Cornelissen

Wat de mens zo kwetsbaar maakt, is niet de relatie met zijn ouders, partners, kinderen en vrienden, maar met zijn technische dienstverleners.

Ik wil niet ontkennen dat er vaak dramatische spanningen optreden in het contact met de eerstgenoemde groep, maar daaruit kunnen later weer mooie films en boeken ontstaan die troost en verstrooiing bieden. Heel anders gaat het toe in onze strijd met onder meer computerbedrijven, helpdesks en kabelondernemingen. Daar heerst peilloze verbittering, uitmondend in depressies en (zelf)moordneigingen, waar verder niemand belangstelling voor heeft.

De man tegenover mij in de trein leek het laatste stadium al te hebben bereikt. Zijn gezicht was grauw en dodelijk vermoeid. Zijn werkdag zat erop, hij was op weg naar huis en belde mobiel met zijn technische dienstverlener. We gaan even naar hem luisteren.

,,Jullie zouden me terugbellen, dat zouden jullie al 2.000 keer gedaan hebben, maar ik heb natuurlijk weer niets gehoord. Nee, mevrouw, helemaal niets. Is meneer Cornelissen daar? Nee, waarom niet? Hij heeft destijds mijn klachten genoteerd, hij zou er achteraan gaan... Ik ga een officiële klacht indienen, dat begrijpt u zeker wel? Ik ben het spuugzat. Die helpdesk van jullie functioneert 's avonds absoluut niet. Ik heb er totaal geen vertrouwen meer in... Moet u luisteren, ik ben drie weken geleden drie straten verhuisd en ik heb nog steeds geen verbinding. Volstrekt onacceptabel. Geef me nou die Cornelissen, of is-ie al ontslagen?''

Er viel een stilte. Ik dacht dat de mevrouw van de dienstverlenende c.q. dienstweigerende instantie het gesprek beëindigd had, maar ze bleek hem met iemand anders te hebben doorverbonden.

,,Wie? Cornelissen? Nee? Hoe is úw naam? O... nou, ik ga het verhaal niet helemaal opnieuw vertellen, maar ik verzeker u dat ik het niet langer neem. Ik ga een officiële klacht indienen en ik zoek er desnoods de beste advocaat bij die ik kan betalen. Een schande is het. Ik heb vroeger lang in het buitenland gewerkt, daar werden zulke dingen op één dag geregeld. Vindt u het normaal om iemand drie weken te laten wachten? Vinden wij dat tegenwoordig normaal? Weet u wat jullie probleem is? Jullie zijn niet in staat om in je eigen systeem na te gaan welke handelingen er verricht zijn!''

In de retorische pauze die hij inlaste, stelde ik me Cornelissen voor: een vlotte jongen op gymschoenen die ergens in een hoog kantoorpand de telefoniste een kushandje toewierp en er ijlings vandoor ging.

De man tegenover mij zat nu reddeloos opgesloten in de cirkel van verontwaardiging die hij om zijn ego had getrokken. Er was geen weg meer terug naar milde pogingen tot overreding, hij kon alleen nog maar woedender worden. Maar hij vocht met een onzichtbare vijand die zich verschanste achter in lijdzaamheid getrainde telefonistes en steeds weer andere Cornelissens.

,,Vergeet het, gooi je computer het raam uit, ga naar een ander bedrijf, keer desnoods terug naar het buitenland.''

Ik had het mijn overbuurman allemaal willen toeroepen, maar ik besefte dat ik me erbuiten moest houden. Je moet een mens niet altijd zijn woede afnemen, zijn laatste houvast in de chaos.

    • Frits Abrahams