Bezwaren tegen dragen van een hoofddoek 1

Nora Kasrioui heeft er moeite mee dat sommigen de islamitische hoofddoek onaanvaardbaar vinden (NRC Handelsblad, 26 augustus). Zij negeert een belangrijk bezwaar tegen het dragen daarvan; er bestaat nl. een grote kans dat de draagster hiervan een orthodox-gelovige is, met bijbehorende intolerantie of haat t.o.v. christenen, joden, boeddhisten, atheïsten, homoseksuelen, agnosten en hindoes. Dit lijkt me geen bijdrage aan respect voor de medemens, een belangrijk fundament in ons seculiere land.

Turkije en Frankrijk hebben het dragen van de islamitische hoofddoek in openbare gelegenheden bij wet verboden (zover is ons parlement nog niet gekomen).

Godsdienstige uitingen in het openbare leven behoren niet door de overheid te worden ondersteund, maar zoveel mogelijk beperkt te worden, teneinde de kwaliteit van de samenleving te verbeteren en (openlijke dan wel latente) discriminatie door de religieus van de niet- of anders-religieus tegen te gaan. Het dragen van de islamitische hoofddoek is nu juist een vorm van dit type discriminatie.

    • Alphons Mantel