Een oor op je arm

De Australische performancekunstenaar Stelarc wil het menselijk lichaam herconstrueren. ,,Het is heel goed mogelijk dat ik u binnenkort mijn arm kan aanbieden.''

Soms lees je iets dat je wel weet, maar waar je nooit echt over hebt nagedacht. Zo las ik in het boek Extremely loud incredibly close van Jonathan Safran Foer dat er nu op dit moment meer mensen op de aardbol leven dan ooit tevoren. Stel je voor hoeveel mensen er alleen al de afgelopen 2000 jaar geboren en gestorven zijn. Foer schrijft dat als iedereen die nu leeft tegelijkertijd Hamlet zou willen spelen (Hamlet praat tegen een mensenschedel), er niet genoeg schedels zouden zijn. Het aantal levenden overtreft het totaal aantal gestorvenen.

Tijdens mijn research naar de Australische performancekunstenaar Stelarc (geboren in 1946 als Stelios Arcadiou) moest ik daaraan denken. Ik associeerde de enorme hoeveelheid mensen die de aardbol bevolkt met de wijze waarop wij in ons voedsel voorzien: landbouwproducten die massaal van de ene naar de andere kant van de wereld worden getransporteerd, de zee die razendsnel leeggevist wordt. Rekken vol identieke artikelen, nieuwe borsten en hetzelfde hippe kapsel als een meisje in Shanghai. Wat moet je met al die lichamen?

Grofgezegd ziet Stelarc het lichaam als `obsolete'. Volgens het woordenboek wordt `obsolete' vertaald met `verouderd', maar ook met `rudimentair'. Stelarc meent: ,,Het menselijk lichaam wordt massaal geproduceerd, maar we hebben er geen echt vervangbare onderdelen voor. We maken weliswaar artificiële organen, maar die zijn voor medische toepassingen. Wat we nodig hebben is een benadering vanuit het ontwerp. Als je een hart hebt dat er na zeventig jaar mee ophoudt, is dat voor mij een constructieprobleem. We zouden het lichaam moeten herconstrueren.''

Stelarc bedoelt daarmee niet dat we het lichaam moeten wegwerpen, maar wel dat we dit complexe systeem kunnen verbeteren. In feite gebeurt dit natuurlijk al doordat we van jongs af aan worden ingeënt, naar de tandarts gaan, onze ogen kunnen laten laseren.

Een van zijn dromen is het hebben van een derde oor. Een oor dat net boven zijn wang op zijn slaap is bevestigd, zodat `het ene oor het andere wat kan toefluisteren.' Wat is het doel of het nut daarvan?

,,Een kunstenaar is niet geïnteresseerd in het nut van wat hij doet'', meent Stelarc. ,,Als ik bezig ben met mijn derde oor, dan gaat het er mij niet om of dat oor zou kunnen luisteren. Het is interessanter of het geluid zou kunnen produceren of kan praten. Ik onderzoek of er nieuwe `bedradingen' zijn aan te leggen.''

Krankzinnig

Wat is Stelarc voor een kunstenaar? Jaren geleden zag ik hem optreden in V-2, Instituut voor Instabiele Media in Rotterdam. Een vrolijke stevige man, met een lach als een krankzinnige wetenschapper: aanstekelijk, maar net iets te hoog en te luid. Stelarc toonde dertig modellen van zijn eigen gezicht, liet zien hoe hij zich voorstelde dat zijn derde oor er uit zou komen te zien. ,,Ik maak geen sciencefiction of dingen voor de toekomst. Ik kijk alleen wat er nu kan. Sommige dingen zijn moeilijk te realiseren, want je moet niet alleen het idee hebben, maar het ook maken! Iedereen heeft ideeën, maar het gaat om het daadwerkelijk concretiseren daarvan. Het moet gemaakt worden en ik moet laten zien dat het kan. Geen chirurg wilde bijvoorbeeld het derde oor plaatsen. De plek waar ik het oorspronkelijk had bedacht bleek te risicovol, het zou kunnen leiden tot gezichtsverlamming. Toen heb ik een andere plek overwogen, namelijk mijn arm. Ik werk er nu aan met twee Amerikaanse specialisten. Het is heel goed mogelijk dat ik u binnenkort mijn arm kan aanbieden en mijn oor u iets toefluistert.''

Wat zal zijn oor mij dan zeggen wat zijn mond niet doet? vraag ik, waarop Stelarc schaterlacht en antwoordt: ,,Zo ver ben ik nog niet, dus ik weet het nog niet. In deze fase richt ik me slechts op de anatomische verbetering.''

