Simpel

Het wetenschappelijk tijdschrift `Science' besteedde afgelopen week bijzondere aandacht aan RNA, dat zijn de moleculen die in cellen ontstaan na het aflezen van stukjes DNA. Daarbij werd deze illustratie afgebeeld, met de woorden: `De complexiteit van RNA is hier afgebeeld'.

Maar goedbeschouwd valt het wel mee met die complexiteit.

De illustratie geeft weer, van linksboven naar rechtsbeneden, hoe genen worden afgelezen. Linksboven is een chromosoom te zien dat zich ontrafelt in de twee DNA-strengen waaruit het is opgebouwd. Vervolgens hecht zich een speciaal eiwit aan elke DNA-streng: het zogenaamde RNA-polymerase, afgebeeld als de grote bollen. Het polymerase kopieert een stuk DNA – bij hogere organismen zijn daar overigens meerdere eiwitten bij betrokken. De ontstane kopie, die boodschapper-RNA ofwel mRNA wordt genoemd, wordt vervolgens opgeknipt in kleinere stukjes. Dat proces kan in de celkern afspelen, maar ook in het cytoplasma. Daarvoor moet het mRNA de celkern verlaten, via speciale kanaaltjes (de wand van de celkern loopt van rechtboven naar linksbeneden). De stukjes mRNA koppelen daarna aan het ribosoom (rechtsbeneden afgebeeld als een soort moderne zitzak). Op basis van de code die het mRNA bevat, ontstaat ter plekke een eiwit. Dat eiwit is het doel van het proces.