Baggerweg

Vervuilde bagger is een groot probleem. Opslag in afgeschermde depots was eigenlijk de enige mogelijkheid. Maar hardgemaakt is bagger bruikbaar om een weg op aan te leggen. Regenwater spoelt de verontreiniging eruit.

ALS AANSLIBSEL van de grote rivieren heeft Nederland zijn ontstaan te danken aan bagger. Tegenwoordig willen we er vooral vanaf. Jaarlijks worden miljoenen tonnen slib opgebaggerd uit sloten, rivieren en kanalen. Een deel van die pap is vervuild en moet worden opgeslagen in baggerdepots. Onderzoekers van GeoDelft ontwikkelden samen met baggerbedrijf Boskalis een manier om bagger te verstevigen, zodat je het als ophoogmateriaal voor een weg kunt gebruiken. Tegelijkertijd wordt de bagger poreus gemaakt, zodat de verontreiniging er over een periode van dertig jaar langzaam uitspoelt.

Rijdend op de A2 vanuit Den Bosch richting Utrecht zie je rechts, net voorbij de afslag Beesd, een bord waarop `De reinigende weg' staat. Het is een project van Rijkswaterstaat, in het kader van het innovatieprogramma `Wegen naar de Toekomst'. Stilstaand in de file zie je achter het bord twee parallel aan elkaar aangelegde dijkjes, elk van zo'n tweeënhalve meter hoog. ``Dat zijn de perskaden voor de baggerspeciematras'', vertelt ir. Haico Wevers van Boskalis Dolman. ``Ze zijn gemaakt van kleiachtig materiaal uit de omgeving en moeten voorkomen dat de bagger wegstroomt voordat hij is uitgehard.''

Om de onderliggende bodem en het grondwater tegen vervuiling uit de bagger te beschermen, zijn de dijkjes en het tussenliggende vak ter grootte van een half voetbalveld bekleed met een polyetheen folie van twee millimeter dik. Daar bovenop komt een drainagelaag van grof zand. Half september wordt daar met enig ceremonieel vertoon de eerste geconditioneerde bagger opgespoten.

In de periode daarna bedekken de grondverzetters de uitgeharde baggerspecie met een zandlaag, waarna er een bestrating op komt. Te zijner tijd dient het geheel als oprit voor een fietsviaduct annex ecoduct over de A2.

``Voor de proef bij Beesd maken we gebruik van nauwelijks verontreinigde bagger uit de omgeving van Woerden'', vertelt ir. Margriet Kruiderink, die namens Rijkswaterstaat, projectleider is van het programma `De reinigende weg'. Als de proef slaagt is de Baggerspeciematras ook voor ernstig vervuilde bagger te gebruiken.

waterglas

Of hij nu schoon of vervuild is, baggerspecie heeft de stevigheid van yoghurt. Niet direct materiaal om een weg op te leggen. GeoDelft mengt de baggerspecie met een bindmiddel. Nu is het nog een soort cement, maar vliegas uit kolencentrales is waarschijnlijk ook bruikbaar. In combinatie met waterglas zorgt het bindmiddel ervoor dat de baggerspecie in enkele dagen opstijft tot iets wat nog het meest lijkt op het zongedroogde leem waar veel Afrikanen hun huizen van bouwen.

Het verschil met zongedroogde leem is dat de uitgeharde baggerspecie ook nog poreus is gemaakt. Tegelijk met het cement wordt zeep toegevoegd, waardoor de baggerspecie gaat schuimen en er belletjes ontstaan in de uitgeharde bagger. Bijgemengde organische vezels zorgen voor onderlinge verbindingen tussen de belletjes, zodat water door de baggerspecie heen kan sijpelen. Een scheut water die bij wijze van demonstratie op een brok opgestijfde bagger wordt gegoten is in enkele minuten verdwenen. Ing. Harm Aantjes van GeoDelft: ``Uitgeharde of gedroogde bagger geldt als zeer slecht doorlatend. Door toevoegen van schuim en stro kunnen we de doorlatendheid met een factor 10.000 verbeteren.''

Het lijkt strijdig met het Nederlandse beleid. Dat was er op gericht om de vervuiling op te sluiten. Door de bagger poreus te maken, lekt die vervuiling juist weg. ``Inderdaad'', zegt Wevers, ``maar dat is ook de bedoeling. Regenwater dat op de weg valt, sijpelt door de baggerspeciematras heen en neemt steeds een klein beetje vervuiling mee. In een ecologische zone langs de weg wordt die vervuiling verder afgebroken en na dertig jaar is de bagger schoon.''

Het uitspoelen van de vervuiling gebeurt door regenwater dat op de weg valt. Het stroomt samen met rubberdeeltjes, stof en zoutresten via putten aan de zijkant van de weg naar een drainagelaag. Van daaruit wordt het water gelijkmatig verdeeld over de daaronder liggende baggerspeciematras. Bijmengen van het bindmiddel heeft de specie alkalisch gemaakt waardoor verontreinigende stoffen sneller uitlogen uit de specie. Die verdwijnen met doorsijpelend regenwater. Aangekomen in de onderste zandlaag wordt het tamelijk vuile regenwater via drainagebuizen afgevoerd naar een betonnen bak met turf of bermmaaisel. Het overgrote deel van de vervuiling, zowel organische verbindingen (aromatische koolwaterstoffen, minerale olie) als zware metalen, adsorbeert aan de turf, die dan ook op gezette tijden moeten worden vervangen en afgevoerd naar de afvalverbranding. Turf zorgt er ook voor dat de zuurgraad van het water weer tot een normale waarde wordt teruggebracht. Via deze zuiveringsstap komt het inmiddels redelijke schone water terecht in een zuurstofarme sloot, waar het restant zware metalen neerslaat. Voor het uiteindelijk wordt geloosd stroomt het nog door een helofytenfilter, een kunstmatig aangelegd moeras met riet en biezen, waar bacteriën het restant organische vervuiling afbreken.

inzakken

Voorwaarde voor een geslaagde schoning van het bagger is dat het water gelijkmatig door de matras stroomt. Als voorkeurskanalen ontstaan, loop je de kans dat delen van de specie niet gereinigd worden. Hetzelfde geldt voor het eventueel ontstaan van scheuren door onregelmatig inzakken (zetting) van de ondergrond. De proef, die een jaar duurt, moet onder meer inzicht geven in de effecten van kanaal- en scheurvorming en op de reiniging van de baggerspecie.

``Naast milieuvoordelen biedt de Baggerspeciematras ook civieltechnische voordelen'', zegt Aantjes. ``Hij is een stuk lichter dan zand, het gebruikelijke ophoogmateriaal voor een weg. Bij de slappe ondergrond, waar we in het westen van Nederland veel mee te maken hebben, betekent dat een kwart minder zetting. Bovendien duurt het minder lang voordat de ondergrond zich heeft gestabiliseerd, zodat we sneller kunnen gaan bouwen. Tenslotte lijkt het erop dat, als je alles bij elkaar optelt, de baggerspeciematras niet duurder zal uitvallen dan gebruik van zand als ophoogmateriaal.''

    • Joost van Kasteren