Het webcongres is verdeeld over auteur troonrede

De deelnemers van het webcongres, het online discussieplatform op www.nrc.nl/webcongres, zijn verdeeld over de vraag of de koningin zelf de troonrede moet schrijven en uitspreken.

In politiek Den Haag wordt al enige tijd overwogen om de wijze waarop de rijksbegroting wordt gepresenteerd te verbeteren. Ook dit jaar werden weer details uit de rijksbegroting bekendgemaakt die formeel pas op de derde dinsdag van september worden geopenbaard. Oppositieleider Bos (PvdA) betoogde vorige week dat hij de rol van prinsjesdag wil veranderen. Elk kabinetsbesluit over de begroting zou direct openbaar gemaakt moeten worden en niet moeten wachten tot prinsjesdag. Ook pleitte hij ervoor om ,,de koningin de gelegenheid te geven een eigen inhoudelijk en zinvol betoog te houden in plaats van haar een boodschappenlijstje te laten voorlezen dat iedereen al lang kent''.

Kamervoorzitter Weisglas achtte het vroegtijdig bekendmaken van de kabinetsvoornemens `onelegant' jegens koningin Beatrix en `onjuist' ten opzichte van de Tweede Kamer: ,,Misschien moet je op die dag niet langer de kabinetsplannen voor het nieuwe jaar laten presenteren, maar de koningin onder politieke verantwoordelijkheid van het kabinet een algemeen politiek verhaal laten houden.''

Is het denkbaar dat de presentatie van de rijksbegroting en de opening van het parlementaire jaar worden gescheiden? Met een aparte, plechtige opening met een inhoudelijke rede van het staatshoofd, opdat we verlost zijn van de jaarlijkse publicitaire kramp rond de begroting? Ja, de koningin kan haar eigen thematische troonrede uitspreken, ontbloot van de verplichte boodschappenlijst met begrotingsposten, meende een zeer krappe meerderheid van het webcongres. ,,Als je de monarchie serieus wilt nemen, geef je het staatshoofd de ruimte om haar zegje te doen'', verwoordt Armand van Ommeren uit Bavel de mening van een belangrijk deel van de `ja'-stemmers.

J.W. Muller uit Zeist wil dateen staatshoofd ,,in een parlementaire democratie een persoonlijke, eigen visie over het reilen en zeilen van de staat en haar ingezetenen laat zien. Gortdroge informatie zoals een begroting openbaren is niet de verantwoordelijkheid van het staatshoofd. Laat dit dan ook over aan de minister-president.''

Omdat de inhoud van de troonrede nu eenmaal ,,sterk afhankelijk is van de kleur van het kabinet'', stelt Jaap Bergsma, is het voorlezen ervan door de koningin een 'wassen neus': ,,Daarom zou ik er voorstander van zijn, dat Hare Majesteit een soort eigen State of the Union schrijft waarin ze naar voren brengt wat haar heeft beziggehouden en wat zij hoopt dat wordt verwezenlijkt.''

Een politieke stellingname lijkt Bart Hengeveld uit Schoonhoven daarbij ongewenst. ,,De ministeriële verantwoordelijkheid voor wat de koningin zegt blijft bestaan. Mogelijk kan Hare Majesteit proberen om haar ministers nog enige goede manieren bij te brengen.'' Roeland Makkink uit Rotterdam voegt daaraan toe: ,,De afgelopen jaren presteerden de premiers, onder wier leiding de troonrede wordt geschreven, het om er een taal- en stijlkundig gedrocht van te maken. Koningin Beatrix heeft gezien haar kersttoespraken al ruim voldoende bewezen dat zij een mooie rede op papier kan zetten.''

De bijna even grote groep tegenstanders van Hare Majesteits eigen troonrede wijzen op de constitutionele beperkingen: (alweer) de verantwoordelijkheid van de minister-president voor haar uitspraken, het feit dat het staatshoofd deel uitmaakt van de regering en het `geheim van Noordeinde' waardoor de koningin wel verplicht is zich in het openbaar slechts in algemene termen te uiten. ,,Ons staatshoofd is niet gekozen in een democratisch proces en heeft dus ook geen mandaat van het volk om politieke uitspraken te doen'', schrijft Paul van den Bergh uit Tilburg. ,,De rol die de koning/koningin speelt is een louter symbolische (vertegenwoordiger van de natie en eenheid) en zal boven dan wel neutraal tegenover standpunten moeten staan, hoezeer ze zelf als persoon ook een mening zal hebben.''

Een aantal lezers schaart zich achter fractievoorziter Rouvoet van de ChristenUnie, die het vroegtijdig bekendmaken van hoofdlijnen uit de Miljoenennota ,,een uitholling van prinsjesdag'' noemde. Rouvoet had staatsrechtelijke bezwaren tegen de persconferentie van de premier waarin de kabinetsplannen werden gepresenteerd, omdat artikel 65 van de Grondwet bepaalt dat ,,op de derde dinsdag van september (...) door of namens de Koning in een verenigde vergadering van de Staten-Generaal een uiteenzetting wordt gegeven'' van het regeringsbeleid.

Een andere groep tegenstanders van een persoonlijk getint verhaal van de koningin redeneert vanuit een republikeinse overtuiging. ,,Elke mogelijkheid die zij nu heeft om het democratische proces te beïnvloeden moet de koningin onmiddellijk ontnomen worden'', schrijft bijvoorbeeld Philip Weijers uit Heemstede. ,,De voorkeur gaat uit naar een gekozen staatshoofd. Als dat niet haalbaar is, een staatshoofd met een louter ceremoniële functie.''

Remco Ekkers uit Zuidhorn licht zijn `geen mening' kernachtig toe: ,,Koningen passen niet in deze tijd.''