WK lonkt na weer een povere wedstrijd van Oranje

Door een zege van Roemenië op Tsjechië is het Nederlands elftal dichtbij het WK van 2006. Ondanks een wanvertoning tegen Armenië. De bondscoach rest nog een hoop werk.

Diep in het Duitse Zwarte Woud staat een schilderachtig historisch vijfsterren hotel. Dit Parkhotel Adler in Hinterzarten, op twintig kilometer van Freiburg, is door de KNVB vastgelegd om als basiskamp te dienen voor het Nederlands elftal op het wereldkampioenschap voetbal. De vroege boeking kan zeer waarschijnlijk binnen enkele weken worden bevestigd.

Na de 1-0 overwinning op Armenië en de 2-0 nederlaag van Tsjechië van afgelopen zaterdag tegen Roemenië moet het wel heel raar lopen wil Oranje zich niet kwalificeren voor de eindronde van het WK. Thuisoverwinningen tegen Andorra (woensdag) en Macedonië (12 oktober) betekenen directe plaatsing. Het team van bondscoach Marco van Basten mag dan de uitwedstrijd in Tsjechië (8 oktober) zelfs verliezen. Het noodscenario van kwalificatie via de tweede plaats, al dan niet rechtstreeks, is voorlopig niet meer aan de orde.

Dit aanlokkelijke vooruitzicht volgt vreemd genoeg na een lange serie groepswedstrijden waarin het Nederlands elftal zelden kon overtuigen. De kwaliteiten van de landen in Groep 1 moeten dan ook niet te hoog worden aangeslagen. Op de ranking van de wereldvoetbalbond FIFA vertoeft Oranje sedert enige tijd fier op de derde plaats. Maar wie de Nederlandse internationals regelmatig tegen zichzelf ziet ploeteren kan nauwelijks geloven dat het hier gaat om het derde voetballand van de wereld. Een half uurtje in de oefenwedstrijd tegen Duitsland voldeed enige weken geleden aan de normen. De tweede helft was toen al weer van een matig niveau tegen de gastheer van het WK die afgelopen weekeinde met 2-0 door Slowakije werd verslagen.

Het was ook niet te verwachten dat Marco van Basten een geheel nieuw elftal meteen sprankelend voetbal zou laten spelen. Het aanvallende, dominante en initiatiefrijke spel, dat hij voor ogen heeft, is voor deze generatie vooralsnog te hoog gegrepen. Zonder de blessuregevoelige sterspeler Arjen Robben, die nét het verschil kan maken, heeft het huidige Oranje moeite een tegenstander zijn wil op te leggen. Maar Van Basten en secondant Van 't Schip hebben nog bijna een jaar om een sprankelende formatie te formeren. In die tijd kan er veel gebeuren.

Het is in elk geval een opsteker dat deze lichting straks vrijwel zeker op het hoogste podium ervaring kan opdoen. In tegenstelling tot vier jaar geleden toen Louis van Gaal met gelouterde spelers, die voor allerlei Europese topclubs uitkwamen, er niet in slaagde het mondiale eindtoernooi te halen.

De weelde van een gunstige uitgangspositie in de groep neemt niet weg dat in Jerevan een uiterst povere prestatie werd geleverd. In de Armeense hoofdstad zorgde het Nederlands elftal ondanks de belangen die er op het spel stonden voor een wanvertoning. Oranje had drie keer zoveel balbezit als het team van de Nederlandse bondscoach Henk Wisman, maar elk raffinement ontbrak. Het spel speelde zich vooral af op de as van het veld, waar Khalid Boulahrouz vanuit de viermans defensie de aanval opzette. Zelden kwam er vanaf de flanken, die op papier werden bezet door Robin van Persie (vervanger van de geblesseerde Robben) en Dirk Kuijt, enige dreiging. De bal ging bovendien zo traag rond dat het leek of de oud-internationals aan het werk waren.

Armenië raakte al in de zeventiende minuut zijn eerste spits kwijt. De achttienjarige Edgar Manucharyan, deze zomer aangetrokken door Ajax, moest naar de kant na een botsing met Boulahrouz. Het moment bezorgde Oranje geen impuls. ,,Belabberd'', noemde Van Basten later het spel van zijn spelers in de eerste helft. Daarin kregen Ruud van Nistelrooy (vrije trap), Phillip Cocu (na misser van doelman Roman Berezovski), Van Persie en Kuijt (kopbal) wél kansen op een doelpunt.

De tweede helft startte het Nederlands elftal in een iets hoger tempo maar door het wederom fantasieloze spel konden de Armeniërs zich eenvoudig staande houden. Een goede individuele actie was bij Oranje ver te zoeken. Met name het optreden van Van Persie op de linkerflank viel tegen. Hij wist zich geen raad met de kleine ruimten. Ongetwijfeld om deze reden verving Van Basten hem in de tweede helft voor Rafael van der Vaart. Crucialer was het inbrengen van Jan Vennegoor of Hesselink.

Het eerste, beste kopduel dat de spits van PSV won leverde echter meteen rendement op. De bal kwam voor de voeten van Van Nistelrooy die zich in een halve draai om z'n as vrijspeelde en met veel gevoel in de kruising schoot. Daarna geloofde Oranje het wel. Vennegoor, die vrijwel elk kopduel won, werd niet meer aangespeeld, maar de drie punten zaten in de tas.

Van Nistelrooy dus redder in nood. Na een wisselvallig seizoen bij Manchester United, is hij in de Engelse Premier League al enige weken weer op dreef. Vaak oogt Van the Man in Oranje als een dolende ridder. Hij mist nog wel eens de subtiele bewegingen om op de vierkante meter een paar tegenstanders op het verkeerde been te zetten. Het lijkt of hij gebaat is bij een secondant als Patrick Kluivert in de spits.

Toch kan Van Nistelrooy voor het doel genadeloos toeslaan. Zoals tegen Duitsland op het Europees kampioenschap in Portugal en in de uitwedstrijd tegen Finland. Ook het doelpunt in Jerevan was er een om in te lijsten. De Brabander is nu 29 en speelde nog nooit op een wereldkampioenschap. Eigenhandig zorgde Van Nistelrooy ervoor dat daar volgend jaar ongetwijfeld verandering in komt.

    • Erik Oudshoorn