Commissie bekijkt klachten strafzaken

Minister Donner (Justitie, CDA) stelt een commissie in die klachten over vermeende misstanden bij strafzaken over ernstige misdrijven gaat onderzoeken.

Dat zei de minister gisteravond tijdens een spoeddebat in de Tweede Kamer over de zaak-Nienke. GroenLinks en SP zegden het vertrouwen in hem op. Alleen de onafhankelijke Kamerleden Wilders en Nawijn steunden de motie van afkeuring.

Donner moest zich in de Kamer verantwoorden voor de fouten die zijn gemaakt bij de opsporing en vervolging in de zaak-Nienke, het meisje dat in juni 2000 in een park in Schiedam werd vermoord. Vorig jaar werd duidelijk dat de hiervoor veroordeelde Cees B. ten onrechte al vier jaar in de gevangenis zat.

Uit een eerder deze week verschenen evaluatieonderzoek van het openbaar ministerie blijkt dat er in deze zaak een opeenstapeling van fouten is gemaakt. Zo is bij het hoger beroep verzuimd om twijfel van forensisch specialisten aan de rechter voor te leggen en is het medeslachtoffer Maikel (toen elf jaar) op ongeoorloofde wijze verhoord. Cees B.'s advocaat Spong heeft vandaag aangifte gedaan tegen de aanklagers van B.

De minister heeft advocaat-generaal Posthumus, die het evaluatieonderzoek heeft uitgevoerd, gevraagd de commissie voor te zitten die nu een breder onderzoek gaat doen. Hij waarschuwde ervoor dat deze commissie niet als een alternatieve beroepsinstantie moet gaan dienen. Dat ondergraaft volgens hem de rechtspraak.

Donner is tegen een breed onderzoek naar misgelopen zaken. Op dit moment bestaat al de mogelijkheid dat slachtoffers van ernstige misdrijven bij de hoofdofficier van justitie om een herbeoordeling kunnen vragen. Het werk van de commissie-Posthumus wordt hierop een uitbreiding.

De Kamer had kritiek op minister Donner, die niet wilde erkennen dat de misstanden in de zaak-Nienke meer waren dan een opeenstapeling van incidenten. ,,Ik heb geen reden om aan te nemen dat dit vaker voorkomt'', zei hij.

Volgens de fracties van GroenLinks en SP draagt de minister de verantwoordelijkheid voor ,,alle gemaakte fouten en de schending van elementaire uitgangspunten, en kan hij niet de eerstaangewezene zijn om orde op zaken te stellen''. Op de Kamerleden Nawijn en Wilders na behielden de overige fracties het vertrouwen in de minister.

Bijna de hele Tweede Kamer pleitte in eerste instantie voor personele consequenties voor de betrokkenen in de zaak. Wilders diende daarover een motie in, die werd gesteund door de LPF en Nawijn. De andere fracties erkenden later in het debat dat het niet de directe bevoegdheid van Donner is om de betrokken medewerkers te ontslaan of over te plaatsen. Wel heeft de minister aan de voorzitter van het college van procureurs-generaal, H. Brouwer, gevraagd om ,,te doen wat nodig is''.

DEBAT pagina 3

HOOFDARTIKEL pagina 7

WANBELEID pagina 7