Luilakken en ergernis

Bijna 80 procent van de bazen en de medewerkers in Britse bedrijven vindt dat hun collega's de kantjes ervan aflopen. Dat is de uitkomst van een onderzoek dat het Engelse adviesbureau IIP, Investors in People UK, heeft laten uitvoeren. Nu verkoopt IIP toevallig zelf programma's voor productiviteitsverbetering, dus dat komt goed uit. Als het onderzoek klopt dan hebben ze voorlopig werk genoeg.

Het kan natuurlijk zo zijn dat er in elk bedrijf maar een of twee uitvreters rondlopen waar 80 procent van de collega's zich aan ergert, terwijl de hele rest soepel op volle toeren draait. Dat is dan jammer voor IIP, want voor twee man per bedrijf krijg je geen duur programma verkocht. Maar volgens IIP is de kwestie veel ernstiger. Directeur van het bureau Ruth Spellman vertelt met een verontwaardiging die bijna haar commerciële belang overschaduwt dat ,,dor hout een probleem is dat een hele organisatie kan schaden. Als er niets wordt gedaan aan personeel dat niet zijn deel van de kar trekt, leidt dat tot wrevel bij collega's en dat is fataal voor de productiviteit van een organisatie.''

Ik ben niet afgestudeerd in de statistiek, maar als 80 procent vindt dat het merendeel te weinig uitvoert, dan zitten er onder die vermeende lapswanzen heel veel die van zichzelf vinden dat ze erg hard werken. Als mevrouw Spellman daar met haar productiviteitsprogramma langskomt om de druk wat op te voeren, dan zie ik daar geen vrolijk en efficiënt zoevende organisatie ontstaan. Je zult het maar meemaken: je werkt al te hard en dan komt er iemand langs om te vertellen dat je dor hout bent. Je eerste reactie is overspannen thuisblijven en een psychiater of advocaat zoeken. Misschien stijgt de productiviteit op de dag dat je je ziek meldt, maar was dat de bedoeling?

Tachtig van de honderd vinden dat anderen te weinig doen. Zo werkt dus bijna iedereen hard terwijl hij toch ergernis wekt bij een ander, en zijn de meeste mensen bezig met te veel inspanning, te weinig gedaan te krijgen. Daar worden ze kribbig van, ze zien geen kans hulp te vragen, en vervolgens zoekt ieder naar beproefd recept een ander die de schuld moet zijn van zijn chagrijn. Zo wordt de collega die een beetje ontspannen fluitend de dag doorkomt tot vijand.

Volgens het rapport van mevrouw Spellman ligt het probleem bij de nietsnutten en is het ,,pure luiheid''. Misschien. Maar zeker net zo'n groot probleem als de luiheid van die nietsnutten is het gekanker erover door de gestressten, hardop of binnensmonds. Kankeren is ,,ongewenste geestelijke celdeling'' hoorde ik laatst iemand zeggen. Het komt voort uit machteloosheid, gefrustreerde inzet en geblokkeerde energie. Misschien weet mevrouw Spellmans club dat ook wel, maar kan ze in een markt als Groot-Brittannië niet aankomen met een soft verhaal over empowerment of vrijmaken van energie en inzet. Hangt ze daarom zulke stoere praat op, dat managers moeten leren iets aan dor hout te doen? Zo heeft ze het over het voorbeeldgedrag van de baas, waaruit moet blijken dat hij bereid is voor zijn werk ,,alles te geven''.

Investors in People heeft ook laten uitzoeken hoe je dor hout in de organisatie opspoort. Het is heel gemakkelijk, want dit inferieure menselijke investeringsmateriaal verraadt zich door drie opvallende kenmerken. Ze zijn niet happig op extra verantwoordelijkheden, ze maken goede sier met het werk van anderen – hoewel dat vermoedelijk niet slaat op bonussen incasserende bazen – en, het verwerpelijkst van al, ze laten persoonlijke belangen prevaleren boven werk. Zij – het is bijna te erg voor woorden – geven niet alles.

Natuurlijk zijn er ook nog twintig van de honderd ondervraagden die niet over hun collega's klagen. Als ik een gok mag doen zijn dat vooral de mensen die hun werk goed geregeld hebben. Ze hebben gezorgd voor hulpmiddelen en gereedschappen die passen bij de taak, en met collega's hebben ze goede afspraken om het werk soepel te laten doorstromen. Ze hoeven niet geïrriteerd of opgewonden te zijn, en kunnen zo met begrip en waardering over hun collega's spreken. En ze hebben tijd over om te denken aan huis en hobby. Prettige mensen, waarvan je er liever meer dan minder in je bedrijf zou hebben. Eigenlijk zou je een stuk of zestig van die tachtig mopperkonten wel die kant uit willen hebben, dat zou de sfeer in het bedrijf, het ziekteverzuim en de productiviteit veel goed doen. Hoe? Kijk als manager eens goed naar de verhouding tussen taak en middelen van je mensen, en hoe ze hun werkafspraken geregeld hebben. Door een paar kleine blokkades weg te nemen vermindert de stress, en kan er vaak al veel loskomen. Stop het kankeren, en doe het zelf ook niet.

Het is niet nodig alle tachtig mopperaars te bekeren. Een bedrijf met alleen engelen en heiligen kan een duffe, gestagneerde plek worden. Met een paar boze, opgewonden standjes blijft de boel op spanning. Juist de ontevredenen, degenen die het hier en nu niks vinden, kun je uitdagen om met een beter plan te komen. Alleen als ze blijven kankeren om te kankeren, dan moet je ze waarschijnlijk kwijt. Behalve als de organisatie bereid is ze te gedogen als een soort huisbrompotten – soms lastig, maar ze horen er wel bij en ze zijn op een speciale manier nog wel aardig ook.

Intussen zie ik in gedachten mevrouw Spellman thuiskomen op de dag van het persbericht waarmee ze haar onderzoek heeft gepubliceerd. Met veel succes trouwens, want via het ANP kwam het bij heel wat kranten terecht en nu schrijf ik er ook alweer over. Ze schopt haar pumps uit, ruilt haar power suit om voor iets gemakkelijks en schuift aan de keukentafel aan bij partner en kinderen. ,,Ik heb voor mijn eigen productiviteit vandaag toch weer zulke afschuwelijke onzin moeten vertellen, over efficiency, dor hout en alles geven voor het werk. Maar nu ben ik bij jullie en kan ik mijn persoonlijke belang laten voorgaan. Kom schattebouten, geef me een knuffel!''

    • Johan Schaberg