De geuren en vormen van het woud

Inventieve jachttechnieken, eetgewoonten en bouwmethoden in de Amazone dreigen verloren te gaan. Indianen verruilen visvangst en jacht voor werk bij oliemaatschappijen.

Met het snel verdwijnende regenwoud gaat in Zuid-Amerika nog iets anders verloren: lokale kennis over het nut en de gebruiksmogelijkheden van tropische bossen. Volgens de Colombiaanse etnobotanicus Mauricio Sánchez Saénz (44) kunnen de twee zorgwekkende ontwikkelingen elkaar versterken in een negatieve spiraal. Hij is ervan overtuigd dat het behoud van de plaatselijke biodiversiteit samenhangt met het behoud van de kennis en kunde over het bosgebruik onder de indianen.

Sánchez promoveerde gisteren aan de Universiteit van Amsterdam op een onderzoek naar het gebruik van tropische bossen in het noordwesten van het Amazonegebied. In Peru, Ecuador en zijn vaderland trok hij de afgelopen vijftien jaar op met indianen die, zo stelt hij, qua kennis niet onderdoen voor gespecialiseerde wetenschappers. ,,Maar de kennis en kunde is in handen van een steeds beperkter aantal ouderen'', zegt Sánchez. ,,Zo is er onder de Miraña-indianen die ik heb bestudeerd in het zuiden van Colombia nog maar één die weet hoe je een maloca moet bouwen, een ronde traditionele hut waarin de hele groep onderdak vindt. De kennis van de indianen is kwetsbaar, want zij wordt mondeling overgedragen. Over tien jaar zal er niets meer van over zijn.''

Het leefgebied van de Miraña ligt in de jungle, urenlange vliegreizen en meer dan anderhalve dag wildwatervaren verwijderd van de hoofdstad Bogotá. ,,Het is het mooiste oerwoudgebied dat ik ooit heb gezien'', zegt Sánchez. In de rivier de Caquetá die stroomt door het laaglandwoud zwemmen dolfijnen, 's werelds grootste zoetwaterschildpadden en mansgrote meervallen. Tijdens zijn bootreizen zag Sánchez verscheidene keren een jaguar langs de oever. Om een idee te geven van de weelderige begroeiing leent Sánchez' copromotor Joost Duivenvoorden een vergelijking van een collega ecoloog: ,,Stel je voor dat je de plantensoorten van het noordwestelijk halfrond samenbrengt in een gebied ter grootte van het Vondelpark. Dan heb je een idee van de soortenrijkdom.''

Sánchez inventariseerde indiaanse methoden voor de jacht, visvangst, voedselbronnen, bouwmaterialen en medicijnen. Hij bracht de woongebieden van lokale indianenstammen in het noordwestelijk Amazonegebied in kaart. Aan de landkaart koppelde hij een databestand met ecologische en geologische gegevens: een Geologisch Informatiesysteem. Zo hoopt hij te voorkomen dat de lokaal aanwezige kennis over oerwoudgebruik uitsterft, samen met de huidige generatie stamoudsten.

Sánchez, in Bogotá opgeleid als bioloog, is diep onder de indruk van de kennis van sommigen van de oudere indianen. De Miraña hebben woorden voor de landschappen die aansluiten op de westerse classificaties. Net als moderne wetenschappers typeren ze landschapstypen aan de hand van de frequentie van overstromingen, variaties in begroeiing en (in mindere mate) de samenstelling van de bodem. De indiaanse classificatie van planten vertoont ook overeenkomsten met de westerse. ,,De nadruk ligt bij indiaanse soortnamen wel meer op geuren en vormen'', zegt Sánchez. ,,Het komt voor dat zij verschillende soorten onderscheiden die je als westerse botanicus over het hoofd hebt gezien.''

Dat de lokale kennis verloren gaat heeft volgens Sánchez te maken met de dominantie en de gemakken van de westerse cultuur. Een indiaan in zijn blote bast wil óók een T-shirt. Schieten met een geweer is makkelijker dan jagen met een blaaspijp (je hoeft een prooi minder dicht te naderen). Een kettingzaag werkt sneller dan een hakbijl en indianen die van generatie op generatie hebben geleerd hoe ze visvallen moeten bouwen, prefereren nu de vishaak. Ze bouwen daarom niet langer obstakels van palmbladeren in het water: vallen waarin vissen verstrikt raken onder invloed van bedwelmende sappen van met zorg uitgezochte vruchten die ze erin hebben laten sijpelen.

Alternatieve vormen van bestaan trekken. Veel Huaorani-indianen in Ecuador verruilen traditionele bestaanswijzen voor emplooi bij een bedrijf dat ter plaatse naar olie boort. De Mirañas vangen vissen voor markten in de steden. En indianen van alle stammen die Sánchez heeft bestudeerd werkten in de eerste helft van de vorige eeuw als slaven op rubberplantages. ,,De helft van de bevolking is daarbij omgekomen'', zegt hij.

In Colombia zijn cocaplantages een lucratief alternatief voor kleine boeren. De cocaverbouw is gestimuleerd door lokale guerrilla's die hun kans schoon zagen na het verdwijnen van een lokale legerpost in het woongebied van de Miraña. Intussen is de legerpost teruggekomen en het gebied weer wat veiliger.

Toch verdwijnen jongere indianen nog steeds naar de steden aan de rand van het oerwoud, vertelt Sánchez. Maar het is best mogelijk dat zij straks alsnog op zoek willen naar hun roots. Al was het maar omdat sommige indianen in het zuiden van Colombia van hun regering grote stukken oerwoud in eigendom hebben gekregen.

Des te meer reden voor het behoud van kennis over het oerwoud, vindt Sánchez' copromotor Duivenvoorden. Hij heeft gezien dat indianen in het uiterste zuiden van het Colombiaanse Amazonegebied te kampen hebben met plagen van bladetende mieren die het gevolg zijn van de monocultuur (soms uitsluitend cassave). ,,De kennis over het roteren van gewassen is daar verloren gegaan'', zegt hij. ,,Ze moeten elders gaan leren hoe het beter kan.''

Misschien kan een geologisch informatiesysteen zoals dat van Sánchez helpen om kennis die lokaal verloren is gegaan weer te verbreiden. Duivenvoorden: ,,Als de lokale bevolking niet meer weet hoe ze met het bos moet omgaan, besluiten ze straks misschien om het oerwoud te gelde te maken door een kapconcessie te verkopen. Dat wil je toch voorkomen.''

    • Michiel van Nieuwstadt