Een stripgod met drie levens

De bescheiden Will Eisner (1917-2005) moest even wennen toen een belangrijke Amerikaanse stripprijs naar hem werd vernoemd. Voortaan was er, naast de `Harvey' ook een `Eisner Award', die de naamgever – en bedenker van The Spirit en A Contract with God – jarenlang persoonlijk uitreikte. Sterker nog, hij kreeg hem zelf ook een keer. Terecht, want Eisner was een strippionier die decennia geleden al een moderne beeldtaal ontwikkelde. Tot zijn dood in januari dit jaar is hij blijven doortekenen, en wel aan zijn postuum gepubliceerde striproman The Plot.

Kort na Eisners dood is er een aantal boeken verschenen dat nog eens zijn belang voor de `negende kunst' onderstreept. Eisner bleef als geen ander pal staan voor de mogelijkheden van het getekende beeldverhaal. Hij maakte zich sterk voor `zijn' medium vanaf zijn eerste studiowerk in de jaren dertig voor Wow! What a Magazine tot en met zijn latere colleges striptekenen aan de New Yorkse kunstacademie.

Het eerste eerbetoon bracht het gezaghebbende Amerikaanse striptijdschrift The Comics Journal in mei j.l. uit, in de vorm van een dik themanummer. Bijna iedereen die iets met Eisner had, vertelt waarom hij zo'n goede striptekenaar was of dist sappige anekdotes op. Het zijn stuk voor stuk korte artikelen die elkaar soms overlappen, maar voor tien dollar krijg je wel een goed overzicht over 's mans leven en werk.

Iets gestructureerder is de zojuist verschenen rijk geïllustreerde biografie van Bob Andelman, Will Eisner: A Spirited Life. Dit boek bevat een schat aan informatie uit de begintijd van Eisners carrière, die samenviel met de opkomst van de Amerikaanse strip. Niet voor niets stond Eisner model voor Michael Chabons hoofdpersonage in de Pulitzer Prize-winnende roman The Adventures of Kavalier and Clay, die betrekking heeft op `The Golden Age of comics'. Chabon vertelt in de epiloog van Andelmans boek hoe hij als jonge, nog onbekende auteur onderzoek deed en de tekenaar, als een van de laatste ooggetuigen uit die tijd, om een interview vroeg. Tijdens Chabons enthousiaste kruisverhoor fluisterde Eisner in zijn vrouw Ann's oor: ,,Fanboy''. Chabon wilde niet zoveel over de strips weten, maar juist alle persoonlijke details en historische omstandigheden waarin vroeger werd gewerkt. Toen Eisner later lucht kreeg van Chabons prestatie was hij hem zo dankbaar dat hij voor hem een doek schilderde waarop The Spirit diens boek leest en een briefje: `Bedankt Michael, je hebt het precies zo beschreven als het was.'

Uit Andelmans interviews komt een beeld naar voren van een aimabele, verlegen man die ambitieus was in zijn werk en, wat hem minstens zo bijzonder maakte in de stripwereld, ook een scherp zakenman was. Al snel na zijn eerste publicaties, richtte Eisner samen met Jerry Iger een eigen studio op. De Eisner-Igerstudio werd vooral bekend met The Spirit, die als een apart katern bij regionale kranten verscheen. Als een van de weinige tekenaars behield Eisner op die manier de rechten op zijn eigen creatie. Doorgaans verkopen tekenaars hun personage aan een studio, die daar vervolgens een team op zet. Toen Eisner in 1952 stopte met The Spirit, was dat ook het definitieve einde van deze merkwaardige, gemaskerde superheld zonder superkrachten, al werden in de jaren negentig onder supervisie van Eisner nog vergeefse pogingen gedaan de strip op te starten.

inspiratiebron

The Spirit valt op door uitzinnige openingspagina's, waarin Eisner telkens grafische experimenten uithaalt met de titels, en door de combinatie van humor met een Film Noir-sfeer. In de jaren zestig wilde iedereen The Spirit lezen, maar het was nergens meer te vinden. Enkele uitgevers, onder wie Denis Kitchen, besloten de oude verhalen te bundelen. Een revolutionair idee, want voor heel wat generaties striptekenaars is Eisner op die manier hun belangrijke inspiratiebron geworden.

