Winnen en wegwezen

Onder een flauw schijnsel van een paar lantaarnpalen kwam een menigte op de poort van het voetbalstadion in Jerevan afgestevend. Weinig licht op een lopende groep mensen voorspelt doorgaans niet veel goeds. Het doet denken aan het neerslaan van een revolutie, een massale vlucht voor oprukkend water, aan op hol geslagen hooligans.

Maar nee, het waren de uiterst vriendelijke Armeense supporters. Eenmaal op de tribune viel op hoe hard ze door de interland tegen Nederland heen kletsten. Of de mislukte graanoogst aan de dorpspomp werd doorgenomen, terwijl het hier toch om een kwalificatiewedstrijd ging voor het wereldkampioenschap voetbal.

De wedstrijd was om te huilen zo saai. Ik keek naar de zoveelste voetbalpartij in mijn leven die me achteraf het gevoel gaf dat ik mijn tijd beter had kunnen besteden. Negentig minuten voetbal is zo vaak teleurstellend en toch blijf je hopen op een ommekeer, een geniale beweging, iets gemeens voor mijn part. Ik struinde het veld af op zoek naar afleiding. Ik zag een duikershorloge om de pols van Marco van Basten, de kroeskop van reserve Babel, de trui van de Armeense keeper die drie maten te groot leek, maar nee, niets wereldschokkends.

Armenië heeft weinig aantrekkingskracht op voetballiefhebbers. ,,Je moet hier winnen en wegwezen'', zei Ruud Gullit vanuit de Nederlandse studio. Niet nog even shoppen zoals je na een interland in Parijs of Londen gedaan zou hebben. Het Armeense houtsnijwerk laat je links liggen, je moet nog geen zak fruit op de markt kopen. Wegwezen uit die ellende.

Om de tijd te doden, zoomde ik in op de witte schoenen van Khalid Boulahrouz. Dat was een goede zet tegen de lamlendigheid. Boulahrouz is op dit moment de beste verdediger van het Nederlands elftal. Hij beweegt zich met grote passen en kaarsrechte rug als een grootvorst over het veld. Boulahrouz mengt hardheid met gratie, verstuurt strakke passes naar het hart van de aanval: hij is de Marokkaanse Franz Beckenbauer.

Zijn specialiteit is de pass met de binnenkant van de voet. Niemand buigt zijn schietbeen zo ver door naar buiten als Boulahrouz. Het moet een aanslag zijn op de kniebanden en liezen; hij draait zijn voet een kwartslag en tikt dan hard tegen de bal. Het is veel schoen tegen veel bal en zo klinkt het ook, als een plakkende zoen van kunststof tegen kunststof.

Boulahrouz kwam regelmatig oplopen met de bal. In het midden dook de teruglopende Ruud van Nistelrooy op en daar kwam de strakke pass met de binnenkant alweer. Smak! Daar was de natte zoen weer. Na negentig minuten verdween Boulahrouz in de catacomben. Even verscheen bondscoach Marco van Basten voor de camera. Hij wilde de wedstrijd uit zijn hoofd wissen. ,,Je bent niet altijd hetzelfde'', verklaarde hij quasi-filosofisch. En: ,,Dit is geen partij die we aan onze kinderen laten zien.'' Nee, klopt. Eigenlijk had ik hem ook niet willen zien.

Het Armeense volk vertrok precies zoals het het stadion binnengekomen was, zonder enige hoop op wat dan ook. Je zou je bijna generen voor onze voetbalklasse en ons nationaal inkomen. In Armenië verstrijkt de tijd nu eenmaal anders dan in Nederland.

Tijdens de wedstrijd kreeg ik in een bijzin te horen dat in Armenië in 1915 een genocide plaatsvond. Misschien speelde Nederland daarom zo voorzichtig. Negentig jaar na dato nog zo lief voor het trieste Armenië, wat zijn we toch een aardig volkje. Al kon maarschalk Gullit het niet nalaten aan het einde van de wedstrijd nog éénmaal het motto van de voetbalavond rond te schallen: ,,Je moet hier winnen en wegwezen.''

    • Wilfried de Jong