Op Stelarcs website staat een uitgebreide documentatie van zijn verschillende projecten. Stelarc: ,,Ik heb die website al een jaar niet ge-updated. Steeds had ik geen tijd.''

Op een van de foto's op die website hangt de jonge Stelarc aan vishaken in een ruimte. Zijn lichaam is bloot, enigszins behaard. Door het vertekenend perspectief heeft hij grote voeten. Tot mijn verbazing ziet het er niet al te pijnlijk uit. Het doet eerder denken aan een groot kind op een schommel. Of het beeld afschuwelijk overkomt is een kwestie van smaak, van bijziendheid misschien – want als je beter kijkt zie je dat de haken de huid uitrekken.

Als ik erover begin, zegt hij: ,,Ik hoopte dat u dat zou overslaan.'' En hij lacht weer. Overslaan? Geen sprake van, maar wellicht begint de evolutie van zijn werk in een eerder stadium. Stelarc komt tenslotte uit de performance kunst.

,,Hoe het begon?'' zegt hij. ,,Ach, op de kunstacademie bleek ik een zeer slechte schilder en was ik meer geïnteresseerd in het lichaam als biologische machine, als evolutionaire architectuur. In tal van performances onderzocht ik fysieke stress-situaties. Ik werkte met touwen en later met vishaken en deed een reeks van zeventien optredens halverwege de jaren zeventig, begin jaren tachtig. Wat ik interessant vond van het hangen aan haken is dat de huid een deel wordt van het draagsysteem.''

In de media-scene werd Stelarc vooral beroemd met het project The Third Hand. Aan het idee van een extra hand werkte hij al in 1975. Vijf jaar later kon hij het project realiseren. Deze artificiële hand geplaatst op een soort stalen arm, omringd met kabels, zit vast aan zijn lichaam en is in staat zelfstandig te bewegen. Het is dan ook geen vervangende prothese maar een toevoeging en wordt geactiveerd door EMG-signalen via de onderbuik- en beenspieren. Met zijn derde hand kan Stelarc ook dansen en geluiden produceren.

In een beroemde performance schreef hij met drie handen tegelijkertijd. Elke hand schreef op hetzelfde moment andere losstaande letters van het woord EVOLUTION. Op zijn website is een filmpje hierover te zien.

In zijn performances maakt Stelarc gebruik van medische instrumenten, protheses, robotica, virtual-realitysystemen en internet om intieme en `onvrijwillige' interfaces te onderzoeken. Zo ontwikkelde de derde hand zich tot een virtuele arm, een echte prothese die aan zijn lichaam zat bevestigd. Iedereen in de wereld kon nu Stelarcs arm bedienen en hem op afstand laten bewegen, via een interface en het world wide web.

Verlamd

Ook maakte Stelarc een versie genaamd `het gespleten lichaam'. Gespleten omdat de spieren van zijn linkerarm gebruikt worden om de kunstarm aan te sturen, waardoor de linkerarm als het ware verlamd is. ,,Mijn rechterarm beweegt automatisch'', zegt hij, ,,mijn linkerarm beweegt onvrijwillig, want die is het aansturingsmechanisme. De derde arm is toegevoegd.''

Stelarc onderzocht het lichaam akoestisch en visueel door middel van versterkte hersengolven, bloedbaan- en spiersignalen. De binnenkant van zijn longen, maag en karteldarm (een oppervlakte van zo'n twee meter) filmde hij op 16 millimeter. In een later stadium maakte hij een buiksculptuur die kon openklappen zodra zij in het juiste orgaan was beland. De sculptuur gaf lichtsignalen en geluid af en was van buiten het lichaam bestuurbaar. Dit kunstwerk werd ook binnen het lichaam gefilmd en tegelijkertijd vertoond op een scherm.

Als ik Stelarc vraag of het waar is dat hij er bijna aan onderdoor is gegaan, zegt hij dat ik niet alles moet geloven wat er verteld wordt en dat hij medisch verantwoord te werk gaat. Zijn lichaam reageerde extreem gevoelig op de buiksculptuur, het wilde zo snel mogelijk van de indringer af. Met als gevolg een postoperatief trauma, dat hevige pijn veroorzaakte en Stelarc in het ziekenhuis deed belanden.

