problemen schuil. Dat stelt prof. Ton Broeders, chief scientist bij het Nederlands Forensisch Instituut, vandaag in deze krant.

Minister Donner (Justitie, CDA) hield donderdag in het Kamerdebat over de zaak vol dat van zulke structurele problemen geen sprake is. Donner moest zich in de Kamer verantwoorden voor de fouten die zijn gemaakt bij de opsporing en vervolging in de zaak-Nienke, het meisje dat in juni 2000 in een park in Schiedam werd vermoord. Vorig jaar werd duidelijk dat de hiervoor verdoordeelde Cees B. ten onrechte al vier jaar in de gevangenis zat.

Volgens Broeders is de zaak-Nienke niet de enige rechtszaak waarin het openbaar ministerie onzorgvuldig omsprong met DNA-bewijs. Als voorbeeld noemt hij onder meer de zaak-Mariëlla de Geus, waarin een onschuldige verdachte in 2001 negen maanden vastzat. Broeders: ,,Officieren van justitie hebben een overtuiging en willen een doel bereiken. Dus gebruiken ze zachte conclusies over DNA-bewijs al naar gelang het hun doel dient.''

Het is zeer ongebruikelijk dat een medewerker van het Nederlands Forensisch Instituut, onderdeel van het ministerie van Justitie, zich in de pers kritisch uitlaat over de magistratuur. Broeders werkt sinds 1988 bij (de voorloper van) het NFI en vervult sinds 2002 de functie van chief scientist – een soort coach van de wetenschappers. Hij is geen lid van de directie.

De structurele problemen in de rechtspraak zijn volgens Broeders deels gevolg van gebrekkige technische kennis bij juristen. ,,Voor mij is het onbegrijpelijk dat juristen niet leren hoe ze natuurwetenschappelijk bewijs moeten interpreteren.''

Ook zouden veel juristen de rapporten van het NFI nauwelijks lezen. ,,Ze schuiven technisch bewijs als een dichte doos door. Als je een arrest ziet [een vonnis van een gerechtshof, red.], en je vergelijkt dat met het deskundigenrapport waarop het is gebaseerd, dan blijkt vaak dat daar nauwelijks in gekeken is.''

Steven van Dissel, raadsheer bij het hof van Den Haag en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak, vindt dit verwijt ,,zwaar aangezet''. ,,Er is al lang veel discussie over deze kwestie. Rechters vinden dat ze moeilijk leesbare rapporten krijgen en deskundigen vinden dat rechters die rapporten niet goed lezen. Het is een communicatieprobleem.''

NFI-onderzoekers hebben tijdens de rechtszaak herhaaldelijk hun twijfel geuit over de schuld van Cees B. Die twijfel heeft de rechter nooit bereikt. Broeders: ,,In het Nederlandse systeem moet het openbaar ministerie die twijfel overbrengen. Als de officier een crime fighter is, heb je als deskundige het nakijken. Wij zouden veel liever rapporteren aan de rechter-commissaris [die het gerechtelijk vooronderzoek leidt, red.].''

Volgens Broeders gaat het NFI naar aanleiding van de zaak-Nienke interne controles uitvoeren op rapportages in moeilijke zaken. Een NFI-medewerker die niet bij de zaak betrokken is, zou daarbij het rapport nog moeten nalezen. Nu gebeurt dat nog niet. Privatisering van het Nederlands Forensisch Instituut, zoals sommige advocaten opperen, is volgens Broeders niet aan de orde.

Zaterdags Bijvoegsel: pagina 41

Verhoor: pagina 3

    • Hester van Santen
    • Joke Mat