De affichemaker die zijn volk leerde denken

De zondag overleden Henryk Tomaszewski was de grondlegger van de Poolse Afficheschool. Niet iedere filmmaker was blij met zijn revolutionaire ontwerpen.

Polen is afgelopen zondag misschien wel zijn belangrijkste naoorlogse kunstenaar kwijtgeraakt. Henryk Tomaszewski, die maandag wordt begraven op het Powazki, het kerkhof in Warschau waar de elite van Polen ligt, was de vader van wat internationaal bekend werd als de Poolse Afficheschool of ook wel de Tomaszewski-school.

Hij zou muzikant worden, net als iedereen in zijn familie. Maar tot grote spijt van zijn ouders legde Henryk de viool opzij en schreef hij zich in voor de kunstacademie. Hij ontwikkelde al snel een passie voor het maken van posters. In het jaar dat hij afstudeerde, in 1939, brak de oorlog uit. Het culturele leven in Polen kwam tot stilstand. Vlak na de oorlog stond de kunst in dienst van de wederopbouw. Op posters uit die tijd werd opgeroepen om, met de troffel in de hand, de communistische droom te verwezenlijken. Na de dood van Stalin in 1953 lieten ook de Poolse communisten de teugels vieren. Tomaszewski was een van de eersten die van die nieuwe vrijheid gebruik maakte.

Zijn bekendste poster maakte hij in 1959 voor een tentoonstelling van de Britse beeldhouwer Henry Moore. Tegen een blauwe achtergrond plaatste hij de letters M-O-O-R-E. De derde letter dient als sokkel voor een van Moores abstracte beelden. De letters zijn zo groot dat het zelf beelden worden. Tomaszewski vertaalde het idioom van Moore zo naar de typografie.

De overdonderende eenvoud, de sterke kleuren, het vangen van onderwerpen in één, krachtig beeld, overgoten met een vleugje humor – dit zou het handelsmerk worden van Tomaszewski en van hele generaties Poolse posterkunstenaars. Het was in hoge mate intellectuele kunst, die de kijker tot nadenken wilde dwingen. Vooral filmmakers waren niet altijd blij met de herinterpretaties die Tomaszewski op papier maakte van hun films. Voor realistisch weergegeven steracteurs in een innige omhelzing was bij de Pool geen plaats.

De Poolse jaren zestig boden een ideaal cultureel klimaat. De communistische machthebbers waren in die tijd niet al te bemoeizuchtig en commercie zoals in het westen was er niet. De poster, die normaliter moest werven, verkopen of informeren, kon zich zo ontwikkelen tot een kunstvorm op zich.

,,De posters waren eigenlijk nutteloos'', zegt Cyprian Koscielniak, die afstudeerde bij Tomaszewski, jarenlangs diens assistent was en nu tekeningen maakt voor NRC Handelsblad. ,,De naoorlogse bioscopen in Warschau waren op één hand te tellen en iedereen wist al lang welke films daar speelden. Daar hadden ze geen affiche voor nodig.'' De posters dienden vooral als straatdecor. De oorlogsruïnes in het Warschau, die nog lang overal te zien waren, leken er minder opdringerig door.

Kunstenaars en grafici uit heel Europa stonden perplex toen ze voor het eerst de posters van Tomaszewski zagen. Hij reeg de internationale kunstprijzen aan elkaar. Het regime in Polen buitte zijn succes uit om het eigen aanzien in het buitenland te vergroten. Tomaszewski en zijn school werden gepresenteerd als hét bewijs dat het communistische Polen ruimte bood aan vrije kunst.

Tomaszewski, die nooit lid was van de Communistische Partij, moest niets hebben van politiek, maar had er ook geen uitgesproken mening over. Hij wilde in de eerste plaats een goede kunstenaar worden. En dat werd hij. Zijn werk hangt wereldwijd in belangrijke musea. In 1991 betoonde het Stedelijk Museum Amsterdam eer aan de kunstenaar met een overzichtstentoonstelling.

Het werk van Tomaszewski is altijd opvallend fris gebleven, maar de Poolse school was in de jaren zeventig al over z'n hoogtepunt heen. De metaforen werden letterlijker, de kleuren fletser, de vormen zachter. Een Dali-achtig en wat humorloos surrealisme raakte in zwang, misschien ook door de sombere tijden die in Polen aanbraken. De genadeklap kwam in de jaren negentig, toen, in het vrije Polen, de commercie op grote schaal zijn intrede deed en de advertentie de kunstposter verdrong. Tomaszewksi heeft zijn geesteskind ruimschoots overleefd. Hij is 91 jaar geworden.

    • Stéphane Alonso