Cadeautjes voor burgers in Nieuw Zeeland

Nieuw Zeeland gaat morgen naar de stembus. Over de economie kunnen de partijen niet twisten, het gaat namelijk heel goed. Ze bieden tegen elkaar op met `cadeautjes' voor de burgers.

Wie biedt de Nieuw-Zeelanders het meest: de regerende Labourpartij of de conservatieve Nationale Partij? In de verkiezingscampagne van de afgelopen weken ging het vooral over de vraag hoeveel de kiezers er straks op vooruit zullen gaan. In de electorale etalage reiken regering en oppositie de kiezers rekenmodellen aan waarmee ze hun extra inkomsten kunnen uitrekenen. Labours modellen laten extra steun zien voor de lage inkomensgroepen en mensen met kinderen, die van de Nationale Partij beloven algehele belastingverlagingen.

De Nieuw-Zeelandse economie loopt als een trein. De werkloosheid is met 3,9 procent de laagste van alle OESO-landen, de economie groeit met vier procent per jaar en de regering heeft riante begrotingsoverschotten opgebouwd. Daarmee kunnen leuke dingen voor de mensen kunnen worden uitgedeeld. Een overwinning van Labour bij de verkiezingen van morgen zou daarom voor de hand liggen. Toch is prolongatie van haar regering voor minister-president Helen Clark (55) onzeker. De Nationale Partij, geleid door ex-bankier Don Brash (64), wil de inkomstenbelastingen voor iedereen drastisch verlagen. Dat vooruitzicht lokt veel Kiwi's. De opiniepeilingen geven een nek aan nekrace aan.

,,Zowel Labour als de Nationale Partij zullen de overheidsuitgaven verder laten oplopen'', zegt econoom Chris Worthington van het bureau Infometrics in de hoofdstad Wellington. Volgens hem durft geen van de twee grootste partijen het aan om bezuinigingen in onderwijs en gezondheidszorg aan te kondigen. De keuze voor de vier miljoen Nieuw-Zeelanders is daarom simpel, zegt Worthington: ,,Willen ze een groter deel van hun inkomen betalen om de gelijkheid van burgers te bevorderen of niet?''

De Oeso, de club van rijke landen, roemde in een rapport over Nieuw-Zeeland onlangs de concurrentiekracht van het land, een gevolg van twee decennia markthervormingen onder regeringen van zowel Labour als de Nationale Partij. ,,Daarvan plukt het land nu de welverdiende vruchten'', vonden de OESO-waarnemers. Die historische en radicale marktgerichte hervormingen, waarmee Nieuw-Zeeland in de westerse wereld voorop liep, staan niet meer ter discussie.

Oppositieleider Don Brash, voormalig hoofd van de Nieuw-Zeelandse Centrale Bank, ziet echter mogelijkheden voor nieuwe initiatieven. ,,Mijn ambitie was om de economische kloof tussen Nieuw-Zeeland en Australië, waar de lonen gemiddeld dertig procent hoger liggen, te verminderen. Wekelijks vertrekken er 600 Nieuw-Zeelanders naar Australie en dat is een schande.''

De Nieuw-Zeelandse economie heeft capaciteitsproblemen. De Oeso vindt dat het voor sommigen op de arbeidsmarkt te moeilijk is om werk te vinden en dat de prikkels om meer te werken te klein zijn. Brash speelt daar met zijn belastinghervormingen op in. Hij wil uitkeringen voor Nieuw-Zeelanders met lage en middeninkomens aanpakken. Nu, zegt Brash, moeten ze van iedere drie dollar die ze extra verdienen er twee terugbetalen aan de regering. Door lagere inkomstenbelasting en belastingaftrek van kinderopvang zullen volgens Brash straks meer Nieuw-Zeelanders worden gestimuleerd om zelf vooruit te komen.

Maar Worthington denkt dat het vertrekoverschot door belastingverlaging nauwelijks wordt opgeheven: ,,We kunnen onze buren alleen inhalen door verdere productiviteitsverhoging.''

Labour waarschuwt tegen de belastingverlaging van de concurrent, die twee keer zo duur zijn als de extra bijstandsmaatregelen die Labour in petto heeft. Minister van Financiën Michael Cullen zegt dat onderwijs en gezondheidszorg er onder zullen lijden.

De Nationale Partij vindt daarentegen dat de plannen door het begrotingsoverschot wél uitvoerbaar zijn. ,,We zullen alleen de niet productieve delen van de overheid afslanken, maar het publiek zal daar niks van merken'', zegt een woordvoerder.

Chris Worthington valt hem bij: ,,De overschotten zijn aanzienlijk en de verwachting is dat de economische groei blijft aanhouden. Een regering onder de Nationale Partij zal iets meer gaan lenen, maar dat vind ik niet verontrustend gezien de verwachte aanhoudende economische groei.''

    • Hans van Kregten