Een autoriteit die rust uitstraalt

Het is nog geen maand geleden dat Jan Kiemel, nu nog algemeen directeur van het BovenIJ Ziekenhuis in Amsterdam, de executive searcher aan de telefoon kreeg: of hij de nieuwe voorzitter wilde worden van de raad van bestuur van het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam-West. En nu is hij al benoemd. Op 1 december 2005 begint hij. Hij zegt: ,,Ik word eind dit jaar zestig, ik liep al te denken of ik nog een andere baan zou ambiëren. Ik ben meteen gaan praten.''

Henry Meijdam, burgemeester van Zaanstad en voorzitter van de raad van toezicht van het Slotervaartziekenhuis, wilde Jan Kiemel al hebben toen hij alleen nog maar zijn cv had gezien. Hij legt uit waarom: ,,Autoriteit in de ziekenhuiswereld. Enorme ervaring. Groot gezag bij de verzekeraars. Uitgebreid netwerk.''

Andere kandidaten werden niet uitgenodigd. De raad van toezicht van het Slotervaartziekenhuis had haast. Er kwamen weer nieuwe problemen voor het ziekenhuis aan, deze keer met de belastingdienst. Midden augustus legde de dienst beslag op het gebouw van het ziekenhuis. De belastingschuld loopt maandelijks op met enkele tonnen en bedraagt nu meer dan 1 miljoen euro. Volgens het ziekenhuis wordt het tekort voornamelijk veroorzaakt door een verbouwing, waarvan het de kosten zelf moest voorschieten. Dat geld was er niet. Het ziekenhuis zoekt nog naar een bank die een lening voor de verbouwing wil verstrekken.

Er moest een voorzitter komen die voor eens en altijd alle ruzies – met artsen, met andere ziekenhuizen, met verzekeraars, met de overheid – gaat oplossen en die het Slotervaartziekenhuis nu snel gaat laten samenwerken met het VU Medisch Centrum. De ziekenhuizen, die bij elkaar in de buurt liggen, kampen met een overschot aan capaciteit.

Nee, geen gemakkelijke baan, zegt Henry Meijdam van de raad van toezicht. ,,Iemand die een geplaveide weg naar de eindstreep zoekt, die moet er zeker niet aan beginnen. Maar voor iemand die nog één keer wil vlammen, is het een mooie uitdaging.''

En dat is wat Jan Kiemel wil – nog één keer vlammen. ,,Het BovenIJ Ziekenhuis draait nu goed. Ik kan nog vijf jaar wat anders gaan doen. En om in die jaren nou eindelijk eens de discussies die nu al tien jaar spelen op te lossen, dat lijkt me wel wat.''

Maar hij heeft wel wat te verliezen, zegt hij. Dat hij door zijn leeftijd geen afbreukrisico meer zou hebben, dat vindt hij onzin. ,,Je onthoudt je laatste baan als je met pensioen gaat'', zegt hij. ,,Ik wil met een goed gevoel mijn carrière afsluiten. Als ik in mijn laatste baan sneuvel, is dat psychologisch een verlies.''

Hij begon als huisarts, in 1971, in een klein Drents dorp. ,,Apotheekhoudend huisarts.'' Hij deed ook bevallingen. Hij komt uit Groningen, en dat is nog een beetje aan hem te horen. Grauningen. Maar hij woont al heel lang in Amsterdam, en daarvoor in Twente – daar gaat hij ieder jaar nog een weekje fietsen.

Hij was graag huisarts, vertelt hij. ,,Maar na vijftien jaar vond ik dat er wel veel herhaling in het werk zat.'' Toen hij bijna veertig was, begon hij na te denken: doorgaan of veranderen? ,,Het bestuurlijke trok me aan. Als huisarts worden je ritme en je leven bepaald door de zorgvraag van je patiënten. In een bestuurlijke functie heb je meer greep, meer ruimte om na te denken over wat er beter kan.''

Om uit te zoeken of het leidinggeven hem zou bevallen ging hij in een verpleeghuis in Hengelo werken – deels als arts, deels als directeur. Dat was in 1985. ,,En toen werd het steeds meer management, steeds minder zorg.'' Nee, hij heeft er geen spijt van. In het Rode Kruis Ziekenhuis in Beverwijk, waar hij tot 1997 werkte, leerde hij wat fuseren was, en reorganiseren, en omgaan met maatschappen van artsen. Hij raakte eraan gewend, zegt hij, dat het besturen van een organisatie met hoogopgeleide, zelfstandige mensen vaak ,,drie stappen vooruit en twee achteruit is''. Hij kan het hebben, zegt hij. Hij maakt zich niet snel kwaad. ,,Zo zit de wereld in elkaar.''

Kiemel werkte nog in andere ziekenhuizen, en hij is voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisdirecteuren. ,,Hij kent iedereen en iedereen kent hem'', zegt Meijdam van de raad van toezicht. Een man voor een ,,korte klap'', met ,,een grote kans van slagen''. ,,Maar hij straalt ook rust uit. Hij heeft de leeftijd waarop mensen niet meer hijgend achter een snel succes aanlopen.''