De hel in een Bounty-paradijs

In het tv-drama Lost bevinden 48 vreemden zich na een vliegtuigramp met elkaar op een tropisch eiland. Hoe overleven ze? Of zijn ze misschien al dood?

Net als je denkt dat je alle decors wel kent, verzint iemand een onbewoond eiland als plaats van handeling, en maakt J.J. Abrams daar een tv-serie van die het midden houdt tussen Samuel Beckett, een horrorversie van Fantasy Island en een volwassen Lord of the Flies. Het begin van Lost was dit voorjaar al te zien; morgenavond wordt op Net5 het eerste seizoen hervat.

Lost lijkt eerst een overlevingsverhaal over een groep mensen die neerstort op een tropisch eiland. Maar al snel ga je twijfelen: is dit een relatiedrama, horror, of de werkelijkheid? En na twaalf afleveringen twijfel je nog steeds. Zijn die voetsporen echt? Waar komt die gigantische ijsbeer vandaan? Wie zijn die mensen die blijkbaar al jaren eerder op het eiland strandden? Of is iedereen eigenlijk dood, en speelt dit verhaal in een soort vagevuur? Lost speelt in op angsten die elk mens koestert: verdwalen en niet naar huis kunnen, neerstorten met een vliegtuig, sympathieke onbekenden die moordenaars blijken te zijn.

Van Robinson Crusoë tot Tom Hanks in Cast Away, gestrand zijn op een onbewoond eiland is bepaald geen nieuw thema. De succesvolle reality-serie Expeditie Robinson gaat over gestranden op een tropisch eiland die met primitieve middelen moeten overleven en intussen aan proeven worden onderworpen, zodat er een paar weken later een `winnaar' is. Als kijker geniet je van hun ontberingen en kies je je favorieten, maar word je niet echt deel van het verhaal.

Zulke afstandelijkheid is bij Lost onmogelijk. Steeds kijk je door de ogen van een van de achtenveertig gestranden. Bij climaxen blikt de camera als een angstig mens om zich heen met veel close-ups, begeleid door horrorviolen en dreunende hartslagen. Je weet het zeker: ik ben het zelf. Ik bivakkeer op dat eiland, dat eruit ziet als een Bounty-paradijs maar dat ieder moment om kan slaan naar een hel. Een eiland waar onder een klaterende waterval opeens een rijtje vliegtuigstoelen opduikt, met de verdronken medepassagiers nog in hun veiligheidsriemen.

Als met een van de personages iets gebeurt op het eiland, stapt Lost in flashbacks terug naar zijn of haar verleden: dat kan om bankovervallen gaan, ziekenhuisscènes, verstoorde vader-zoonrelaties, enzovoort. Zo ontdek je dat de kwellingen die de personages ondergaan vaak pijnlijk nauwkeurig zijn toegesneden op hun eigen angsten.

Een van de hoofdpersonen heeft een nauwe band met zijn mooie stiefzus. Op het eiland kan hij niet voorkomen dat een monster haar verslindt, en pas dan durft hij zich te realiseren hoe zij hem gebruikte. Hij voelt zelfs een zekere bevrijding. Terug in het kamp zit ze gezellig te kletsen bij het vuur. Ze leeft, maar hun relatie is veranderd. Die vloeiende overgang tussen werkelijkheid en fantasie heeft Lost gemeen met Twin Peaks, het zwarte sprookje van David Lynch.

De kijker wordt de serie binnengeleid door een man met een stoere tattoo die arts blijkt te zijn, en die het been van iemand met wondkoorts kan afzetten. Maar de kracht van Lost zit in het ensemblespel. Halverwege het eerste seizoen weet je dat er zich niet alleen een dokter en een moordenares onder de passagiers bevinden, maar ken je ook de Arabische man die martelde in de Republikeinse Garde van Irak, de Koreaanse die voor haar man verzwijgt dat ze Engels spreekt, de verslaafde gitarist van een Britse rockgroep en de zwangere alleenstaande vrouw. Het mededogen dat je met hen voelt en de wens hen beter te leren kennen dwingt je week na week weer veertig minuten tot je te nemen.

Lost is meer nog dan de terreurthriller 24 een na-9/11-verhaal. De serie speelt zich af tussen rokende puinhopen van een opgeblazen beschaving, als de mens op zichzelf is aangewezen en de natuur het overneemt. In Lost werpt iemand zich op als jager van wilde zwijnen en legt een ander een groententuintje aan. Een deel van de gestranden blijft passief hopen op redding; een ander deel beseft na een week dat ze ver van de vliegroutes zijn neergestort en zich beter kunnen voorbereiden op een lang verblijf. Iedere aflevering brengt het verhaal één of twee dagen verder.

Regisseur-scenarist J.J. Abrams (39) was eerder succesvol op de Amerikaanse televisie met Felicity (1998-2002) en vooral met zijn stripachtige Alias (2001) over een mooie, jonge spionne. In de VS is Lost na CSI en Desperate Housewives een van de meest bekeken dramaseries. Het is tragisch voor de mensen op het eiland, maar redding zal nog lang uitblijven. Er komt in elk geval een tweede seizoen.

`Lost', vanaf 2 september op vrijdagen om 21.30 uur op Net5

    • Dirk Limburg