Atoombureau beticht Iran van obstructie

Iran stelt het Internationaal Atoomenergie Agentschap (IAEA) niet in de staat helderheid te krijgen over enkele belangrijke openstaande vragen over zijn omstreden kernprogramma.

Dat blijkt uit een vertrouwelijk rapport van het IAEA, de nucleaire toezichthouder van de Verenigde Naties, waarop persbureau Reuters beslag heeft gelegd. Volgens het rapport heeft Iran activiteiten hervat die het volgens een overeenkomst met Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië zou opschorten.

De Iraanse onderhandelaar met het IAEA, Ali Larijani, zei gisteren voor de staats-tv dat het rapport is ingegeven door politieke motieven tegen de islamitische republiek. ,,De kritiek snijdt geen hout, wettelijk noch technisch'', aldus Larijani. Hij voegde eraan toe dat Teheran met de IAEA wil blijven samenwerken.

Volgens de notitie, opgesteld door IAEA-chef Mohamed ElBaradei, tast het agentschap op cruciale punten in het duister. ,,In het licht van het feit dat het agentschap nog steeds niet in de positie verkeerd om volledige opheldering te verschaffen over enkele belangrijke openstaande vragen na tweeëneenhalf jaar van intensieve inspecties en onderzoek, is volledige transparantie van Iran onontbeerlijk en te laat'', aldus ElBaradei.

Het Weense VN-agentschap heeft onder meer vragen over de wijze waarop Iran met uranium en plutonium werkt. Beide stoffen kunnen worden gebruikt voor de productie van kernwapens. Ook heeft het regime in Teheran steeds geweigerd IAEA-inspecteurs toe te laten op de militaire basis Parchin, nabij de hoofdstad Teheran. Volgens Iraanse dissidenten zou het land daar uranium hebben verrijkt met het doel kernwapens te maken.

De rapportage van het IAEA speelt een belangrijke rol in het overleg binnen de VN over mogelijke tegenmaatregelen tegen Iran vanwege zijn omstreden nucleaire programma. Dit overleg is voor later deze maand gepland. Verschillende westerse landen overwegen de kwestie voor te leggen aan de VN-Veiligheidsraad.

Begin vorige maand kondigde Iran aan de conversie van vast uranium in gas (uraniumhexafluoride) te hervatten. ElBaradei bevestigt dat dit inderdaad is gebeurd. Deze omzetting, in een fabriek in Isfahan, kan voorafgaan aan uraniumverrijking, die op haar beurt de weg opent naar de productie van brandstof voor kerncentrales, maar ook van splijtstof voor kernwapens. Controle daarop kan de IAEA niet uitoefenen, klaagt de IAEA-chef.

De hervatting van de werkzaamheden in Isfahan was een streep door de rekening van de drie grote EU-landen. Zij hebben de afgelopen jaren geprobeerd het regime in Teheran over te halen om buiten de splijtstofcyclus te blijven in ruil voor politieke, economische en technologische samenwerking.

Teheran stelt zich daarentegen op het standpunt dat het, ook binnen het bestaande non-proliferatieverdrag over de verspreiding van kernmateriaal, het recht heeft om nucleaire activiteiten te ontplooien. Het wil daaraan op geen enkele wijze laten tornen.