Stampen voor prachtbaan

Wie werd het twaalfde lid van de eurozone? Hoeveel richtlijnen bevat het Witboek voor de voltooiing van de interne markt? Hoeveel nieuwe deelstaten kreeg de DDR met de Duitse eenmaking? ,,Ik zou heel hard moeten studeren wil ik deze vragen goed kunnen beantwoorden'', lacht Miriam Voets (32) van de Erasmus Academy, een opleidingsinstituut voor permanente educatie van de Erasmus Universiteit van Rotterdam.

Niet Voets hoeft alle antwoorden te kennen op deze vragen, wel sollicitanten die bij de Europese Unie willen werken. Want in Brussel kom je niet zomaar. Alleen al het toelatingsexamen (concours) voor een sollicitatiegesprek is dermate zwaar dat een training vereist is.

Vorige week kreeg de Erasmus Academy de opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken om sollicitanten klaar te stomen voor een Europese carrière. Voets leidt het trainingsprogramma.

,,Brussel gaat voor de best and the brightest'', zegt Voets. Maar Nederland blijkt weinig best and brightest te hebben, want slechts een paar procent slaagt erin de zware concoursen met succes af te leggen en een fel begeerde baan bij een EU-instelling of directoraat-generaal (DG) in de wacht te slepen.

,,We trainen om meer Nederlanders in Brussel te krijgen'', zegt Voets, die nauw contact heeft met het Bureau Internationale Ambtenaren van het ministerie over de opzet van het programma. Deze weken voert Voets vooral gesprekken met docenten over de inhoud van de training. Want de eerste aanmeldingen voor trainingen worden al in de loop van september verwacht. Zo heeft Voets net met een docent doorgenomen hoe de Brusselse begroting, 100 miljard euro per jaar, het best kan worden opgenomen in de training. Inkomsten en uitgaven moeten degelijk worden behandeld. ,,Het belangrijkst is feitenkennis. Daar trainen we op'', zegt Voets. Gebrek aan kennis over het functioneren van de EU blijkt de zwakke plek van Nederlanders te zijn.

De training die Voets organiseert bestaat uit colleges en uit een zwaar programma van zelfstudie (E-learning) via internet, waarbij de sollicitant boeken en vragen zelf moet bestuderen. ,,We kunnen bij de Erasmus Universiteit putten uit alle vakgebieden. Die schat aan kennis is onze kracht'', zegt Voets, die ook trainingen organiseerde bij instellingen.

In totaal zijn er drie rondes bij een sollicitatie naar een Europese baan. Het eerste concours bestaat uit een serie multiple choice-vragen. ,,Behoorlijk pittig. Echt stampen om deze feiten in je hoofd te krijgen'', zegt Voets. Daarna volgt de `dossierproef', analyse van een richtlijn bijvoorbeeld waarbij vakspecifieke kennis wordt getoetst.

,,Hier trainen we op schrijven. Sollicitanten zijn gewend met de computer te werken en raken van slag omdat het werkstuk voor de dossierproef met de hand moet worden geschreven.'' Is ook de ronde `logisch redeneren' met de beste cijfers afgesloten, dan volgt pas het sollicitatiegesprek. ,,Slaag je daarvoor, dan heb je nog geen baan'', zegt Voets. De gelukkige komt op een reservelijst te staan waaruit de directeuren-generaal naar believe mogen plukken. ,,Motivatie en doorzettingsvermogen zijn een vereiste'', zegt Voets, want de hele procedure beslaat anderhalf jaar. Maar slaagt iemand, dan kan hij volgens haar rekenen op een prachtbaan. Maar wat als Brussel een foutje maakt? Want niet de DDR, maar de BRD kreeg er deelstaten bij, en wel zes.