Handel in mensen niet goed bestreden

De handhaving op het gebied van mensenhandel schiet tekort. Dat zegt de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, A.G. Korvinus, in haar Vierde rapportage mensenhandel. Zij bood het rapport vanmiddag aan minister Donner (Justitie, CDA) aan.

Hoewel de rapporteur positief is over de maatregelen die zijn genomen na haar derde rapportage uit juli 2004 vraagt Korvinus zich af of de bestrijding van mensenhandel wel voldoende prioriteit en capaciteit krijgt.

Ze constateert dat het aantal opgeloste strafzaken in 2003 terugliep, nadat in voorgaande jaren een stijgende lijn te bespeuren viel. Volgens het Nationaal Actieplan Mensenhandel, dat het kabinet in december 2004 naar de Tweede Kamer stuurde, zou strijd tegen mensenhandel een speerpunt worden in de aanpak van de georganiseerde misdaad. Maar op dit moment worden er te weinig controles op uitbuiting in seksinrichtingen uitgevoerd, aldus het rapport.

Volgens Korvinus is dit te wijten aan capaciteitsproblemen. Sinds 1 januari 2005 is de strekking van het artikel in het Wetboek van Strafrecht dat mensenhandel strafbaar stelt uitgebreid. Hierdoor vallen nu ook andere vormen van mensenhandel dan seksuele uitbuiting onder het artikel.

Deze maatregel, mede genomen naar aanleiding van haar derde rapportage, ziet Korvinus als een positieve ontwikkeling. Maar een direct gevolg hiervan is volgens de rapportage wel dat opsporingsdiensten nu op een breder scala aan vormen van uitbuiting moeten letten. En die alertheid blijft achter, betoogt Korvinus. Het Bureau Nationaal Rapporteur Mensenhandel kondigt aan onderzoek te gaan doen naar de vraag in welke andere sectoren dan de seksindustrie sprake is van uitbuiting.

Verder stelt het rapport dat naast Nederlanders vooral Bulgaren en Roemenen zich schuldig maken aan mensenhandel. De slachtoffers komen nog altijd voornamelijk uit Centraal- en Oost-Europa en Afrika. Het aantal geregistreerde slachtoffers daalde in 2003 sterk ten opzichte van 2002: 257 tegenover 343 een jaar eerder. Over de vraag of dat te maken heeft met de gebrekkige capaciteit in de strijd tegen mensenhandel laat Korvinus zich niet uit. Het aantal behandelde zaken steeg daarentegen wel: van 83 in 2000 naar 117 in 2003. In 91 procent van de zaken werd ook daadwerkelijk een straf opgelegd.