Kabinet legt het accent op nieuw asfalt

Het kabinet wil de knelpunten in het wegennet eerst wegwerken, en er daarna geld van de automobilist voor vragen. ,,Je moet laten zien dat het in de praktijk werkt.''

Geen kilometerheffing maar een versnellingsprijs. Dat is de boodschap in de nieuwste versie van de nota Mobiliteit van minister Peijs (Verkeer en Waterstaat, CDA). Zij heeft daarin de besluiten van het kabinet van vorige week verwerkt. De Tweede Kamer kan nu een oordeel geven over het beleidsplan.

De nota is de definitieve uitwerking van de Nota Ruimte over de planologische indeling van Nederland. Het kabinet legt in beide stukken een accent op de economische groei.

Het besluit om een heffing op het gebruik van autowegen in te voeren voor het hele land wordt overgelaten aan een volgend kabinet. Dat gebeurde in het verleden ook onder andere kabinetten.

Maar de huidige ploeg gaat ,,voortvarend aan de slag'' om alvast wel de versnellingsprijs te introduceren. Die is bedoeld ,,voor notoire knelpunten'', zoals de ringweg A10 rond Amsterdam, de A4 bij Leiden en de A28 bij Utrecht. Peijs geeft aan dat ze deze knelpunten ,,in de voorfase'' van het rekeningrijden wil aanpakken. Dat kan in samenwerking met het bedrijfsleven en regionale en lokale overheden. Als het knelpunt is opgelost, kan een prijs worden bepaald voor het gebruik van dit weggedeelte. ,,Je moet laten zien dat het in de praktijk werkt, verkeersmodellen alleen zijn niet voldoende'', aldus Peijs.

Het kabinet heeft de aanbeveling van de commissie-Nouwen op dit punt niet overgenomen. Deze adviseurs van het kabinet vonden het moment ,,dat de schop de grond in gaat'' wel geschikt om te beginnen met de tolheffing. Peijs laat na een stevige discussie in het kabinet nu weten dat deze beperkte vorm van beprijzen aan voorwaarden zal worden gebonden.

Zo moet de doorstroming substantieel verbeteren en gaat de heffing in als het werk klaar is ,,en de overlast van de wegwerkzaamheden is afgelopen''. Ook hier mogen de kosten van administratie en heffing niet te hoog zijn. De automobilist zal er aan het begin van de wegwerkzaamheden wel op attent worden gemaakt dat er later een prijs moet worden betaald.

Behalve deze versnellingsprijs ziet het kabinet ook wel mogelijkheden voor tolheffing op enkele weggedeeltes. Hierbij gaat het in de eerste plaats om zes trajecten waar uitbreiding of nieuwe aanleg noodzakelijk is, maar waarvan de financiering niet helemaal rond is. ,,Tol geldt op die locaties waar de doorstromig substantieel verbetert door de aanleg'', aldus Peijs in de nota. De zes weggedeeltes zijn A6-A9, A4 (Delft-Schiedam), A27 (Merwedebrug), A4-A15, ring Utrecht (A2-A12 en de Tweede Coentunnel in de A10.

Op een illustratie in de nota staat verrassend de Zuiderzeelijn ingetekend, waarvan de Tweede Kamer al heeft gezegd dat hiervan eerst nog eens het nut en de noodzaak moet worden onderzocht, geheel overeenkomstig de bevindingen van de commissie-Duivesteijn. Uit een toelichting blijkt dat het kabinet deze opvatting ook overneemt. ,,Voor de Zuiderzeelijn wordt een vervolgproces ingezet dat gericht is op besluitvorming in 2006 over nut en noodzaak.'' Het voornemen om de lijn aan te leggen moet worden onderzocht op maatschappelijk rendement, zegt Peijs.

Het accent in de nota ligt sterk op `asfalt', zo blijkt uit de financiele toelichting. Ruim dertig miljard euro is tot 2020 bestemd voor wegen, bijna de helft is zelfs bedoeld voor uitbreiding of nieuwe gedeeltes. Daarentegen krijgt het openbaar vervoer zo'n 13 miljard waarvoor enkel onderhoud en hier en daar een verbetering kan worden gerealiseerd. Er is geen geld voor nieuwe spoor- of busprojecten.

De bestuurders van de noordelijke provincies herkennen zich niet in het beeld dat Peijs geeft in haar nota over de verkeerssituatie in de regio. Volgens de bewindsvrouw zijn daar geen knelpunten, maar het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN), waarin de provincies Groningen, Friesland en Drenthe gezamenlijk opereren, heeft in een brief aan de ministerraad laten weten dat hier wel degelijk knelpunten zijn.

Vooral de zuidelijke ringweg van Groningen, het verouderde knooppunt Joure, de N33 tussen Assen en Veendam en de 'haak' rond Leeuwarden (N31) vragen volgens het SNN om een snelle aanpak.