Economie EU moet weer concurreren

De 25 ministers van Financiën van de landen van de Europese Unie lieten dit weekeinde in Manchester merken wel te weten hoe Europa er weer bovenop komt. Nu de rest van de Europese Unie nog.

Aan de Europese ministers van Financiën zal het niet liggen: unaniem zijn zij van mening dat onmiddellijk actie moet worden ondernomen om de economie in de Unie aan te zwengelen. De binnen Europa zo omstreden dienstenrichtlijn moet worden ingevoerd om de interne markt te completeren, sociale stelsels moeten hervormd, scholing moet opgevoerd en de Europese lidstaten mogen zich niet laten verleiden tot protectionistische maatregelen. En het helpt ook als de Unie nu eens snel werk maakt van het schrappen van overbodige regelgeving voor het bedrijfsleven.

Met deze boodschap die de ministers dit weekeinde in het Britse Manchester afgaven, kunnen de Europese regeringsleiders verder aan de slag. Zij komen eind volgende maand onder leiding van de Britse premier Blair in de buurt van Londen bijeen om ,,in informele sfeer'' met elkaar te praten over hoe de kwakkelende Europese economie weer aansluiting kan krijgen bij de rest van de wereld. Het moet een open dialoog worden, niet gehinderd door gevoeligheden. Dus staat de meerjarenbegroting voor de Europese Unie, waarover de EU-leiders tijdens hun laatste ontmoeting in juni hardhandig met elkaar in botsing kwamen, nadrukkelijk niet op de agenda. Hetzelfde geldt voor de Europese Grondwet, al weer zo'n verscheurend thema.

Onder leiding van Blairs kroonprins Gordon Brown verrichtten de Europese ministers van Financiën – in een eveneens informele setting – alvast enkele voorbereidende werkzaamheden voor de top van dit najaar. De plaats van samenkomst had nauwelijks symbolischer kunnen zijn: het door bouwkranen omringde nieuwe Manchester International Convention Centre is slechts een van de vele voorbeelden van de transformatie die de oude industriestad doormaakt op weg naar een modern centrum van de snelgroeiende dienstensector. Zo willen de Europese ministers van Financiën het de wantrouwende burgers graag voorhouden: vervanging van het oude hoeft niet per definitie tot verslechtering te leiden. In de woorden van Gordon Brown op een persconferentie: ,,We zitten in een overgangsfase waarbij de mensen moeten beseffen dat het beter is te investeren dan te beschermen.''

De sterke stijging van de olieprijzen is volgens hem wederom een voorbeeld van de kwetsbaarheid van de Europese economie. De duurdere olie raakt Europa harder dan de Verenigde Staten of China. Voor het zoveelste achtereenvolgende jaar zal de Europese economie minder groeien dan die van de belangrijkste concurrenten.

Met hun oproep om haast te maken met structurele hervormingen lieten de ministers van Financiën merken goed te hebben geluisterd naar de bijdrage van de econoom André Sapir. Deze invloedrijke adviseur van de Europese Commissie was samen met de bestuursvoorzitters van Unilever, Vodafone en Reckitt Benckiser dit weekeinde een van de inleiders voor de discussie. Sapir had felle kritiek op het uitblijven van de dienstenrichtlijn, die het mogelijk moet maken de zeer arbeidsintensieve sector – in totaal goed voor 70 procent van de werkgelegenheid – grensoverschrijdend binnen Europa te laten werken.

Het al jaren geleden aangekondigde voornemen om binnen Europa de grenzen te openen voor de dienstverlenende bedrijven kwam dit voorjaar na sterk verzet uit vooral Frankrijk tot stilstand. De goedkope Poolse loodgieter die al het werk van zijn dure Franse collega's ging overnemen werd hét symbool van de dreiging die de Europese welvaartsstaten boven het hoofd hing. Maar volgens Sapir keren degenen die tegen de dienstenrichtlijn zijn zich niet alleen tegen het bestaande Europese verdrag maar ook ,,tegen de realiteit''.

In een notitie voor de ministers van Financiën stelt hij: ,,Het is niet de interne markt die het Europees sociaal model bedreigt, maar de onmogelijkheid om dit model te hervormen. Met of zonder dienstenrichtlijn zal de rol van China als producerend land blijven groeien, en zal ook de exodus van dienstverleningsactiviteiten naar India onvermijdelijk blijken te zijn. Met of zonder dienstenrichtlijn zullen twaalf nieuwe lidstaten van de Unie met hun lage lonen invloed uitoefenen op de dienstenmarkt van de nabijgelegen oude EU-lidstaten met hun veel hogere inkomens. Gebeurt het niet openlijk, dan gebeurt het wel in de schemering.''

Voor de ministers van Financiën waren de aansporingen van Sapir, plus die van de captains of industry (,,meer innoveren, meer flexibiliteit, minder regels'') niet echt een punt van discussie. Zij zijn binnen hun regeringen toch al degenen die het meest recht in de leer zijn, zoals de Nederlandse minister Zalm zei.

De verklaring waarin de ministers van Financiën oproepen tot economische hervormingen kwam dan ook zonder al te veel moeite tot stand. Maar nu de anderen nog. Te beginnen volgende maand bij de regeringsleiders.