Nederlands realisme aan de dromerige Donau

Met een door Rudi Fuchs samengestelde tentoonstelling van Karel Appel viert de Nederlandse kunstmecenas Gerard Meulensteen het vijfjarig bestaan van zijn museum op een schiereilandje in de Donau. ,,Geld is slechts bijzaak.''

Schuimkoppen staan op het water van de Donau, ter hoogte van het Slowaaks-Hongaarse grensgehucht Vodné Dielo. Verderop zijn de contouren zichtbaar van Bratislava. In zuidelijke richting, stroomafwaarts, varen vrachtschepen naar Boedapest.

,,Uit de weg!'', roept de bestuurder van een mintgroen geverfde Skoda, bouwjaar 1970. In volle vaart vliegt de auto met aanhangwagen over de dijk naar een schiereilandje in de Donau, om voor een ultramodern gebouw tot stilstand te komen. Twee kerels beginnen met het uitladen van fel gekleurde schilderijen die in allerijl het gebouw worden binnen gedragen. Museum `Danubiana', vermeldt een informatiebord.

Museum Danubiana? Voor de niets vermoedende passant heeft het tafereeltje meer weg van een kunstroof, uitgevoerd door Oost-Europese meesterkrakers. Maar als even later ook Rudi Fuchs arriveert, is er geen reden meer voor argwaan. Met vorsende blik maakt de Nederlandse curator zijn entree in het museum en loopt gehaast door de gangen waar tientallen werken van Karel Appel prijken. ,,Het hangt gelukkig allemaal recht'', zegt Fuchs tevreden.

Zaterdag vond de opening plaats van een overzichtstentoonstelling van Karel Appel in het Danubiana Meulensteen Art Museum, genoemd naar de Nederlandse ondernemer en kunstverzamelaar Gerard Meulensteen, die de bouw van het museum bekostigde. Meulensteen viert met de Appel-tentoonstelling, die nog tot 9 december is te bezichtigen, het vijfjarige bestaan van Danubiana. 67 Werken van Appel zijn er bijeengebracht door Rudi Fuchs, die voor de gelegenheid als curator optreedt.

In 2000, bij de opening van zijn museum, oogstte Meulensteen zowel bewondering als verbazing vanwege de keuze voor de locatie – een drassige lap grond in de Donau, op minstens een half uur rijden van de Slowaakse hoofdstad. Gedurfd, dat zeker. Maar had Meulensteen wel nagedacht over zoiets als bereikbaarheid? Toch geen overbodige luxe in een regio als Oost-Europa, waar niet iedereen beschikt over een auto.

De aanvankelijke scepsis is verdwenen. Vijf jaar na oprichting is het Danubiana nu een podium voor kunstenaars uit Midden-Europa, en het museum is bekend onder kunstliefhebbers en galeriehouders uit Wenen, Boedapest en Bratislava. Er waren tentoonstellingen van toonaangevende Slowaakse kunstenaars als Jozef Jankovič, Peter Pollág en Milan Lukáč, maar ook het werk van West-Europeanen (Corneille, Constant, Miguel Ybanez en Manuel Salina) was er te bezichtigen. Meulensteen kreeg voor zijn initiatief door de Slowaakse president Ivan Gasparović het Witte Tweekruis opgespeld, een speciale onderscheiding voor buitenlanders die investeren in de Slowaakse cultuur.

,,Geweldig dat dit soort mensen nog bestaat'', zegt Fuchs bij de opening van de tentoonstelling. ,,Meulensteen had met z'n miljoenen ook kunnen gaan rentenieren op een monstrueus plezierjacht.''

Kapitaal vergaarde Meulensteen met zijn in 1969 opgerichte bedrijf Neways Electronics, dat inmiddels 24 buitenlandse vestigingen heeft. Met de groei van zijn onderneming dijde ook zijn kunstverzameling uit. Meulensteen: ,,Vanaf de dag dat ik in de steriele kantoorgangen van mijn bedrijf moderne kunst introduceerde, steeg de productiviteit van de werknemers. Het inspireert en motiveert.''

Het Slowaakse avontuur begon voor Meulensteen met een ontmoeting halverwege de jaren negentig met Vincent Polakovič, destijds directeur van een klein Vincent van Gogh-museum in de Slowaakse stad Poprad. Meulensteen, gecharmeerd door de toewijding van Polakovič, zegde de Slowaak financiële steun toe.

Een paar jaar later had Polakovič een nieuw plan, ditmaal iets ambitieuzer: een nieuw museum voor moderne kunst. Meulensteen herinnert zich de dag dat Polakovic hem de toekomstige locatie liet zien. ,,Ik stond daar aan de oever van de Donau, in de mist, en dacht: moet dít het worden?''

In de maanden die volgden zorgde Polakovič voor de benodigde vergunningen via het Slowaakse waterschap, niet wetende dat Meulensteen op dat moment in Nederland vocht voor zijn leven. ,,Ik onderging een open hart-operatie toen Polakovic mijn vrouw belde: `Het is rond! We kunnen beginnen met de bouw.' Na mijn operatie voelde het alsof ik aan mijn tweede jeugd begon. Ik heb Polakovič meteen groen licht gegeven.'' Met de opening van de Appel-expositie, waarbij de kunstenaar zelf door ziekte niet aanwezig kon zijn, heeft Meulensteen zijn doel bereikt. Het Danubiana is bedoeld als katalysator voor kunstenaars uit deze regio, zegt Meulensteen. En tegelijk moet het fungeren als venster op kunst uit West-Europa. Meulensteen: ,,Speciaal voor deze tentoonstelling hebben twintig Slowaakse kunstenaars een schilderij gemaakt, geïnspireerd door het werk van Appel. Die interactie is dus tot stand gekomen.''

In de glazen hal, met uitzicht op de Donau, hangen tijdens de dag van de opening de Slowaken aan de lippen van Rudi Fuchs als die het verschil uitlegt tussen het platte Hollandse land en de lege vlakte van Midden-Europa. ,,Dat van ons is veel gedefinieerder, bijna geometrisch. Dat heeft realisten als Appel opgeleverd. Midden-Europeanen dromen op een weidse vlakte juist weg. Het zijn sprookjesvertellers.''

Ingeklemd tussen die twee uitgangspunten zit kunstmecenas Meulensteen. ,,Ik ben geen dromer. Daarmee zou ik geen succesvol ondernemer zijn geworden. Anderzijds is dobberen op een plezierjacht geen optie. Deze immateriële investering is voor mij van groot belang. Geld is slechts bijzaak.''

    • Tijn Sadée