Zege Clark niet meer zo zeker

De Nieuw-Zeelandse premier Helen Clark krijgt het in de verkiezingen moeilijker dan verwacht. Uitdager Don Brash wil belastingverlaging.

Het zes jaar oude Labourbewind van minister-president Helen Clark (55) in Nieuw Zeeland wankelt. Zaterdag gaan de Nieuw-Zeelanders naar de stembus, en uit peilingen blijkt dat een politieke nieuwkomer, Don Brash, leider van de oppositionele Nationale Partij, op steeds grotere aanhang kan rekenen.

Brash heeft de kiezers een forse verlaging van de inkomstenbelasting in het vooruitzicht gesteld, en dat lijkt voor velen van hen een aantrekkelijk prespectief te zijn. Volgens Brash is belastingverlaging hard nodig om een eind te maken aan de uittocht van Nieuw-Zeelanders naar het rijkere Australië.

De opkomst van de bijna 65-jarige Brash komt redelijk onverwachts. Hij was hoofd van de Centrale Bank van Nieuw Zeeland, en hij heeft slechts drie jaar parlementaire ervaring achter de rug. Mede daardoor leek hij kansloos tegen de doorgewinterde Clark. De afgelopen tijd legde zij Brash' gebrek aan dossierkennis en zelfs zijn onzekerheid over het beleid van zijn eigen partij keer op keer bloot.

Ook maakte Brash een regelrechte blunder door veel te laat toe te geven dat hij tot vier keer toe overleg had gevoerd met leden van een religieuze sekte (The Exclusive Brethren) die in folders felle kritiek uit op de Labour-partij van Clark en haar coalitiepartner, de Groenen. Eerder had de leiding van de Nationale Partij ten stelligste ontkend dat er contacten waren geweest met de wereldvreemde sekte die haar leden verbiedt aan de verkiezingen deel te nemen. Clark noemde Brash daarom een leugenaar.

De Nieuw-Zeelanders lijken Brash zijn gestuntel echter te vergeven. De ex-bankier is oubollig maar beleefd. Hij zei dat hij premier Clark in een televisiedebat minder hard had aangevallen omdat ze een vrouw was. Dat wordt door sommigen van de vier miljoen Nieuw-Zeelanders die genoeg hebben van de met feministische opvattingen en politieke correctheid doordrenkte Clark als verfrissend ervaren.

Maar in de debatten over het buitenlands beleid behoudt de minister-president vooralsnog de overhand. Haar regering heeft het pacifistische anti-kernwapenbeleid enthousiast voortgezet, dat in 1984 door haar vorige maand overleden voorganger David Lange wettelijk werd vastgelegd. Clark weigerde ook, in tegenstelling tot de Australische conservatieve regeringsleider John Howard, gevechtstroepen naar Irak te sturen. Vanaf het begin van de Amerikaans-Britse invasie van Irak heeft Nieuw Zeeland volgehouden dat deze ,,fout'' was.

Uitdager Brash zei onlangs dat hij wellicht wel troepen had gestuurd als hem dat in 2003 als premier door de Amerikaanse president George W. Bush was gevraagd. ,,Achteraf zou dat een slecht besluit kunnen zijn geweest'', zei hij.

Clark heeft korte metten gemaakt met die opstelling. ,,Niemand vertrouwt er op dat de Nationale Partij haar beloften nakomt'', zei ze. Dat geldt volgens haar ook voor het anti-kernwapenbeleid. Ook Brash erkent dat het anti-kernwapenbeleid een nationaal icoon is, waaraan ook onder conservatieve regeringen niet is getornd. Labour zegt echter bewijzen te hebben dat Brash in een ontmoeting met Amerikaanse senatoren heeft gezegd dat het anti-kernwapenbeleid ,,voor de middagpauze'' van tafel zou zijn als de Nationale Partij aan de regering komt. Brash zelf heeft verklaard zich die uitspraak niet te kunnen herinneren, en hij heeft ook gezegd dat het anti-kernwapenbeleid alleen na een referendum kan worden afgeschaft. ,Zo'n referendum staat niet op de planning'', aldus Brash over zijn beoogde regeringsprogramma.

    • Hans van Kregten