Een gedroomd verleden

Alle dingen in Anshi hebben de kleuren die ze al hadden; niets is geverfd, behalve het haar van de hoer in het dorp op de steppe in Kazachstan waar de film begint. De kleuren van het landschap en de dingen die erin leven of stierven zijn onopzettelijk en daarom zo weergaloos, van de zweem gras die de scherpe bergen verzacht, tot het bont van een wolf dat om zijn poten wuift of het gezicht van een man omlijst. Niemand heeft geprobeerd het mooier te maken en dat hoeft ook niet, het is mooi genoeg.

Als travelogue is deze film al de moeite waard. Kazachstan is in deze uit en te na gefotografeerde wereld nog een tamelijk onontgonnen gebied, voor toeristen en voor filmmakers. Anshi is een film van Serik Aprimov (Aul Aksuat, 1960), een regisseur uit Kazachstan die ook – of juist, dat gebeurt bij zulke filmmakers eigenlijk vaker – in het westen bekend is. In 2000 was hij bijvoorbeeld `filmmaker in focus' op het Rotterdams filmfestival. Anders dan uit zijn vorige films, zoals Tri Brata, spreekt uit Anshi geen verlangen naar de grote stad, naar naar nieuwe dingen die de verveling op het vergeten platteland moeten verdrijven.

Deze film is nostalgisch. Het verlangen, ja, dat blijft, en richt zich deze keer op het verleden. Anshi betekent in het Kazachs jager, en een van de hoofdpersonen van de film is dan ook een ouderwetse jager die eenzaam in de bergen leeft en af en toe naar beneden komt om zijn voorraden aan te vullen, en voor seks. Daar beneden ontmoet hij een jongen die van het rechte pad is afgedwaald. Als de jongen met het geweer van de jager een winkel overhoop heeft geschoten, neemt hij hem mee naar de bergen en leert hem daar te overleven en volwassen te worden.

De manier waarop het landschap en de plaats van mensen daarin is gefilmd, doet denken aan een film als het op Baffin Island bij Groenland spelende Atarnajuat, The Fast Runner van de Inuit Zacharias Kunuk (2001), die drie jaar geleden `filmmaker in focus' op het Rotterdamse festival was. Maar Kunuk was zo slim zijn film ferm in het verleden te plaatsen, waardoor de nostalgie op afstand bleef. In Anshi, die vorig jaar in première ging op het filmfestival van Locarno, is het overweldigend duidelijk dat jagers nog schaarser worden dan wild.

In deze film zijn de zeden en gewoonten bovendien soms zo merkwaardig dat de regisseur ze zelf bedacht moet hebben. Wat te denken van een acrobatische seksscène op de rug van een dravend paard? Of van een impotente oude man die zijn jonge gesluierde vrouw op de rug van een kameel rondjes laat rijden om aan haar gerief te komen? In zulke scènes blijkt dat wie zijn verleden kwijt is, er maar een mythe van moet maken.

Aprimov maakte in Anshi een mengsel van echt en gedroomd verleden, in een landschap dat daar veel aanleiding toe geeft. De steppen, de bergen, de tenten, de dieren en de mensen zijn gefilmd alsof er geen verschil tussen bestaat. Het bont van een dier als zijn eigen vacht of als de kleding van een mens; het is hetzelfde.

Anshi (The hunter). Regie: Serik Aprimov. Met: Dogdoerbek Kidiraliev, Alibek Tsoeasbajev, Goelnatsjid Omarova, Ihtmbajev Noertshoeman. In: Rialto, Amsterdam; Haags Filmhuis; Lux, Nijmegen, 't Hoogt, Utrecht.