Oudere jongeren betalen VUT ABP

Ambtenaren en leraren van middelbare leeftijd betalen het meest aan het afschaffen van het huidige VUT-systeem voor overheidspersoneel. Zij zullen ook het langst hebben betaald als het VUT-systeem, waarbij werkenden betalen voor niet-werkenden, in 2023 is afgeschaft.

Dat blijkt uit gegevens die AbvaKabo FNV gisteren heeft publiceerd. In het document geeft ambtenaren- en lerarenpensioenfonds ABP een overzicht van de kosten van het akkoord over de afschaffing van de VUT dat de overheid en de vakbonden in juli afsloten. Dat akkoord was nodig omdat het kabinet de fiscale subsidie van prepensioen en VUT per 1 januari 2006 afschaft.

Met de publicatie van de gegevens geeft AbvaKabo toe aan druk van een actiegroep van jonge ambtenaren. Zij protesteerden tegen het akkoord toen bleek dat zij de komende 17 jaar moesten betalen aan de verdwijnende VUT-regeling en eisten inzicht in de berekeningen van de premies. Het is niet gebruikelijk dat pensioenfondsen in detail bekend maken hoeveel de verschillende leeftijdsgroepen bijdragen aan de kosten van het pensioenfonds.

Het afschaffen van het VUT-systeem kost de komende 17 jaar 12 miljard euro. Zestig procent daarvan, ruim 7 miljard, wordt betaald door ambtenaren en leraren die op 1 januari 2006 ouder zijn dan 36 jaar. Het grootste deel betaalt de groep van 36-45 jaar oud: dertig procent, ofwel 3,6 miljard. Overgangsregelingen bij het afschaffen van VUT- en vroegpensioenregelingen zijn niet ongebruikelijk, maar de deelnemers bij ABP zijn duur uit omdat vrijwel het volledige vroegpensioen betaald werd door de werkende ambtenaren. Tot nu hebben de deelnemers hier weinig voor gespaard.