Oeso: pensioenleeftijd Nederland moet omhoog

Het kabinet moet meer maatregelen nemen om ouderen langer te laten doorwerken. Zo moet de pensioenleeftijd omhoog en moeten speciale belastingkortingen voor ouderen worden afgeschaft. Dat advies heeft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso) gisteren aan staatssecretaris Van Hoof (Sociale Zaken, VVD) uitgebracht.

Volgens de landenorganisatie waarin dertig industrielanden zijn verenigd, is de geleidelijke verhoging van de pensioenleeftijd nodig, omdat werknemers steeds ouder worden en langer doorleven na hun pensionering. Bovendien zal het aantal 65-plussers in verhouding tot de bevolking in de werkende leeftijd naar verwachting bijna verdubbelen van 22 procent in 2000 tot 40 procent in 2050.

De Oeso doet een groot aantal aanbevelingen om een omslag te bewerkstelligen in de `cultuur' van vroege pensionering in Nederland. Zo moet Nederland voorkomen dat de levensloopregeling, waarin werknemers volgend jaar belastingvrij kunnen sparen voor verlof, massaal gebruikt wordt om eerder te stoppen met werken. Ook moet de herkeuring van WAO'ers worden uitgebreid naar mensen van boven de vijftig.

Staatssecretaris Van Hoof vindt verhoging van de pensioenleeftijd op dit moment niet nodig, schreef hij gisteren aan de Tweede Kamer. Volgens hem is het voldoende als werknemers daadwerkelijk pas op hun 65ste stoppen met werken, in plaats van met 62 jaar, zoals nu het geval is.

Nederland verkeert volgens de Oeso in een goede uitgangspositie om de gevolgen van de vergrijzing het hoofd te bieden. Nederland vergrijst minder snel dan andere Oeso-landen door de immigratie sinds de jaren zestig. Voorts is Nederland, samen met Finland, er van de Oeso-landen het best in geslaagd om de trend te keren dat een steeds kleiner aandeel van de `oudere' mannen werken (ouder dan vijftig jaar). De arbeidsparticipatie van oudere mannen neemt nu toe.

Ook de deelname van oudere vrouwen aan de arbeidsmarkt is sinds 1995 sterk gestegen: Nederland liet samen met Ierland de sterkste stijging zien van de Oeso-landen. Maar, waarschuwt de organisatie, Nederland moest ook van ver komen.

Wat de arbeidsdeelname van ouderen betreft behoort Nederland anno 2003 tot de middenmoot: binnen Europa iets boven het EU-gemiddelde, en van de dertig Oeso-landen (ook niet-EU) staat Nederland op de dertiende plaats, wel nog beneden het gemiddelde van de dertig industrielanden.