Villepin werkt aan nieuw imago

Premier Dominique de Villepin, de schaduw van Jacques Chirac, werkt hard aan een nieuw imago, dat van aspirant-staatsman en presidentskandidaat. En met succes.

Het duurde maar een paar minuten, het Franse pleidooi gisteren op de VN-top in New York voor de invoering van een `wereldbelasting' op vliegtickets, ten faveure van aids-bestrijding in arme landen. Maar in Frankrijk brandden de schijnwerpers. Weer een bouwsteentje erbij voor het aanzien van de spreker, premier Dominique de Villepin, invaller voor de zieke president Chirac – en sinds kort aspirant-staatsman.

Jarenlang was Villepin de vlekkeloze schaduw van zijn baas, de trouwste der getrouwen van de president, die hij tien jaar diende als secretaris op het Elysée, minister van Buitenlandse Zaken en minister van Binnenlandse Zaken.

Sinds hij op 31 mei aantrad als premier, heeft de 51-jarige ex-diplomaat een onverwachte nieuwe dimensie gekregen. Hij is, vooral de laatste weken, uitgegroeid tot runner-up in de categorie potentiële presidenten.

De lancering van Villepin is voorlopig het meest tastbare politieke gevolg van de gezondheidsproblemen van de huidige president. Dat Chirac het nog even rustig aan moet doen na het `kleine ongeluk in de bloedvaten' dat hem begin deze maand een week in het ziekenhuis hield, heeft de premier de laatste weken de ruimte geboden om op de voorgrond te treden.

Villepin doet dat met zoveel verve en overtuiging, dat hij in de peilingen zijn mentor Chirac inmiddels is voorbijgestreefd. Niet Chirac, maar Villepin groeit uit tot de natuurlijke uitdager in het rechtse kamp van Nicolas Sarkozy, de minister van Binnenlandse Zaken en minister van Staat en verklaard kandidaat voor de verkiezingen in 2007.

De cijfers zijn veelzeggend: bij de aanhangers van hun eigen partij, de UMP, scoort Villepin, als relatieve nieuwkomer op de eerste rij, in verschillende peilingen inmiddels tussen de twintig en 25 procent als gewenste kandidaat-president. Minder dan tien procent van de eigen achterban ziet Chirac nog graag terugkomen als presidentskandidaat. Maar Sarkozy blijft favoriet: rond de zeventig procent van de UMP-aanhangers ziet in hem de ideale nieuwe president.

De conclusie ligt voor de hand. Als Chirac inderdaad zou overwegen zich niet te kandideren voor herverkiezing, is Villepin zijn beste antwoord op Sarkozy, de opvolger die de president in elk geval níet wenst. Maar de premier moet nog wel flink op jacht om de nummer twee uit zijn kabinet in te halen. Dat het snel kan gaan, blijkt uit de laatste weken. In de eerste maanden van de regering zette niet Villepin, maar Sarkozy de toon. De nieuwe premier leek nog te zoeken naar de juiste aanpak. Nu eens was hij sober en bescheiden, dan scherp en zelfbewust. Villepin gaf zichzelf na het nee in het referendum over de Europese Grondwet honderd dagen om het vertrouwen van de Fransen te herstellen. Hij stuitte aanvankelijk vooral op scepsis.

Ruim honderd dagen later is alles anders. Er zijn er inderdaad nog maar weinig concrete resultaten, maar wel een lawine van beloftes en plannen om de economie aan de gang te krijgen en de werkloosheid omlaag. Nu is de premier overal, kalm en zelfverzekerd.

En het werkt. Sarkozy wordt ineens agressief genoemd en vaker als de onderliggende partij beschreven. Het zit de superminister en UMP-leider de laatste weken tegen. Villepin was hem een paar dagen voor met de presentatie van plannen voor economische hervorming. In de weekbladen blijft de naderende echtscheiding van Sarkozy een gewild thema.

Het meest herhaalde `politieke' beeld op de televisie de laatste weken is dat van de lange atletische torso van Villepin – bezoekt regelmatig de sportschool, voetbalt nog elke week, ontvangt liefdesbrieven van vrouwelijke kiezers – die aan komt joggen na een verfrissende duik in de Atlantische Oceaan. Rivaal Sarkozy – drie koppen kleiner – zit sipjes op een terrasje te wachten om met Villepin te ontbijten. Chirac ligt dan nog in het ziekenhuis Val de Grace. De beeldenstrijd is zo scherp, dat het lijkt alsof de verkiezingscampagne al in volle gang is – met nog anderhalf jaar te gaan.

Een pikant gevolg van de titanenstrijd op rechts is dat het intern sterk verdeelde links op het moment nauwelijks een rol speelt in het politieke debat. Links lijkt even niet nodig: Villepin en Sarkozy zitten wel in één regering, maar ze doen er alles aan om uit te laten komen dat ze verschillende politieke lijnen voorstaan. En dat lukt voorlopig. Villepin figureert in het duel als de voortzetting van Chirac met andere middelen. Hij profileert zichzelf – net als Chirac – als centrum-rechts politicus met humanistische reflexen en een sociaal gezicht. Hij werpt zich op als verdediger van het `Franse model' van de welvaartsstaat en roept op tot `economisch patriottisme'. Hij is `sociaal-Gaullist'.

Sarkozy predikt juist de rupture, een radicale breuk met dertig jaar in zijn ogen mislukt beleid om de problemen van Frankrijk op te lossen. Niet toevallig omspant die periode bijna de hele politieke loopbaan van Jacques Chirac. Het `Franse model' werkt niet, meent de `liberaal' Sarkozy: zie de werkloosheid die stabiel rond de tien procent ligt.

Eén ingrediënt ontbreekt nog om de strijd compleet te maken: Villepin houdt zich officieel op de vlakte over zijn presidentiële ambities. Ernaar gevraagd op een persconferentie verwees hij met een bescheiden gebaar naar de mislukte pogingen van eerdere premiers om vanuit het Matignon meteen door te stoten naar het presidentiële Elysée: Chirac in 1988, Balladur in 1995, Jospin in 2002. Vergeefse moeite.

Zijn vergelijking bleek de volgende dag algemeen te zijn opgevat als het tegendeel van bescheidenheid. Niet eerder ging een premier immers zo vroeg in op zijn eigen kansen om president te worden.

Dit is de eerste bijdrage van onze nieuwe correspondent in Parijs.