De vernieuwende stijl van The Spirit en Eisners bijna legendarische zakeninstinct zijn ook twee belangrijke thema's in Eisner/Miller van Charles Brownstein. Zoals François Truffaut en Alfred Hitchcock in de jaren zestig een lang gesprek voerden over de ins en outs van hun medium, zo hebben ook Frank Miller (Sin City) en Eisner een paar dagen over strips zitten praten terwijl de bandrecorder liep. In Andelmans biografie wordt maar kort naar dit boek verwezen, omdat Eisner zich slecht op dat project zou hebben voorbereid. Maar dat lees je aan de inhoud van Eisner/Miller nauwelijks af. Eisner toont misschien niet zoveel respect voor Millers soms gewelddadige strips, maar beseft wel dat Miller als striptekenaar nauwelijks voor hem onderdoet. Bijna alle problemen (én oplossingen) die een striptekenaar op zijn pad vindt, komen aan bod. Van het tekenen van regen tot auteursrechten, van literaire strips tot inkttechniek – dit alles in een bijzonder leesbare dialoogvorm. Sommige anekdotes zijn niet meer dan roddels, en een aantal hoofdstukken is wel erg toegespitst op de Amerikaanse comics-markt. Toch blijft het een sterk idee om twee reuzen uit verschillende stripgeneraties met elkaar te laten kletsen over hun beroep.

Eisner mag dan een reus heten, hij heeft niet altijd interessante strips gemaakt. Na zijn militaire dienst verluchtigde hij bijvoorbeeld gortdroge instructieboeken voor nieuwe rekruten en twintig jaar lang werkte hij ook voor het legertijdschrift Preventive Maintenance Monthly. Een ronduit saaie periode, die moeilijk te rijmen is met de bijna legendarische periodes vóór en na deze tijd. Toch gaat Andelman in zijn biografie uitgebreid in op die legerstrips en dat is onbegrijpelijk.

Aanklacht

Pas eind jaren zestig krijgt Eisners carrière weer glans. De tekenaar, dan bijna met pre-pensioen, bezoekt een stripconventie – een nieuw fenomeen tijdens de opkomst van de stripunderground – en wordt onthaald als een god. Iedereen houdt van The Spirit en zijn werk wordt heruitgegeven en herontdekt. Eisner, geïnspireerd door dat enthousiasme, schrijft dan, in de jaren zeventig, opnieuw stripgeschiedenis en wel met de klassieker A Contract with God. Hij noemt het een `graphic novel', om het boek te kunnen verkopen aan een literaire uitgever, en introduceert daarmee een nieuw genre dat alleen maar populairder wordt.

Eisners derde carrière is nog het indrukwekkendst. Met de gretigheid van een jongeman tekent hij zich – inmiddels bejaard – een tennisarm en produceert het ene na het andere boek, waaronder Fagin the Jew en The Plot, zijn twee laatste, die allebei scherpe aanklachten tegen het antisemitisme bevatten. In de meeste van zijn graphic novels speelde Eisners joods-zijn al een rol op de achtergrond, maar nu maakt hij er echt een punt van. In Fagin the Jew neemt hij Dickens' personage uit Oliver Twist apart en schetst hij het geplaagde leven van de man die we in deze roman hebben leren kennen als een stereotype, oude, gierige jood. Eisner laat zien hoe moeilijk de joden het toen hadden in Engeland en dat Dickens, net als bijna iedereen toen, eigenlijk een racist was.

In zijn laatste boek, The Plot, the Secret Story of the Protocols of the Elders of Zion, gaat Eisner nog een stap verder. Hij duikt in de geschiedenis van dit beruchte, antisemitische pamflet dat ooit aan het einde van de negentiende eeuw in Rusland in elkaar werd geflanst en vervolgens een hardnekkig bestaan leidt als `bewijs' tegen het jodendom. Voor het eerst waagt Eisner zich aan non-fictie en heeft hij bibliotheken doorgespit om voor eens en voor altijd de mythe rond de protocollen te ontrafelen, of zoals hij het zelf zegt: ,,Nog een spijker te slaan in de doodskist van deze vreselijke, vampierachtige leugen.'' Maar hoe goed alle boeken ná A Contract With God ook zijn, de naam Eisner zal juist aan dat Contract en aan The Spirit verbonden blijven. En dat is geen slechte erfenis.

Bob Andelman: Will Eisner: A Spirited Life. M Press, 352 blz. €15,99

Charles Brownstein: Eisner / Miller. Dark Horse, 352 blz. €22,–

Will Eisner: The Plot. The Secret Story of the Protocols of the Elders of Zion. Norton, 148 blz. €22,50

Will Eisner: Fagin the Jew. Doubleday, 128 blz. €16,95. De vertaling verschijnt dit najaar bij Atlas. The Comics Journal nr. 267, April/May.

Will Eisner Memorial Issue. Fantagraphics books, 200 blz. €11,50

    • Gerard Zeegers