Stelarc werkte zoveel van zijn ideeën uit, dat het onmogelijk is ze allemaal op te noemen, laat staan ze te beschrijven. Zo werkte Stelarc bijvoorbeeld aan een virtuele representatie van zichzelf. Deze driedimensionale uitvoering van Stelarc kan gedichten maken, gedachten formuleren, vragen beantwoorden los van Stelarcs fysieke aanwezigheid in real life. Het is trouwens mogelijk om deze virtuele Stelarc gebruik te laten maken van Stelarcs daadwerkelijke lichaam, bijvoorbeeld door middel van zijn derde oor. Zo stel ik me voor dat het oor op zijn arm een lied voor me zingt dat zijn virtuele personage gecomponeerd heeft en ten gehore brengt.

Wat doet Stelarc nu? ,,Onlangs deed ik een project met mijn partner Nina Sellars. Wij hebben een kliniek gezocht waar ze operatief biomateriaal uit mijn en haar lichaam hebben gehaald. We hebben niet verteld dat het voor een kunstproject is, want het ligt allemaal vrij gevoelig. Thuis hebben we het in het vriesvak gestopt. Daarna moest het gesteriliseerd worden om de bacteriën te doden. Het was materiaal van Nina's benen en armen en mijn torso. We hebben het tentoongesteld in een blender. Je weet toch wat een blender is?'' ,,Ja'', antwoord ik, ,,zo'n machine waarmee je milkshakes kunt maken.'' ,,We hebben een grote ronde blender gebouwd, die om de vijf minuten geactiveerd werd door hoge luchtdruk. Die machine was eigenlijk de gastheer voor het vervloeien van twee lichamen. Een moderne dans: een choreografie van bubbling en blending.''

,,Kun je het drinken?'' vraag ik nieuwsgierig. Stelarc schaterlacht weer en zegt: ,,Ik zou het niet proberen.'' Dan probeert hij me het project uit te leggen dat in april tentoongesteld gaat worden: een kleine replica van zijn gezicht, waarin hij gebruikmaakt van apencellen. Een scan van zijn gelaat dient als basis voor het celweefsel dat gekweekt wordt op een stellage: een levende sculptuur van een gezicht, dat er uitziet als dat van de kunstenaar, maar niet menselijk is! Hij werkt hieraan samen met de universiteit van Perth. ,,Het probleem is om een leven-ondersteunend systeem werkend te houden terwijl het groeit. Het is een machine die het gezicht in stand houdt.''

Plompe machine

Volgende week is Stelarc in Amsterdam op uitnodiging van Robodock, een groot festival op de voormalige NDSM-werf, waar meer indrukwekkende machinekunst te zien zal zijn. Hij voert er een performance uit met zijn Exoskeleton, een zeshonderd kilo wegende zesbenige, pneumatisch aangestuurde machine compleet met driepoot en een deinend loopje. Het apparaat kan vooruit, achteruit, opzij en draaien, heeft een middenrif en armen. De gang van deze plompe machine, de beweging van de robotbenen, wordt aangestuurd door menselijke armbewegingen. Stelarc kan met zijn `verlengstuk' een kakofonie aan geluiden en bewegingen teweegbrengen, pneumatisch en mechanisch. De Hamburgse groep H18 zet de machine ter plaatse een paar dagen voor de performance opnieuw in elkaar.

Je zou de gehele mensheid als één groot lichaam kunnen zien, een organisme als ware het één grote cyborg (cybernetisch organisme), een wezen uit de sciencefiction dat bestaat uit een mengelmoes van organen en mechanische onderdelen. Het probleem met de verhouding tussen techniek en het menselijk lichaam is echter de zienswijze: techniek wordt ervaren als iets dat buiten ons staat, iets lichaamsvreemds. Momenteel probeert men apparaten aan te passen aan de mens en zogenaamde ergonomische toepassingen te vinden. Een onjuist uitgangspunt, volgens Stelarc. Voor de moderne mens is technologie allang een verlengstuk van ons lichaam, of het nu een vervoermiddel of een communicatiemiddel is. De implicaties, limieten en mogelijkheden van het lichaam zou men kunnen herontwerpen. Zelfs is Stelarc niet geïnteresseerd in symbolische beelden of metaforen. Hij gaat op zoek naar fysieke realisatie. Zoals hij het zelf formuleert: dat kun je niet faken.

`Exoskeleton' is te zien van 21 t/m 24 september op ROBODOCK, NDSM-werf, Neveritaweg 15, Amsterdam-Noord, bereikbaar per pont vanachter het Centraal Station. Inl.: www.robodock.nl

Op vrijdag 23 september houden Stelarc en Chico MacMurtrie een lezing in het Amsterdamse science center NEMO.

Inl.: www.stelarc.va.com.au/

    • Ine Poppe