Jaloezie

Mag je naar anderen kijken dan je geliefde? Oscar Kocken (21) heeft ruzie met zijn nieuwe lustobject

– Maar ik mag toch wel naar een ander kíjken?

– Jij kijkt niet naar een ander, jij geilt naar een ander.

– Ik geil helemaal niet. Ik houd geen tijd meer over als ik zou geilen naar iedereen die...

– Iedereen die wát?

– Iedereen die het geilen waard is.

– En waarom denk jij dat vooral anderen het geilen waard zijn?

– Omdat anderen in de meerderheid zijn. Als jij in de meerderheid was, dan zou ik wel naar jou geilen.

– Zie je wel, je geeft het gewoon toe.

– Ik geef niks toe.

– Je zegt net dat je alleen naar mij zou geilen als ik in de meerderheid was.

– Ik geil ook best af en toe naar jou.

– Mooi is dat. Ben ik ineens een lustobject.

– Soms wel.

– Zou jij dat niet eerst eens met mij overleggen?

– Wat?

– Of ik wel bereid ben om jouw lustobject te zijn.

– Ik kan toch niet aan iedereen in drievoud permissie gaan vragen?

– Aan iedereen? We hebben het nu over mij.

– Natuurlijk hebben we het over jou. We hebben het al heel de avond over jou.

– En wat is daar mis mee? Doe eens niet net alsof je dat vervelend vindt.

– Reken maar dat ik dat vervelend vind.

– Wat is daar nou weer vervelend aan?

– Van alles. Je kunt ook best eens wat interesse tonen in mij.

– Hoezo toon ik nou weer geen interesse in jou? Ik wil nota bene weten waarom jij denkt dat anderen meer het geilen waard zijn dan ik.

– Dat bedoel ik toch helemaal niet.

– Heb ik dat gevraagd of heb ik dat niet gevraagd?

– Dat heb je gevraagd.

– Nou dan?

– Je kunt ook informeren hoe ik me voel. Bijvoorbeeld.

– Hoe voel je je?

– Nee, spontaan.

– Hoe kan ik nou spontaan iets vragen als jij er eerst op zo'n manier over begint?

– Op wat voor manier begin ik er over?

– Zo beladen.

– Zo beladen?

– Je doet zo verongelijkt. Hebben we het een pietepeuterig minuutje niet over jou, ben je meteen op je teentjes getrapt. En als ik dan informeer naar hoe het met je gaat, dan noem jij dat ineens niet spontaan.

– Misschien heb je gelijk.

– Niet doen.

– Wat niet doen?

– Je moet niet zo over je laten heenlopen. Dat is niet aantrekkelijk.

– Maar als ik nu echt vind dat je gelijk hebt?

– Dan lieg je.

– Is dat dan niet aantrekkelijk?

– Misschien wel.

– Leuk.

– Leuk?

– Ja.

– Kijk niet steeds naar anderen.

– Ik kijk niet naar anderen, ik geil naar anderen.

– Voila.

– Wil jij mijn lustobject zijn?

– Best.

– Hoe heet je?

    • Oscar Kocken