Winst nabij voor ABN Amro

De Nederlandse bank ABN Amro lijkt de felbegeerde positie op de Italiaanse markt toch te krijgen en te slagen in de overname van Banca Antonveneta.

De overnamestrijd rond Banca Antonveneta lijkt de laatste fase te zijn ingegaan. Maar laatste fases zijn er al eerder geweest in de al zes maanden durende strijd tussen ABN Amro en Banca Popolare Italiana (BPI). De Nederlanders lijken nu echter de beslissende slag te hebben gewonnen: afgelopen nacht besloot BPI dat zij haar belang van 29,4 procent in Antonveneta wil verkopen aan ABN Amro voor 26,50 euro per aandeel. ABN Amro heeft zelf een belang van bijna 30 procent opgebouwd in de bank uit Padua, de negende bank van Italië.

Is de strijd om Antonveneta nu gestreden?

Nee. Banca Popolare Italiana heeft de intentie uitgesproken om haar aandelenpakket te verkopen aan ABN Amro. De handtekeningen zijn echter nog niet gezet.

ABN Amro is voorzichtig en stelt dat de verklaring van BPI laat zien dat het de goede kant op gaat, maar benadrukt dat de overeenkomst nog niet is beklonken. De advocaten van beide banken zijn nog in overleg om de zaak rond te krijgen.

Maar als de handtekeningen zijn gezet is de zaak voorbij?

Ook niet. De verkoop moet vervolgens worden goedgekeurd door drie instanties: door de centrale bank, beursautoriteit Consob en met name door het openbaar ministerie. Het OM heeft eind juli beslag laten leggen op de aandelen van Banca Popolare Italiana omdat de bank de wet had overtreden bij het vergaren van het belang. De verwachting is wel dat deze goedkeuring er zal komen. BPI heeft waarschijnlijk al contact gehad over de verkoop van de aandelen met de drie instanties die daar mede over gaan. Beursautoriteit Consob zal ABN Amro vervolgens opdragen opnieuw een openbaar bod uit te brengen op de (resterende) aandelen van Antonveneta. De Italiaanse wet schrijft voor dat er zo'n bod moet worden uitgebracht als een partij 30 procent of meer van de aandelen in een bedrijf bezit. De kans is groot dat de Nederlandse bank het oude bod van 26,50 euro contant per aandeel nieuw leven inblaast.

Zijn er dan nog struikelblokken?

Weinig, zo lijkt het, alhoewel er al vaak onverwachte wendingen zijn geweest in deze overnamestrijd. Zo kan het zijn dat Banca Popolare Italiana op het laatste moment toch afziet van een verkoop, dat andere aandeelhouders zich gaan roeren of dat de autoriteiten reden zien om de zaak tegen de houden. Een overname van Antonveneta door ABN Amro moet worden goedgekeurd door de centrale bank, de instantie die juist wilde voorkomen dat een buitenlandse partij een Italiaanse bank in handen kreeg.

Verdere tegenwerking van bankpresident Antonio Fazio lijkt echter onwaarschijnlijk. Fazio, samen met BPI dé tegenstrever van ABN Amro, heeft binnen en buiten Italië veel kritiek gekregen en er gingen binnen het Italiaanse kabinet stemmen op die riepen om zijn aftreden. Maar Fazio is voor het leven benoemd en de overheid heeft geen juridische macht om hem af te zetten. Nieuw verzet van Fazio tegen een overname door ABN Amro zou zijn positie echter nog moeilijker maken dan die al is.

Op welke termijn moet de verkoop nu worden afgerond?

Na een strijd die al sinds eind maart duurt lijkt het nu snel te kunnen gaan. BPI wil zelf dat de verkoop van de aandelen aan ABN Amro voor woensdag wordt afgerond. Dat is niet zo verwonderlijk aangezien de rechter in Italië donderdag beslist of het beslag van justitie op de Antonveneta-aandelen van Banca Popolare Italiana wordt voortgezet. Als de verkoop doorgaat zal het openbare bod van ABN Amro worden uitgebracht en krijgen aandeelhouders zeker een week of vier de tijd om hierop in te gaan. De verwachting is dat de overname van Antonveneta door ABN Amro voor het einde van het jaar beklonken kan zijn.

Als Antonveneta dan toch in handen komt van ABN Amro, wat wil ABN Amro dan met de Italiaanse bank en met de Italiaanse markt?

Italië moet de vierde thuismarkt worden van ABN Amro. De Nederlanders zijn al jaren op zoek naar zo'n vierde markt die – naast Nederland, Brazilië en het Midden-Westen van de VS – een kernmarkt moet worden voor de bank. Ook wilde ABN Amro graag een sterke positie in een tweede Europees land. In Italië staat de bankensector nog in de kinderschoenen. De consolidatie van die sector moet in het Zuid-Europese land nog op gang komen. Er zijn honderden kleine bankjes in het land en geen enkele bank is in handen van buitenlandse instellingen. Bovendien denkt ABN Amro dat er geld verdiend kan worden door veel meer diensten aan de bieden aan de Italiaanse consument door veel efficiënter te gaan werken.

    • Bas Mesters
    • Heleen de Graaf