`Het is goedkoper als ik thuisblijf'

Bernadette Kwaks, moeder van drie kinderen, heeft het minder goed dan twee jaar geleden. Ook is ze gestopt met werken. Volgens het SCP gebeurt dat vaker.

Bernadette Kwaks, 38 jaar, woont in Helmond, Noord-Brabant, in een nieuwe wijk met roodbakstenen huizen van rond de 300.000 euro, speelplaatsen, scholen en heel veel kinderen. Zelf heeft ze er drie: Sien van 6, Saar van 5 en Tijn van ruim 3. Ze is getrouwd met Mennon Bijnsdorp, financial controller bij een handelsonderneming in Helmond. Het is dinsdagochtend half elf, de twee meisjes zijn naar school en Tijn speelt bij een vriendje van de peuterspeelzaal.

Alsof ze door het Sociaal en Cultureel Planbureau is uitgekozen om het rapport dat afgelopen maandag werd gepresenteerd kracht bij te zetten. Zo klinkt het verhaal van Bernadette Kwaks. Maar ze is niet uitgekozen, ze is toevallig de eerste bij wie NRC Handelsblad terechtkomt om te vragen of het ook voor haar geldt: dat ze het de afgelopen jaren minder goed heeft gekregen. Want dat staat in dat rapport van het SCP, De sociale staat van Nederland.

Paren met kinderen zijn erop achteruitgegaan. En het aantal vrouwen met betaald werk is verminderd.

Ze zegt: ,,Ik ben in april gestopt. We hadden uitgerekend dat de kinderopvang ons door de nieuwe wet 1.000 euro per maand kostte. Het was goedkoper als Mennon fulltime ging werken en ik thuisbleef.'' Eerst werkte hij vier dagen, en zij drie dagen, als consulent bij het Centrum voor Werk en Inkomen.

Haar man, zegt ze, was het er meteen mee eens dat zij ophield. Maar zelf vond ze het een moeilijke beslissing. ,,Ik heb altijd een eigen inkomen gehad. Ik ben ook best feministisch opgevoed. Mijn moeder leerde me dat vrouwen voor zichzelf moeten kunnen zorgen. Op school leerden we dat een slimme meid op haar toekomst was voorbereid. En dan héb je gestudeerd en héb je altijd gewerkt, en dan moet je om financiële redenen stoppen.'' Ze heeft mailtjes gestuurd naar Femke Halsema, zegt ze. ,,Ik heb haar uitgelegd wat de gevolgen waren van de nieuwe wet, en hoe krom het was.'' Ze kreeg een mailtje terug: dat het zou worden `meegenomen' in de debatten.

Ze is nu overblijfmoeder op de school van haar dochters. ,,Het CDA zal blij met me zijn.'' Ze is een cursus fotografie begonnen. Aan de muur bij de keuken hangen portretten van haar kinderen. En er is een hondje in huis gekomen. Een Dalmatiër, tien weken oud. ,,Er zijn ook positieve dingen'', zegt ze. ,,De kinderen vinden het alleen maar fijn dat ik thuis ben. En het bevalt mijn man heel goed dat hij meer kan werken.'' Zelf twijfelt ze nog steeds. De meeste mensen

die ze kent, zegt ze, hebben begrip voor haar beslissing. Maar ze

denkt weleens: ze zouden boos moeten zijn. ,,Het was toch de bedoeling dat vrouwen ook zouden werken?''

Eén fulltime baan en geen kinderopvang meer – daardoor hebben zij en haar man nu net zoveel inkomen als vóór april, toen ze nog allebei werkten. Maar ze hebben wel minder te besteden, zegt Bernadette Kwaks. ,,Belachelijk eigenlijk. We verdienen twee keer modaal, een goed salaris voor twee hbo'ers. Er zijn mensen die van veel minder moeten rondkomen. Maar ik moet echt opletten. Twee jaar geleden was het anders. Als we iets nodig hadden, dan kochten we het.''

Waarom kan dat nu niet meer?

,,We hebben meer kosten gekregen. De twee meisjes hebben een ziekte waardoor ze een streng dieet moeten volgen. Ze moeten ook naar de fysiotherapeut. Dat wordt niet meer vergoed. De logopediste wordt maar gedeeltelijk vergoed. Voor de dieetkosten kunnen we per jaar 1.100 euro van de belasting aftrekken. Maar een half brood zonder gluten kost vier euro. Ze eten het in één dag op.''

Minder uit eten, geen vliegvakanties meer maar kamperen, niet meer twee dure auto's, naar de Lidl in plaats van naar Albert Heijn. Maandag is ze een paar uur teruggeweest bij haar oude werkgever. Die had haar gebeld: of ze af en toe als oproepkracht kon komen helpen. Het was prettig, zegt ze. ,,Thuis is het de hele dag mám, mám.'' Haar man had voor het eerst in maanden de kinderen weer eens naar school gebracht.

Om kwart voor twaalf gaat ze op de fiets haar zoontje ophalen bij zijn vriendje. ,,Ik ken nu meer moeders in de buurt'', zegt ze. ,,Dat is ook een voordeel.'' Het vriendje, Thijs, woont een paar straten verderop. Zijn moeder, Yvonne Verhoeven, werkte eerst ook niet meer. Maar toevallig, zegt ze, is ze vorige week weer begonnen.

Ze gaat er even voor zitten, met Thijs en haar dochter Imke van een half jaar op schoot. Even later komt haar dochter van 5, Janneke, uit school. Yvonne Verhoeven, 35 jaar, vertelt dat ze twee jaar geleden nog leidster in een medisch kinderdagverblijf was. Maar ze was zo verschrikkelijk moe dat ze op een dag – ze was op haar werk – haar man belde en zei: ik wil dit niet meer, ik hou ermee op. ,,Het was in de tijd dat Thijs nog zo slecht sliep. En de kinderen op het dagverblijf waren zo druk.''

Haar man, scheikundige, fulltime medewerker bij een milieudienst, hield haar niet tegen. ,,Hij vroeg alleen of ik geen spijt zou krijgen. Ik zei: ik krijg spijt als ik niet stop.'' Van haar collega's was ze de eerste die zo'n beslissing nam. Het werden er daarna meer.

Wat doet ze nu voor werk?

,,Ik ben nu leidster in een logeerhuis voor autistische kinderen. Ze kunnen er in de weekends terecht, om hun ouders te ontlasten. Voor mij is het ideaal. Ik werk één weekend per maand, van vrijdagmiddag tot zondagavond. Mijn man is dan thuis, we hoeven geen oppas te betalen. We hebben geen tweede auto nodig.''

En ze verdient er geld mee. Dat kunnen ze goed gebruiken, zegt ze. Haar man verdient twee keer modaal, maar ze hebben het afgelopen jaar moeten bezuinigen. ,,Alleen al de laarzen voor de kinderen'', zegt ze. ,,Die zijn zo verschrikkelijk duur. Zomaar 95 of 100 euro.'' Vorige winter kocht ze een paar goedkope, 40 euro, voor haar oudste dochter. ,,Ik had er geen goed gevoel bij. Ze waren niet stevig genoeg.'' Toen werden het toch nog een paar dure.

    • Jannetje Koelewijn
    • Martijn van Best