Extra geld voor maatregelen tegen terreur

Het kabinet trekt voor volgend jaar 77 miljoen euro extra uit voor anti-terreurmaatregelen. Het geld zal met name worden ingezet voor de beveiliging van objecten en personen.

Ook het landelijk parket van het openbaar ministerie en de nationaal coördinator terrorismebestrijding krijgen extra geld.

De nationaal coördinator terrorismebestrijding, Tjibbe Joustra, maakte dit gisteren bekend in het NOS-journaal. Nadere details over de inzet van het extra geld worden op prinsjesdag bekendgemaakt.

Het verscherpte toezicht op trein- en metrostations, waartoe minister Donner (Justitie, CDA) afgelopen vrijdag besloot, is volgens een woordvoerder van zijn ministerie ook na het weekeinde nog steeds van kracht. Donner besloot tot die extra waakzaamheid naar aanleiding van een dreigingsanalyse van de coördinator terrorismebestrijding.

Voor het opstellen van de dreigingsanalyse werd gebruik gemaakt van informatie van veiligheidsdiensten, politie en openbare bronnen. Er zijn geen signalen van concrete terroristische dreigingen. De datum van 11 september (vier jaar geleden vonden de aanslagen in de Verenigde Staten plaats) speelde volgens de woordvoerder geen rol in het besluit. De verhoogde waakzaamheid betreft vooral openbaar vervoersknooppunten. Zo worden passagiers van de metrobedrijven in Amsterdam en Rotterdam gewaarschuwd om extra alert te zijn op verdachte tassen en pakketjes en eigen bagage niet onbeheerd achter te laten.

Sinds half juni werkt de overheid met een nieuw waarschuwingssysteem voor zogeheten vitale bedrijfssectoren, zoals de luchthaven Schiphol, de Rotterdamse haven en waterleidingsbedrijven. Binnenkort wordt daar de energiesector aan toegevoegd. Het `alerteringssysteem' kent – naast het normale basisniveau – drie fases: lichte, matige en hoge dreiging. Bij elk niveau horen specifieke maatregelen die de sectoren moeten nemen.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken bereidt in samenwerking met de grote steden een publiekscampagne voor met adviezen en tips over hoe als burger op te treden bij een grote calamiteit of een terreuraanslag.