Compromisloos conservatief

De overleden voorzitter van het Amerikaanse Hooggerechtshof, William Hubbs Rehnquist (80), was zijn leven lang een compromisloos strijder voor de conservatieve zaak.

In 1986 ging hij het Hof leiden, waarvan hij sinds 1971 lid was. Hij was getrouwd met een medewerkster van de CIA, die in 1991 stierf. Rehnquist zelf overleed afgelopen zaterdag, aan kanker.

Verwacht wordt dat hij de historie ingaat als een van de invloedrijkste rechters uit het Amerika van de vorige eeuw. In de jaren vijftig en zestig werden zijn conservatieve opvattingen gezien als curiositeiten, terwijl ze op zijn levensavond representatief waren geworden voor een groot deel, zoniet een meerderheid van de Amerikaanse bevolking.

Rehnquist bezette vanaf de jaren vijftig de uiterste rechterflank in het debat over de rechtspraak in zijn land. Als jonge advocaat noemde hij in 1957 het Hooggerechtshof een stelletje gevaarlijke linkse gekken. Rechters moesten niet proberen de wereld te verbeteren, vond hij. Rechters dienden slechts recht te spreken.

In 1964 ging hij als tekstschrijver werken voor de conservatief Barry Goldwater, toen deze een – kansloze – gooi deed naar de Republikeinse nominatie voor het presidentsverkiezingen. Nadat Reagan in 1980 tot president was gekozen, zagen veel Republikeinen dat als teken dat Goldwater en Rehnquist destijds hun tijd in de Grand Ol' Party ver vooruit waren geweest. Dezelfde Reagan zorgde er in 1986 voor dat Rehnquist het Hof ging leiden.

Zijn kandidering als lid van het Hof, vijftien jaar eerder door president Nixon, leidde tot grote ophef. Rehnquist was weggehoond, onder meer omdat hij eerder rassenscheiding op openbare scholen had bepleit – hoewel hij dat nu bestreed. Demonstranten tegen de oorlog in Vietnam noemde hij in 1969 ,,de nieuwe barbaren''. Het belette zijn benoeming niet.

Rehnquist zat in het Hof dat in 1973 de volgens conservatieven meest controversiële beslissing uit de geschiedenis nam: de legalisering op federaal niveau van abortus, in `Roe vs. Wade'. Rehnquist was met één andere opperrechter tegen, de zeven anderen stemden voor. Hoewel hij later liet blijken tegenstander van legale abortus te zijn, lukte het hem al die jaren niet vier opperrechters van zijn opvatting te overtuigen. Abortusactivisten vrezen dat de meerderheid kantelt zodra John Roberts, een oud-medewerker van Rehnquist en gekandideerd als opvolger van een gematigde rechter, binnenkort in het Hof benoemd wordt.

Grote invloed had hij op het terugdringen van de invloed van de federale regering op Amerikaanse staten – een van de speerpunten van Goldwater in 1964. Rehnquist meende dat de Amerikaanse constitutie een grote autonomie aan staten toestond, wat erin resulteerde dat het Hof onder zijn leiding veel federale wetgeving tegenhield. Het ging om wetten waarin staten onder meer werden verplicht vrouwen te beschermen tegen geweld in huis, waarin hun werd verboden de verkoop van wapens nabij scholen toe te staan, en waarin ze werden verplicht maatregelen te nemen tegen discriminatie van gehandicapte werknemers.

Volgens collega-rechters was William Rehnquist binnenskamers een uitgesproken grappige man. Het publiek wist dat niet. Op zitting was hij formeel en stipt, maar in de persoonlijke omgang, aldus de collega's, was hij, niettegenstaande zijn rechtlijnigheid, een tolerant en evenwichtig type. In die rechtlijnigheid school volgens hen overigens ook zijn belangrijkste zwakte. Want inschikken, de eigen opvatting aanpassen om een gezamenlijk standpunt te formuleren – daar hield William Rehnquist niet van.