Schwanengesang

Bariton Matthias Goerne, vanavond voor Mahlers Rückert-Lieder te gast op het Gergjev Festival in Rotterdam, zei het al: ook als liedbegeleider blijft pianist Alfred Brendel een echte solist. De confrontatie tussen Brendels eigenzinnigheid en Goernes diepgravende liedinterpretaties leidde eerder tot een enerverende opname van Schuberts Winterreise. In een live-opname van Schuberts postuum samengestelde `cyclus' Schwanengesang zorgt de wisselwerking tussen Brendel en Goerne nu opnieuw voor de sensatie bekende liederen losgezongen te horen worden uit hun vertrouwde kaders. Dat Atlas het niet makkelijk had met de wereldbol op zijn schouders wisten we al, maar Goerne maakt diens leed met zijn sonoor vocaal geweld ook navoelbaar. En zo vindt Goerne met zijn gedegen, nergens routineuze aanpak elk thema als het ware opnieuw uit, en slaagt er zo in de teksten onbevangen te laten klinken. Brendel zou Brendel niet zijn als de contrasten tussen hoofd- en bijzaak in de pianopartijen niet haarfijn zouden worden onderscheiden, en dus klinkt het beekjesgekabbel in Liebesbotschaft opvallend gelijkmatig en onnadrukkelijk, en lichten stuwende baslijnen steeds helder op. Maar de kracht van de wisselwerking tussen zanger en pianist blijkt vooral in de manier waarop ze live de confrontatie aangaan; de dramatische ontwikkeling in een lied als Kriegers Ahnung wordt scherp uitgespeeld en -gezongen, Der Doppelgänger klinkt ongehoord onherbergzaam. De intensiteit van het liefdesverlangen in een eveneens bewogen uitvoering van Beethovens An die ferne Geliebte verbleekt daarbij enigszins.

Goerne/Brendel: Schwanengesang van F. Schubert (Decca, 475 60110)