Huiskamerkerk schuilt op Java achter rolluiken

Radicale moslims sloten de afgelopen maanden zeker drieëntwintig `huiskamer-kerken' van christenen in de omgeving van Bandung op West-Java. `Ik was bang. De politie keek slechts toe', zegt dominee Sibarani.

Dominee Manahan Sibarani wijst geëmotioneerd naar de okergele woning, die tussen de kruidenier en een bouwmaterialenwinkel staat. Het huis ligt in een van de rustieke straatjes van het stadje Cimahi op West-Javaanse platteland. In dit huis was tot een week geleden de Anglicaanse kerk gevestigd, vertelt dominee Sibarani.

Radicale moslims dwongen Sibarani zijn huiskamerkerk te sluiten. Na afloop van zijn laatste dienst stonden er zeker zeshonderd moslims bij hem op de stoep. ,,Ze vroegen of ik een vergunning had om hier kerkdiensten te houden. Maar die heb ik niet meer sinds ons kerkgebouw in 1996 in brand werd gestoken.''

De dominee zegt dat groep moslims hem dwong een brief te ondertekenen waarin hij beloofde te stoppen met ,,evangelisatie''. ,,Ik was bang. Er waren enkele politieagenten aanwezig. Die keken slechts toe.'' IJzeren rolluiken hangen voor de deur van zijn huiskamerkerk. De ramen zijn dichtgespijkerd.

Muhammed Mu'min van de Alliantie tegen Moslim Afvalligen (AGAP) moet grinniken om het verhaal van de bange dominee. Hij is trots op zijn aanhangers. In de afgelopen maanden sloten die zeker drieëntwintig van dit soort huiskamerkerken in de omgeving van Bandung.

De radicale moslimcommandant is in zijn dagelijks leven docent bedrijfskunde aan de Economische Hogeschool in Bandung. Hij is ervan overtuigd dat christenen zich bewust in huizen in kleine gemeenschappen vestigen met het doel zieltjes te winnen. ,,Meer dan tienduizend moslims in Indonesië zijn al bekeerd tot het christendom.''

Hij beweert dat sommige missionarissen daarbij geweld gebruikten of – zoals hij het noemt – ,,de sinterklaasmethode'': christenen kochten arme moslims met geld, rijst en lekkernijen om.

President Susilo Bambang Yudhoyono heeft zijn minister van Religieuze Zaken de opgedragen de zaak uit te zoeken. Commandant Mu'min en zijn volgelingen moeten van de president stoppen met hun acties. ,,Wie is er begonnen'', werpt de commandant woedend tegen om zelf zijn antwoord te geven: ,,De christenen. Ze zijn strafbaar. Ze hebben geen vergunning voor hun huiskamerkerk. De buren klaagden bij de politie wegens geluidsoverlast. Maar die deed niets.''

In zijn advocatenkantoor in het drukke centrum van Bandung zucht coördinator John Simon Timorason van het Forum van Christenen op West-Java nog maar eens heel diep. ,,Ik heb de meeste moslimleiders in Bandung en omstreken gevraagd of ze kunnen bewijzen dat wij moslims bekeren. Dat kunnen ze niet.''

Toch heeft John Simon, die ook dominee is, begrip voor de achterdocht van de moslims. In de buurt waar tot voor kort de Anglicaanse kerk van dominee Sibarani zat, zijn vierhonderd van de tweeduizend gezinnen christelijk. Maar er stonden in deze buurt wel zeven huiskamerkerken. Volgens John Simon worden christenen gedwongen om woonhuizen als kerken te gebruiken. ,,Omdat het zo verschrikkelijk moeilijk is om een vergunning voor een officiële kerk in Indonesië te krijgen.''

Moslims zijn op Bali en in Papoea in de minderheid. Ze klagen op hun beurt dat christelijke buren en de regionale overheid dikwijls de bouw van een nieuwe moskee willen tegenhouden.

Dominee John Simon laat een stapeltje foto's zien van kerken die eind jaren negentig in heel Indonesië in brand werden gestoken. Daar zat volgens hem ,,de politiek'' achter. Nu beweert hij dat fundamentalisten jonge mensen als commandant Muhammad Mu'min en diens sympathisanten provoceren. De dominee durft geen namen te noemen. Hij geeft als voorbeeld de Nationale Raad van Islamitische Geestelijken (MUI), die zich onlangs in een fatwa keerde tegen pluralisme, liberalisme binnen de islam en tegen gemengde huwelijken.

,,Moslims vormen in Indonesië de meerderheid. Maar ze gedragen zich alsof ze een minderheid zijn. Ze zeggen dat ze door christenen economisch worden onderdrukt. Daarom mogen wij het christendom niet verder verspreiden'', concludeert dominee John Simon.

In het slaperige plattelandsstadje Cimahi gaat het dagelijks leven ongestoord verder. Kinderen in roodwitte uniformen komen uit school. Onder een boom voor een warung (winkeltje) roken een paar mannen een kretek-sigaretje (kruidnagel). Ze wijzen naar een wit rijtjeshuis dat schuin aan de overkant van de straat staat. Tot twee weken geleden zat daar de Indonesische pinkstergemeente.

Een van de mannen, die liever zijn naam niet wil noemen, zegt dat hij blij is dat de kerk is gesloten. Zeven jaar geleden huurde de kerkelijke organisatie het woonhuis. ,,Zonder toestemming van ons'', zegt een van de buurtbewoners. Met het buurthoofd was ooit afgesproken dat zowel moslims als christenen hun religieuze bijeenkomsten niet in een woonhuis zouden houden. ,,We hebben hun aanwezigheid zeven jaar getolereerd. Elke zondag veroorzaakten ze overlast. Als de luidsprekers van de moskee te hard staan, klagen we ook.'' De kerkgangers kwamen volgens hem bijna allemaal van elders. Hij keurt de actie van commandant Mu'min en zijn radicale aanhangers af. ,,We hebben ze niet gevraagd om hier te komen'', zegt hij heel beslist.

Naast een van de gesloten huiskamerkerken hangt de 33-jarige Patmi uit het raam van haar ouderlijke huis. Ze draagt een sluier. Ze vertelt dat ze geen problemen had met haar christelijke buren. Ook niet als er op zondag tientallen auto's voor de deur stonden. ,,Leven en laten leven'', vindt ze.

Een paar huizen verderop noemt de christelijke eigenares van een elektronicawinkel het wel een goede zaak dat de huiskamerkerken gesloten zijn. Ze begrijpt dat te veel van dit soort ,,sektes'' de moslims wantrouwend maakt. Daarom adviseert ze de dominees van deze huiskamerkerken gezamenlijk een kerkgebouw te huren.

Op het prikbord voor de woning van het buurthoofd hangt een briefje waarin alle huiskamerkerken worden gesommeerd tot nader orde gesloten te blijven. Dominee Henoch Hermintoyo weigert er gehoor aan te geven. Hij zegt dat de lokale militaire commandant hem persoonlijk toestemming heeft gegeven om door te gaan met zijn kerkdienst. Elke zondag staan er militairen voor de ingang van de huiskamerkerk. Niet meer dan vijftig volgelingen komen hier samen. ,,Er bestaat toch vrijheid van godsdienst'', meent de dominee.

,,De dominee heeft de militairen beschermingsgeld gegeven'', beweert de radicale moslimcommandant Mu'min. ,,We gaan door tot er geen wilde kerk meer over is.''

    • Wilma van der Maten