Kremerata Baltica:

De ene cello die Schubert toevoegde aan het strijkkwartet (twee violen, altviool en cello) maakte zijn Strijkkwintet bijna tot een symfonie. Vooral in het dramatische en aangrijpende langzame deel, roept de vraag op waarom er orkesten bestaan: meer dan vijf strijkinstrumenten hoeft niet.

De Russische violist Gidon Kremer, de leider van Kremerata Baltica, komt nu met een bewerking van Schuberts Strijkkwartet in G groot voor zijn vijfentwintig leden tellende strijkorkest. In deze orkestratie neemt Schuberts muziek allerlei gedaanten aan. Soms sfeervol verglijdende strijkersmuziek, poezelig en nauwelijks Schubertiaans. Of mild en weemoedig zoals bij Tsjaikovski. Af en toe hoort men gewoon een strijkkwartet van Schubert, maar dan begeleid. Ook klinken passages als het Vioolconcert van Schubert.

En soms is deze Schubert nauwelijks te onderscheiden van het origineel.

Strijkkwartet G-groot van Schubert

(EGM 4761939)***

    • Kasper Jansen