Pensioenfondsen moeten doen wat ze beloofd hebben 2

2De hoogleraren Beetsma en Van Praag bespeuren een afbraak van ,,ons prachtige stelsel van pensioenen'' doordat niet zeker is dat het rendement op beleggingen van pensioenreserves de inflatie blijvend dekt. Om dat te repareren willen zij dat de wetgever ingrijpt en de koopkracht van pensioenen garandeert.

Het garanderen van de koopkracht van pensioenen betekent dat het risico van geldontwaarding wordt afgewenteld op anderen dan pensioenfondsen en hun deelnemers. Deze anderen, vaak overheden, welke geld lenen van pensioenfondsen, willen dat risico uitsluitend overnemen indien daar een prestatie tegenover staat en dat zal een lagere rentevergoeding zijn. Op lange termijn zal marktwerking ervoor zorgen dat deze korting (nagenoeg) gelijk is aan de inflatie.

Kortom, de garantie is een illusie. De enige hoop die pensioenfondsen, net als alle andere leninggevers, mogen hebben is dat de rente gelijk is aan de inflatie of hoger. Als alternatief menen de schrijvers dat het op lange termijn beleggen in aandelen bescherming biedt tegen inflatie. Ook op die manier kan de koopkracht van pensioen niet kan worden gegarandeerd. De financiële bijsluiter: `In het verleden behaalde rendementen bieden geen garantie voor de toekomst' geldt ook hier en het niet lezen ervan leidt tot dromerijen over garanties die na het wakker worden gebakken lucht blijken te zijn.

    • Mr. M.W. Appeldoorn