`Theater meten met het buitenland'

In Rotterdam is vanaf maandag De Internationale keuze van de Rotterdamse Schouwburg te zien. Directeur Jan Zoet en programmeur Annemie Vanackere stelden de reeks samen.

,,We hebben al gefolderd onder de Chinezen, voor de voorstelling van Yang,'' zegt directeur Jan Zoet van de Rotterdamse Schouwburg terwijl hij vanuit zijn kamer uitkijkt over de Chinese markt die toevallig net rondom het Schouwburgplein plaatsgrijpt. Zoet en co-artistiek leider Annemie Vanackere brengen de komende weken voor de vijfde maal De Internationale Keuze van de Rotterdamse Schouwburg, een festival met buitenlands theater; dertien voorstellingen uit Iran, Libanon, Nieuw-Zeeland, Australië, Europa, en een Europese hit uit eigen stad: de Proust-marathon van het Ro Theater.

Het lijkt voor de hand te liggen om de Rotterdamse Chinezen uit te nodigen om in de aanpalende schouwburg naar de Chinees-Australische performer William Yang te komen kijken. Zoals het voor de hand lijkt te liggen om een internationale theaterreeks te brengen in een internationaal gekleurde stad als Rotterdam. Maar gezien de voorgaande edities zal het publiek dit jaar waarschijnlijk overwegend blank zijn, en voor een goed deel van buiten Rotterdam.

De Internationale Keuze is een opmerkelijk initiatief van de Rotterdamse Schouwburg, toch al een theater dat uitblinkt in gewaagde, hoogwaardige programmering. Geen andere schouwburg steekt zo zijn nek uit met zo'n groot buitenlands programma, even artistiek hoogwaardig als duur en moeilijk verkoopbaar. Vooral in een stad als Rotterdam, waar het publiek voor kunsttheater klein is.

Zoet: ,,Publiek vinden is inderdaad lastig hier. Maar we begonnen vijf jaar geleden met drieduizend man, vorig jaar was dat al gegroeid naar zevenduizend. Wij vinden dat ons programma gewoon nodig is, niemand anders doet het. Op een gegeven moment riep iedereen dat het Nederlandse theater het beste ter wereld was. Het effect was dat de blik volledig naar binnen gericht raakte. Iedereen trok zich terug rond de dorpspomp. Buiten deze schouwburg is slechts incidenteel buitenlands theater te zien.'' Vanackere: ,,Terwijl we niet zo snel tevreden moeten zijn. Theater zou zich voortdurend moeten meten met het buitenland. Net als iedere kunstvorm.''

De Keuze toont dit jaar nauwelijks traditioneel toneel. In Rotterdam zijn veel voorstellingen te zien zonder klassiek opgebouwd verhaal, theater dat niet voorkomt uit de tekst, maar meer verwant met beeldende kunst en dans, en gebruik makend van film, fotografie en zelfs diashows, kookkunst en buikspreken. Hiermee sluit Rotterdam aan bij de heersende mode op de Europese festivals.

Zoet: ,,Voorop staat dat we gewoon programmeren wat we zelf mooi vinden. Vervolgens proberen we in het programma wel bewust verbindende lijnen aan te brengen. Theater met andere inspiratiebronnen dan het traditionele toneelrepertoire is er één van. Interdisciplinair theater is al zo lang in de mode dat je het nauwelijks meer een mode kunt noemen. Opvallend is dat we veel mensen programmeren die van huis uit beeldend kunstenaar zijn, en die zich later in het theater hebben begeven: Guy Cassiers, VA Wölfl, Jan Lauwers, Ata Gröting. Theater is voor hun de ideale ruimte voor het Gesamtkunstwerk, waarin alle kunsten samenkomen. Het theater biedt ze een vrije, rituele ruimte, met een geconcentreerd publiek en een vastliggende tijdspanne.''

Vanackere: ,,Een voorbeeld is de Iraanse cineast Abbas Kiarostami, die voor het eerst een theatervoorstelling maakt. Voor Looking at Ta'ziyè ensceneerde hij de traditionele sjiietische Passie van Hussein, ritueel theater over de nederlaag van sjiietenleider Hussein bij Kerbala in 680. Deze voorstelling toont hij hier op een filmscherm, geflankeerd door twee grotere schermen waarop we de reacties van zijn Iraanse publiek zien: rechts de mannen, links de vrouwen. Zo'n installatie-achtige opstelling zou in de bioscoop onmogelijk zijn.''

Zoet: ,,Verder is er de lijn van `op zoek naar de verloren tijd'. We beginnen met de Proust-marathon die helemaal over herinnering gaat, maar ook in Needcompany's hit Isabella's Room blikt een oude, blinde vrouw terug op haar leven. Britse performer Tim Etchells blikt terug op zijn carrière. Opzienbarend is Histoires van Olga de Soto. Zij interviewde verschillende bejaarden die ooit het legendarische ballet Le jeune homme et la mort (1946) van Roland Petit en Jean Cockteau zagen. Dat ballet zelf is vergaan, de bezoekers vertellen op film wat zij zich ervan herinneren. In deze dansvoorstelling wordt dus geen pas gedanst. Het gaat niet alleen over het geheugen, maar ook over theater, de enige kunstvorm die niet vast te leggen is, die slechts bestaat in de vluchtige, verraderlijke herinnering.''

De Internationale keuze, Rotterdamse Schouwburg, 5 t/m 24 sept.

    • Wilfred Takken