Gebruik van islamitisch recht verdeelt Canadezen

Mogelijke toepassing van islamitisch recht in de provincie Ontario heeft in multicultureel Canada tot een fel debat geleid. ,,Ik had nooit kunnen denken dat ik hier met dit probleem zou worden geconfronteerd'', zegt een moslim.

Homa Arjomand kan nauwelijks geloven dat ze gisteren een protestdemonstratie leidde tegen toepassing van islamitisch recht in de Canadese provincie Ontario. In 1989 verliet de vrouwenrechtenactiviste haar geboorteland Iran, op de vlucht voor bedreiging met de dood door moslimfundamentalisten. Nu ziet ze zich genoodzaakt campagne te voeren tegen het gebruik van de shari'a, het islamitisch recht, in haar nieuwe land: Canada.

,,Ik had nooit kunnen denken dat ik hier met dit probleem zou worden geconfronteerd'', zegt Arjomand voor het parlementsgebouw van Ontario in Toronto. Voor het oog van honderden demonstranten riep ze de regering van Ontario op een einde te maken aan de toepassing van de shari'a in Canada.

,,De islam is erin geslaagd ons rechtsstelsel binnen te dringen door misbruik te maken van het Canadese multiculturalisme-beleid'', zegt Arjomand. ,,Multiculturalisme wordt gebruikt om vrouwen te onderdrukken, want ze worden gedwongen om aan te kloppen bij de imams en de ayatollahs en de moskeeën in hun gemeenschappen. De hulp die ze daar krijgen is die van een ouderwetse cultuur.''

Arjomand is het hoofd van de Internationale Campagne tegen een Shari'a-tribunaal in Canada, een groep die zich verzet tegen erkenning van het zogeheten Islamic Institute for Civil Justice. Die organisatie van islamitische geestelijke leiders in Ontario levert bindende arbitrage bij familieconflicten, zoals over echtscheidingen, voogdij en erfenissen, aan leden van de moslimgemeenschap die dergelijke geschillen buiten de rechter om willen schikken, op basis van vrijwilligheid.

Het omstreden initiatief speelt in op de arbitragewet van Ontario. Die wet, ingevoerd in 1991 om het overbelaste rechtssysteem te ontzien, stelt partijen bij civiele geschillen in staat hun conflict bindend te laten arbitreren door een deskundige, op basis van de rechtsprincipes van hun keuze. Als één van beide partijen zich niet aan de uitkomst van de arbitrage houdt, kan de ander naar de rechter stappen wegens contractbreuk.

Arbitrage op basis van de shari'a gebeurt in moskeeën in en rond Toronto, zegt initiatiefnemer Syed Mumtaz Ali, een islamitisch rechtsgeleerde in Ontario. ,,Daar is niets mis mee, dat is de essentie van de multiculturele maatschappij.''

Priesters en rabbijnen worden in Canada al jaren betrokken bij bemiddeling van geschillen op het gebied van familierecht, zonder veel ophef. Het islamitisch initiatief heeft echter geleid tot een verhit debat in tolerant Canada.

,,Ik sta versteld dat de regering van Ontario dit toelaat'', zegt Rose, een immigrante uit Iran die tien jaar geleden naar Canada kwam met haar ouders. Ze is niet-belijdend moslim en wil niet met haar achternaam in de krant. ,,Wij zijn hier gekomen voor een beter leven. We willen niet worden onderworpen aan dezelfde wetten als in Iran. Wie naar dit land komt, moet volgens de wetten van dit land leven.''

Rose is naar de demonstratie gekomen ter ondersteuning van de rechten van zwakkere vrouwen binnen de Canadese moslimgemeenschap, zegt ze. ,,Zelf zal ik nooit naar een shari'a-bemiddelaar stappen, maar ik maak me zorgen om andere vrouwen die niet in een positie zijn om dat te weigeren. Als ze geaccepteerd willen worden binnen de gemeenschap, zullen ze onder enorme druk staan om van het tribunaal gebruik te maken bij voorbeeld bij een echtscheiding. Ook al worden vrouwen daarbij meestal oneerlijk behandeld.''

De regering van Ontario beraadt zich al meer dan een jaar over de vraag hoe het op het shari'a-tribunaal moet reageren. Het arbitrage-initiatief voldoet aan de wet, en het heeft geen pas om de moslimgemeenschap te verbieden wat andere geloofsgemeenschappen wel is toegestaan. Vorig jaar werd een speciale commissaris benoemd om de kwestie te bestuderen. Commissaris Marion Boyd adviseerde shari'a-arbitrage toe te staan, op voorwaarde dat beide partijen in een geschil altijd van onafhankelijk juridisch advies worden voorzien voordat ze zich aan arbitrage onderwerpen.

Wat Arjomand betreft gaat dat niet ver genoeg. Zij pleit voor afschaffing van alle arbitrage op basis van religieuze regels. Ze verwijst naar de overwegend Franstalige Canadese provincie Québec, waar het parlement dit voorjaar unaniem verklaarde dat er geen plaats is voor de shari'a. De initiatiefnemer van die motie, Fatima Houda-Pepin, een liberaal parlementslid van Marokkaanse afkomst, waarschuwde dat invoering van de shari'a in Canada het rechtssysteem ondermijnt.

Arjomand juicht de vastberaden aanpak van Québec toe. Volgens haar past de poging om de shari'a erkend te krijgen in Ontario binnen een wereldwijde beweging van moslimfundamentalisten voor meer invloed. ,,Als wij het hier toelaten, dan proberen ze het hierna in Engeland, en in Duitsland, en in Nederland. Daarom moeten we dit initiatief op een wereldwijde manier bestrijden.''

Mumtaz Ali wijst de bezwaren als ,,bangmakerij'' van de hand. Wel wil hij kwijt dat shari'a-arbitrage misschien ook een goed idee zou zijn voor Nederland, ,,waar de moslimbevolking een aanzienlijk deel van de maatschappij vormt''. Arbitrage betekent minder werk voor het rechtssysteem, zegt hij.